Article

17.05.2017

Marktmisbruik: dit moet u onthouden over de nieuwe reglementering

Om zich aan te passen aan de Europese richtlijn, voert België een nieuwe regelgeving over marktmisbruik in. Het wetsvoorstel legt de onderzoeksbevoegdheden vast en verfijnt ze. Hoe raakt u wegwijs in de nieuwe regels?

Sinds juni 2016 geldt een nieuw juridisch kader voor marktmisbruik binnen de Europese Unie. De verordening Marktmisbruik (596/2014) is bedoeld om erop toe te zien dat de regelgeving van de lidstaten wordt aangepast aan de financiële ontwikkelingen om zo misbruiken op de financiële markten (met inbegrip van de derivatenmarkten) en op de grondstofmarkten te voorkomen.

Er wordt een onderscheid gemaakt tussen drie soorten misbruik:

  • Marktmanipulatie;
  • Handelen met voorkennis;
  • Wederrechtelijke mededeling van voorkennis.

De Europese wetgever is van mening dat marktmisbruik de integriteit van de financiële markten schaadt en het vertrouwen aantast, zowel op de effecten- als op de derivaatmarkten. We merken op dat de toepassingssfeer van de verordening wordt uitgebreid naar verhandelbare financiële instrumenten.

"Voor een geïntegreerde, efficiënte en transparante financiële markt is marktintegriteit nodig." Europees Parlement, 16 april 2014

België past zich aan

Op 31 maart laatstleden keurde de ministerraad een wetsvoorstel goed voor de invoering van de Europese verordening over marktmisbruik in België. Hoewel het reglement direct van toepassing was in ons land, moesten bepaalde bepalingen toch eerst worden omgezet in nationaal recht.

Als het wetsvoorstel wordt goedgekeurd, zal dat de onderzoeksbevoegdheden vastleggen en verfijnen. Wat zijn de maatregelen? Onder andere het beroepsverbod, de vraag om gegevens over elektronische communicatie, beslag en huiszoekingen en de invoering van voorzieningen voor klokkenluiders.

De sancties zijn bovendien zwaar. De EU legt voortaan administratieve boetes op van een bedrag van 1 tot 15 miljoen euro of 15% van de totale jaaromzet van de ondernemingen.

Aandeleninkoop

De omgezette verordening heeft ook betrekking op inkooptransacties voor eigen aandelen. Om het vermoeden van legitimiteit te genieten, moeten aandeleninkopen voldoen aan de bepalingen van de verordening. De transacties moeten voortaan worden uitgevoerd op gereglementeerde markten of een MTF (Multilateral Trading Facility). Voor derivaten geldt dat vermoeden niet.

Article

30.07.2019

Kmo’s: drijvende kracht achter de werkgelegenheid, maar (nog) niet achter de lonen ...

Hoewel kmo’s een van de drijvende krachten vormen wat de werkgelegenheid in België betreft, volgt het salarisniveau meestal niet. Zo zouden de lonen er 20% lager liggen dan in grote bedrijven ...

De voorbije tien jaar is het aantal kmo’s blijven groeien in België. Dat blijkt ook uit het rapport van Graydon in samenwerking met de UCM en UNIZO: tussen 2008 en 2017 zou hun aantal met 23,2% gestegen zijn. Dat betekent dat er eind 2017 meer dan een miljoen kmo’s actief waren. Aangezien ze 99% van het nationale economische weefsel vertegenwoordigen, zijn ze van cruciaal belang voor onze economie, zeker als het gaat om het creëren van banen ...

De evolutie van de werkgelegenheid? Gestaag

Er wordt al jarenlang een stijging genoteerd. Dat werd in het eerste kwartaal van 2019 nog maar eens bevestigd met een stijging van 0,9% van de banen die gecreëerd worden in bedrijven met minder dan 100 werknemers. In dit positieve kader zijn het de allerkleinste kmo’s (minder dan 20 werknemers) die het nog beter doen. Een vaststelling die volledig in lijn ligt met het recentste rapport van de OESO over het onderwerp op Europees niveau (“Perspectieven van de OESO op de kmo’s en het ondernemerschap). Het percentage jobcreatie zou er immers hoger liggen dan in grotere ondernemingen. Een gunstige situatie die evenwel de obstakels niet mag verdoezelen die de ontwikkeling van kmo’s remmen, onder andere de moeilijkheid om financiering te vinden, nieuwe markten te veroveren of partnerschappen aan te knopen. Om nog maar te zwijgen over de problemen om bekwaam personeel aan te werven en op te leiden. Die struikelblokken beïnvloeden uiteraard hun productiviteit, maar ook hun looncompetitiviteit ...

“Slabakkende” lonen

20%: zoveel bedraagt het verschil volgens het rapport van de OESO tussen de verloningen aangeboden door de kmo’s en die van grote bedrijven op Europees niveau. Een trend die zich ook in België doorzet. Verschillende factoren kunnen die situatie verklaren: de moeilijkheden die verbonden zijn aan hun grootte, meer bepaald om toegang te krijgen tot strategische hulpmiddelen (competentie, financieringen, ...). Heel wat kmo’s zijn bovendien ook nog “jong”. 24,3% is minder dan vijf jaar oud en 44,1% minder dan tien jaar. Omdat ze afhankelijker zijn van het economische ecosysteem en van de “overheidsacties”, moeten ze ook een evenwicht zien te vinden tussen hun financiële stabiliteit (die aan het verbeteren is) en een vaak nog stagnerende rentabiliteit. Een context die een stijging van de lonen niet meteen in de hand werkt ...

Er bestaan oplossingen!

Ondanks dit alles vatten tal van kmo’s de koe bij de hoorns om het dagelijkse leven van hun werknemers te verbeteren en om de beste krachten aan te trekken en te behouden. En dat moet ook nu er een heuse “talentenoorlog” woedt. Zelfs als een loonsverhoging niet altijd mogelijk is, bestaan er alternatieven om bekwame profielen te overtuigen, meer bepaald met een dynamische werkcontext die de werknemer motiveert, maar ook met extralegale voordelen of flexibele verloningsmodellen: resultaatgebonden bonusplannen, aanvullend pensioen of een hospitalisatieverzekering. En dan hebben we het nog niet over het stijgende succes van de “winstpremie”. Het is dan ook geen toeval dat een kwart van de Belgische kmo’s deze mechanismes wil invoeren in de loop van 2019. Stuk voor stuk systemen die eenvoudig geïmplementeerd kunnen worden en zowel voor de werknemer als de werkgever fiscaal voordelig zijn. Maar dat is niet altijd genoeg ...

Overheidsacties ...

Zoals het rapport van de OESO benadrukt, moet de overheid tegen een achtergrond van extreme concurrentie en technologische veranderingen ook in actie treden om de groei van de kmo’s te blijven steunen. Hoe dan? Door de factoren te beïnvloeden die de groei stimuleren en door bepaalde struikelblokken op te heffen op het vlak van rekrutering, financiering en innovatie. De uitdaging bestaat er ook in de versnelling van de verspreiding van innovatie te bevorderen en ervoor te waken dat de kmo’s het ritme van de digitale transformatie kunnen volgen. De staat heeft er bovendien alle belang bij om een klimaat te creëren dat de werkgelegenheid en de permanente opleiding van het personeel aanmoedigt. Dat kan bijvoorbeeld door het opheffen van de administratieve verplichtingen of door de belastingdruk naar beneden te halen. Kwestie van de kmo’s dat noodzakelijke duwtje in de rug te geven, dat hen kan helpen om een betere rentabiliteit te verzekeren en de lonen te boosten ...

Article

15.07.2019

De 'nieuwe' naamloze vennootschap onder de loep

Het Wetboek van vennootschappen en verenigingen werd grondig herzien. De naamloze vennootschap overleefde de hervorming, maar kreeg een grondige update. Dit zijn de belangrijkste veranderingen.

Na een lang wetgevingsproces trad de grote hervorming van het vennootschaps- en verenigingsrecht op 1 mei 2019 in werking. Een ware revolutie om de werking van het economische leven in België te moderniseren en te vereenvoudigen. De voornaamste wijziging was de vermindering van het aantal juridische vennootschapsvormen van een twintigtal naar slechts zes. Een grondige inkrimping, maar de naamloze vennootschap wist toch te overleven. De nv blijft de juridische referentievorm bij uitstek voor grote bedrijven, maar onderging toch enkele grote veranderingen.

De bedoeling? Vereenvoudiging en flexibiliteit

Het streven naar vereenvoudiging en flexibiliteit vinden we in de eerste plaats terug in de wijziging van de oprichtingsmodaliteiten. Voortaan is slechts één aandeelhouder immers voldoende om een nv op te richten. Een andere vereenvoudiging is de mogelijkheid om slechts één bestuurder aan te stellen aan het hoofd van het bedrijf, terwijl dat er vroeger minstens drie (of twee, indien er slechts twee aandeelhouders waren) moesten zijn.

De volledige governance van de nv werd bovendien herbekeken om de werking ervan te vergemakkelijken. Zo zien we nu drie mogelijke modellen: de aanpak met slechts één bestuurder, een monistisch systeem met alleen een raad van bestuur (standaardoplossing) of een duaal bestuur. Dat laatste bestaat uit twee organen met elk een takenpakket dat hen specifiek door de wet is toegekend: een raad van toezicht en een directieraad. In dit tweekoppige beheer zijn dubbele mandaten voortaan wel verboden.

Nog steeds met het oog op vereenvoudiging, wordt de terugkoop van eigen aandelen vandaag eenvoudiger, want het plafond van 20% werd afgeschaft. Deze operatie blijft evenwel onderworpen aan zeer strikte regels om ervoor te zorgen dat de aandeelhouders gelijk behandeld worden en om de transparantie te waarborgen bij een eventuele wederverkoop van de aandelen.

Meer vrijheid

Dit is wellicht een van de grootste veranderingen van de hervorming: de mogelijkheid om af te wijken van het principe 'één aandeel, één stem'. Hoewel dit de standaardregel blijft, kunnen niet-beursgenoteerde bedrijven er voortaan voor kiezen om aandelen uit te geven zonder stemrecht, of het tegenovergestelde met een meervoudig stemrecht (onbeperkt). Ze kunnen zelfs aandelen uitgeven met een stemrecht gekoppeld aan een specifieke of 'voorkeurssituatie', bijvoorbeeld in het kader van een kapitaalverhoging. Met andere woorden? Ze krijgen een pak meer beweegruimte ... Ze moeten echter wel een statutenwijziging doorvoeren en 75% van de stemmen behalen om dit mechanisme in te voeren.

Voor de beursgenoteerde nv's zijn er minder mogelijkheden. De aandelen kunnen evenwel worden uitgegeven met een dubbel stemrecht. De voorwaarde is dan wel dat ze op naam zijn, volledig volgestort en in handen van dezelfde aandeelhouder sinds minstens twee jaar. Bij een overdracht verdwijnt dat tweede stemrecht (tenzij in uitzonderingen: familie-overdrachten en overdrachten binnen de groep). Om dit systeem in te voeren, is een tweederdemeerderheid nodig. Volgens de experten zou dit systeem bovendien buitenlandse bedrijven kunnen aanzetten om een notering op Euronext Brussels te vragen. 

Beperktere bestuurdersaansprakelijkheid

De wetgever zorgde ook voor een beperktere bestuurdersaansprakelijkheid, onder meer om België aantrekkelijker te maken bij hogere buitenlandse profielen. Er geldt voortaan een plafond voor die aansprakelijkheid, zowel ten opzichte van de vennootschap als van derden, en ongeacht de (buiten-)contractuele grondslag van de aansprakelijkheid. Dat plafond varieert naargelang de grootte van het bedrijf: tot 250.000 euro voor 'kleine' bedrijven en maximaal 12 miljoen euro voor de grote. Voor dat plafond zijn er uiteraard ook een reeks uitzonderingen, zoals lichte fouten die eerder gewoonlijk dan toevallig gebeuren, ernstige fouten, bedrieglijk opzet of oogmerk om te schaden, fiscale en sociale schulden of ernstige fiscale fraude.

Statutaire zetel: minder onzekerheden

In België is vanaf nu de statutaire zetel bepalend voor de nationaliteit van het bedrijf. Het is dus wel degelijk de maatschappelijke zetel opgenomen in de statuten – en niet meer de plaats van de vestiging van de voornaamste eenheid volgens de theorie van de 'reële zetel' – die voortaan bepaalt welk recht van toepassing is op de onderneming. De bedoeling daarvan is dat de Belgische bedrijven met een operationele eenheid in het buitenland de Belgische wetgeving met zich 'mee kunnen nemen'. Het tegenovergestelde geldt uiteraard ook ... Buitenlandse bedrijven vallen dus onder hun eigen regelgeving. Deze nieuwe aanpak zorgt voor heel wat verduidelijking, want vroeger was het voor bedrijven niet altijd vanzelfsprekend om hun reële operationele zetel te bepalen. Deze grotere juridische zekerheid zou de bedrijven ook moeten geruststellen, met name bij de overdracht van een land naar een ander. Op fiscaal vlak blijft de theorie van de 'reële zetel' evenwel van kracht.

Overgang nog bezig

Dit nieuwe wettelijke kader is dus van toepassing sinds 1 mei 2019 voor de oprichting van nieuwe vennootschappen of verenigingen. Voor de reeds bestaande bedrijven is 1 januari 2020 van belang (tenzij ze hun 'opt-in' reeds voor die datum wensen te gebruiken): sommige regels van de hervorming zullen voor de bestaande bedrijven vanaf volgend jaar van toepassing zijn. Bovendien werd er tussen 2020 en 2023 een overgangsperiode voorzien om alle bestaande structuren de kans te geven om hun statuten en juridische vorm te herbekijken. Voor sommige situaties is eveneens een aanpassing van de aandeelhoudersovereenkomsten of managementovereenkomsten nodig. Die bijwerking zou ten laatste tegen 1 januari 2024 in orde moeten zijn. Een periode die bovendien nuttig kan zijn om even grondig na te denken over de nieuwe juridische gedaante van het bedrijf.

Article

16.06.2019

Jacques Crahay: "We staan op een kruispunt!"

Als Groene Hoofdstad van Europa kreeg Oslo enkele Belgische bedrijven op bezoek voor een studiereis over decarbonisering. Jacques Crahay, CEO van Cosucra, een belangrijke speler uit de voedingssector, was erbij.

BNP Paribas Fortis Corporate Banking nodigde tachtig klanten uit om van 5 tot 7 februari mee te reizen naar Oslo. Ze kregen er de kans om zelf verschillende initiatieven op het vlak van decarbonisering te ontdekken. Voor die tachtig bedrijven was deze reis niet alleen een unieke gelegenheid om zelf te gaan nadenken over deze thematiek, maar ook om eventueel inspiratie op te doen en hun eigen energietransitie in een stroomversnelling te brengen. Een van de deelnemers was Jacques Crahay, CEO van Cosucra, een belangrijke speler in de productie van voedingsingrediënten die bijdragen tot de gezondheid en afkomstig zijn van chicorei en erwten. Daarnaast is Jacques Crahay ook Voorzitter van de Union Wallonne des Entreprises. Het bedrijf uit Warcoing was vroeger een familiale suikerfabriek (opgericht in 1852) en is een mooi voorbeeld van een organisatie die zichzelf voortdurend opnieuw weet uit te vinden: eerst was er de evolutie van suikerbiet naar chicorei en in de jaren 2000 zorgde de huidige bedrijfsleider voor een stevige ommekeer door te gaan mikken op erwten. Een succesverhaal dat van dit Waalse bedrijf een wereldleider maakt op het vlak van plantaardige eiwitten.

Een uitdaging van formaat

Oslo werd verkozen tot Groene Hoofdstad van Europa en werpt zich op als dé plek bij uitstek om van gedachten te wisselen en ervaringen te delen rond milieuvraagstukken en in het bijzonder decarbonisering. "Noorwegen, dat een beetje gezegend is door de goden omdat 100% van zijn elektriciteit uit waterkracht komt, heeft zeker een voorsprong op België. En dan met name op het vlak van de bewustwording rond deze uitdagingen en de middelen die ervoor worden ingezet", onderstreept Jacques Crahay. "Maar zijn de resultaten ook echt overtuigend? Daar ben ik niet zo zeker van en ik heb het bewijs ook niet gezien. Dat bevestigt een van mijn grootste bedenkingen: decarbonisering is een immense uitdaging!" Die vaststelling leek ook bevestigd te worden tijdens een van de hoogtepunten van ons bezoek aan Scandinavië ... "We hadden de eer om Jørgen Randers te ontmoeten (n.v.d.r. een Noorse universitair en een echte topfiguur op het vlak van klimaat; hij is ook medeauteur van onder meer het beroemde Meadows-rapport van de Club van Rome in 1972). Hoewel zijn toespraak (helaas!) een tikkeltje te kort was, ging ze wel degelijk in dezelfde richting. Ondanks de vele inspanningen heeft Noorwegen het moeilijk om zijn ecologische impact te verkleinen ..."

Elektrisch rijden als centraal gespreksonderwerp

Maar de strijd is daarom niet helemaal vergeefs. Integendeel zelfs! Verschillende bezoeken en conferenties die tijdens de reis werden georganiseerd, wisten de CEO van Cosucra te boeien. "Het was heel waardevol, zeker wanneer het ging over het wagenpark en het elektrische openbaar vervoer. Wat ik daarvan vind? Ik besefte des te meer dat bepaalde dingen gewoon onmogelijk zijn: alle voertuigen op fossiele energie vervangen door elektrische exemplaren is geen haalbare oplossing. We moeten globaler denken en rekening houden met onze vervoerswijzen." Noorwegen wordt trouwens vaak voorgesteld als het walhalla van de elektrische wagen (meer dan de helft van de verkochte wagens in Noorwegen in 2018) en is op dat vlak dan ook zeer ambitieus: het land wil tegen 2025 immers stoppen met de verkoop van wagens met thermische motoren.

En bij Cosucra? Een belangrijk strategisch thema

De bedoeling van deze studiereis was ook om de Belgische CEO's bewust te maken van hun eigen energietransitie. En waar staat Cosucra met zijn decarbonisering?

"Wij doen niet veel meer dan de andere bedrijven", bevestigt Jacques Crahay bescheiden. "Zo verhogen we de efficiëntie van ons gebruik van fossiele energie."

Het bedrijf tekende immers van bij het begin de Waalse Accords de Branche (Beleidsovereenkomsten) en stelde zichzelf het ambitieuze doel om zijn energie-efficiëntie ten opzichte van 2004 drastisch te verbeteren. "We moeten echter nog veel verder gaan als we het akkoord van Parijs willen naleven. De uitdaging? We kunnen die doelstellingen niet halen zonder onze economische modellen grondig te herzien. Of we zouden moeten kunnen inzetten op alternatieven ... die nog niet bestaan. Grof gezegd: het probleem is er en we staan ervoor. We kunnen het onmogelijk negeren. Om die reden is het een onderdeel van onze dagelijkse denkoefening rond de bedrijfsstrategie van Cosucra."

Duurzaamheid? Ook een menselijk verhaal

De acties voor het klimaat gaan over veel meer dan alleen CO2. Het bedrijf uit Warcoing zet dus niet alleen in op technische innovatie, maar ook op de ontwikkeling van zijn werknemers. "Om deze complexe toekomst aan te kunnen, moet onze structuur dynamisch zijn en de ontwikkeling van talenten stimuleren. Daarom hebben we ons piramidale organisatiemodel vaarwel gezegd en gekozen voor een managementsysteem waarbij de individuele keuzes, de competenties en de behoeften van het bedrijf samenkomen. Zo houden we iedereen gemotiveerd en kunnen we betekenis geven aan ons werk." En die betekenis is ook geworteld in de 'duurzame' dimensie van de activiteiten van Cosucra. "In de voedingsindustrie zijn deze vragen onvermijdelijk: waar komen onze producten vandaan, hoe spelen we in op de toenemende eisen van onze klanten, zijn onze processen efficiënt en hoe zit het met onze watervoetafdruk? We moeten dus nadenken op alle niveaus: zowel binnen de directie als in onze teams, en zowel op strategisch als op operationeel gebied. We voelen dat dit een scharnierperiode is: we staan allemaal samen op een kruispunt!"

Terug naar Oslo?

Het minste dat we kunnen zeggen, is dat de ervaringen in Noorwegen Jacques Crahay niet onberoerd hebben gelaten. "Het was een zeer mooi initiatief en het programma was goed uitgewerkt. En niet te vergeten: de keuze van deelnemers. Een gevarieerde en interessante groep." Voor herhaling vatbaar? "Ja, absoluut! Het was zeer waardevol. Een volgende keer mogen er trouwens nog meer momenten worden gepland om van gedachten te wisselen en ervaringen te delen met de hele groep. Misschien is het zelfs een idee om speeddatings te organiseren om de banden nog te versterken? We hebben zo veel om te delen en om samen over te praten. Het voordeel van dergelijke initiatieven is dat we tijd hebben. Daar moeten we van profiteren om elkaar nog beter te leren kennen!"

Jacques Crahay is bovendien niet de enige met de vraag om van gedachten te blijven wisselen over decarbonisering en de andere aspecten van de energietransitie in bedrijven. De Sustainable Business Ateliers die in het hele land georganiseerd worden, zijn een eerste antwoord op die vraag. Het concept is heel eenvoudig: na een korte inleiding zitten de deelnemers rond de tafel om het te hebben over hun eigen ervaringen. Zo kunnen ze niet alleen hun good practices met elkaar delen, maar ook waarschuwen voor valkuilen of waardevolle contacten uitwisselen. Hierbij hebben ze één doel voor ogen: de negatieve impact van hun activiteit verkleinen en hun positieve impact op de samenleving en onze planeet vergroten. Een initiatief dat onze klanten absoluut weten te waarderen.

Ontdek hoe ons Sustainable Business Competence Centre u op weg kan helpen naar meer duurzaamheid.

Article

09.04.2019

Groen licht voor nieuw vennootschaps- en verenigingsrecht

Vanaf 1 mei 2019 gelden er nieuwe juridische spelregels voor Belgische vennootschappen en verenigingen.

De Belgische Kamer van volksvertegenwoordigers keurde op 28 februari het wetsontwerp goed voor een nieuw Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. De bedoeling? Het huidige juridische kader moderniseren, nauwer aansluiten bij de praktijk en Belgische bedrijven helpen om beter te concurreren met hun Europese collega’s.

Grote impact

De nieuwe regels gelden vanaf 1 mei 2019 voor alle nieuwe vennootschappen en verenigingen, en vanaf 1 januari 2020 voor alle bestaande vennootschappen en verenigingen (tenzij die gebruikmaken van een ‘opt-in’ vóór die datum). De massaconversie zal wellicht plaatsvinden tussen 2020 en 2023. In die periode moeten alle bestaande vennootschappen en verenigingen hun statuten en rechtsvorm herbekijken.

Vertraging

De nieuwe regels zouden normaal gezien ingaan op 1 januari van dit jaar, maar de goedkeuring van het wetsontwerp liep vertraging op door de regeringsperikelen van de voorbije maanden (premier Michel diende op 18 december 2018 het ontslag van de regering in na een groen-rode motie van wantrouwen, red.). Op dit moment is de nieuwe wetgeving weliswaar goedgekeurd door de Kamer, maar nog niet gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Het is bovendien nog even wachten op de uitvoeringsbesluiten. De nieuwe regels gaan niettemin in op 1 mei van dit jaar.

Discover More

Contact
Close

Contact

Klachten

Zou u onderstaande vragen kunnen beantwoorden? Zo kunnen wij uw aanvraag sneller en op een meer geschikte manier behandelen. Alvast bedankt.

U bent zelfstandige, oefent een vrij beroep uit, start of leidt een kleinere, lokale onderneming? Ga dan naar onze website voor professionelen.

U bent particulier? Ga dan naar onze website voor particulieren.

Is uw onderneming/organisatie klant bij BNP Paribas Fortis?

Mijn organisatie wordt bediend door een Relationship Manager:

Uw boodschap

Typ de code die in de afbeelding wordt getoond:

captcha
Check
De Bank verwerkt uw persoonsgegevens overeenkomstig de Privacyverklaring van BNP Paribas Fortis NV.

Bedankt

Uw bericht is verzonden.

We antwoorden u zo snel mogelijk.

Terug naar de huidige pagina›
Top