Article

01.03.2019

Oslo, Groene Hoofdstad van Europa

De Noorse stad Oslo werd gekroond tot 'Groene Hoofdstad van Europa' voor 2019 en wordt zo de opvolger van Nijmegen in Nederland. De prijs werd uitgereikt door de Europese Commissie, die vooral lovend is voor de holistische aanpak van de stad op het vlak van duurzame ontwikkeling. Die aanpak focust op mobiliteit, sociale samenhang, volksgezondheid, burgerschap, biodiversiteit en uitstoot van broeikasgassen.

Ambassadeur van duurzame stadsontwikkeling

Oslo kreeg officieel de titel van 'Groene Hoofdstad van Europa 2019'. De stad die vroeger Christiania heette, telt bijna 675.000 inwoners en is 450 km² groot. Al jarenlang is ze een van de meest actieve steden op het vlak van duurzame ontwikkeling. In perfecte harmonie met de omliggende natuur, neemt de stad haar toekomst in handen en gaat ze de milieu- en klimaatuitdagingen die zo zwaar wegen op onze planeet ten volle aan. De titel van 'Groene Hoofdstad' wordt uitgereikt door de Europese Commissie op basis van een reeks criteria en zet op die manier steden in de kijker die een referentie zijn op het vlak van respect voor het milieu.

Deze bekroning is voor de Noorse hoofdstad een mooie gelegenheid om haar inwoners en bedrijven te blijven mobiliseren, maar ook om haar voorbeeldige beleid, good practices en milieukennis te delen om zo ook de andere lidstaten te inspireren. Oslo is een echte ambassadeur van duurzame stadsontwikkeling. Maar wat is nu precies het toekomstplan van de stad voor de komende jaren? Bijna 200 partners organiseren samen maar liefst 350 uiteenlopende evenementen, gaande van internationale conferenties tot wijkvergaderingen, met één doel voor ogen: zo dicht mogelijk bij de inwoners komen.

Oslo, toekomstige koolstofvrije stad

Oslo kreeg de titel van 'Groene Hoofdstad' vooral om haar globale aanpak. Ondanks het feit dat Noorwegen bekendstaat om zijn rijke energiebronnen, koos de hoofdstad van het land resoluut voor een duurzame transitie. Oslo wil haar uitstoot van broeikasgassen tegen 2020 immers met 36 % terugdringen en tegen 2050 zelfs een koolstofneutrale stad worden.

Zo'n tachtig klanten-ondernemers van BNP Paribas Fortis kregen de kans om die innovaties op het vlak van decarbonisatie zelf te gaan ontdekken tijdens een studiereis die begin februari werd georganiseerd door Corporate Banking. Het was trouwens al de derde editie. De bezoeken aan Berlijn en Parijs stonden in het teken van twee andere thema's - circulaire economie en smart city - die passen binnen de vier pijlers van de strategie die Corporate Banking vooropstelt.

Ruimte voor zachte mobiliteit

Oslo is de stad die wereldwijd het grootste aantal elektrische wagens per inwoner telt. Daarbovenop is het centrum van de stad voortaan verboden terrein voor motorvoertuigen ... De laatste jaren heeft Oslo enorme inspanningen geleverd om het autoverkeer in het stadscentrum terug te dringen en zo vrij spel te geven aan zachte mobiliteit, onder meer via de aanleg van infrastructuren om het gebruik van de fiets te stimuleren. Zo daalde het autoverkeer tussen 2005 en 2012 met 10 %, terwijl het gebruik van het openbaar vervoer sinds 2007 met 50 % is toegenomen. Tot slot rijdt een groot deel van de bussen en vuilniswagens op biogas, waardoor ze hun eigen bioafval en vuil stadswater zinvol gebruiken.

Stedenbouw goes green

De stad telt 3.000 meter aan waterlopen met een rijke biodiversiteit en startte daarom met een groot renovatieproject voor haar waterwegen. In het verleden werden immers heel wat rivieren en beken afgesloten om de stadsuitbreiding te kunnen opvangen ... Via dit nieuwe project wil Oslo de waterwegen echter opnieuw openstellen om ze toegankelijk te maken voor het grote publiek, het behoud van de ecosystemen te bevorderen en bij te dragen aan een doeltreffend regenwaterbeheer. Op het vlak van stadsvernieuwing is de wijk Vulkan een prachtig voorbeeld van een milieuvriendelijk bouwproject. Deze nieuwe wijk werd immers opgetrokken in wat voorheen een industriegebied was. Onze tachtig klanten-ondernemers mochten dit ecodistrict gaan bewonderen. Het is eigenlijk een volledig autonome 'stad in de stad' waar elk gebouw zelf energie produceert. Alle warmte die wordt geproduceerd, wordt er gecentraliseerd en opnieuw verdeeld.

Burgers en bedrijven

Een van de stokpaardjes die de stad naar voren schuift binnen haar actieve en innovatieve aanpak, is de burgerparticipatie. Het idee? Banden met de burgers aanknopen en versterken om ze zo steeds verder te betrekken bij de acties. En de bedrijven? Er werd een netwerk 'Business for Climate' opgezet om de samenwerking te versterken tussen de stad en de zakenwereld, maar ook met andere betrokken partijen zoals het maatschappelijk middenveld, ngo's en noem maar op. Het uiteindelijke doel is zonneklaar: samen nadenken over de gevolgen van handelstransacties op het leefmilieu. De bewustmaking bij de bedrijven vertaalt zich bovendien in verschillende projecten zoals de stadsboerderij van Losæter of het project Landbrukskvartalet.

Ambities voor de toekomst

De ideeën van de Noorse hoofdstad zijn bovendien nog lang niet uitgeput. Zo is de stad nog van plan om vanuit de luchthaven een groene wijk op te trekken, het zogenaamde Oslo Airport City-project. Die wijk wordt een intelligente, geconnecteerde en 100 % ecologische stad gebaseerd op het concept van de aerotropolis, of een 'luchthavenstad'. Over maar liefst vier miljoen km² zullen de gebouwen worden verbonden met een energiesysteem dat wordt gevoed met hernieuwbare energie. Zo zullen openbare gebouwen, woningen, scholen, slimme wegen en zelfs vliegtuigreizen vanaf 2025 100 % elektrisch zijn. Een groene en vernieuwende toekomst dus ... maar dan morgen al!

Article

27.03.2018

België geeft de op een na grootste groene staatsobligatie ter wereld uit

Wat een succes voor de Belgische staat en BNP Paribas Fortis! Op 26 februari 2018 heeft de Belgische staat 4,5 miljard euro opgehaald om de transitie naar een duurzame economie te financieren. Een grote primeur, zowel voor ons land als voor de bank.

De Belgische staat wil projecten financieren die bijdragen aan de transitie naar een duurzame economie. Om in aanmerking te komen moeten die projecten inspelen op drie belangrijke milieu-uitdagingen: klimaatverandering, biodiversiteit en vervuiling. De ingezamelde fondsen zullen worden besteed aan projecten uit vijf groene sectoren die die uitdagingen aanpakken: schoon vervoer, biologische hulpbronnen en bodemgebruik, hernieuwbare energie, circulaire economie en energie-efficiëntie.

"Zelfs voor de Belgische staat liet weten dat hij van plan was een groene obligatie uit te geven, hadden wij al diverse groene financieringsmogelijkheden voorgesteld aan het Federaal Agentschap van de Schuld. Ons marktleiderschap op de Belgische schuldmarkt en onze deskundigheid inzake de structurering van groene financieringsproducten plaatsten ons in een sterke positie om te worden geselecteerd als Structuring Advisors", vertelt Katherine Dior, verantwoordelijke voor obligatie-uitgiftes bij BNP Paribas Fortis. "We kregen bovendien de rol van Joint Bookrunner voor de transactie. Daarom hebben we een roadshow georganiseerd in meerdere Europese landen om groene investeerders aan te spreken en hun het product voor te stellen."

Een (bijna) klassiek product

Sinds meerdere jaren is BNP Paribas één van de pioniers in de uitwerking van groene obligaties op de Belgische markt. "We hebben aan tal van Europese projecten omtrent groene financiering gewerkt. In België deden we dat bijvoorbeeld voor bedrijven als Aquafin, Renewi (voormalig Shanks) en Cofinimmo. Vanwege onze ruime ervaring in het domein heeft het Federaal Agentschap van de Schuld een beroep gedaan op onze expertise om deze eerste groene staatsobligatie uit te werken", licht Katherine Dior toe.

Groene obligaties hebben exact dezelfde kenmerken als conventionele obligaties, op één verschil na: de gefinancierde projecten moeten beantwoorden aan de 'Green Bond Principles'. De emittent moet ook een jaarverslag publiceren voor twee cruciale aspecten: de toekenning van het opgehaalde bedrag aan groene projecten en een follow-up van hun ecologische impact.

Een centrale rol

"Vanaf september 2017 hebben onze teams het Federaal Agentschap van de Schuld geholpen om alle uitgaven van de federale instellingen uit te vlooien. De bedoeling was projecten te vinden die op basis van hun uitgaven mogelijk konden worden gefinancierd via de groene obligatie", legt Katherine Dior uit. "Na drie maanden speurwerk hadden we een lijst van in aanmerking komende projecten voor een totaalbedrag van 5,5 miljard euro. Tegelijkertijd had het Federaal Agentschap van de Schuld ook een beroep gedaan op een 'second opinion provider', Sustainalytics. Die moest nagaan of het kader van de groene obligatie was afgestemd op de Green Bond Principles. Op basis van de 5,5 miljard euro aan opgespoorde uitgaven besloot de Belgische staat uiteindelijk het bedrag van de groene obligatie vast te leggen op 4,5 miljard euro, om nog een zekere veiligheidsmarge in te bouwen."

Onze wereld in verandering wordt duurzamer

Als grootste bank van België moeten we een voortrekkersrol spelen en een katalysator zijn voor de verwezenlijking van een duurzame maatschappij. Dat is niet zomaar een ambitie, maar een concreet engagement naar de maatschappij toe. Duurzame ontwikkeling is onbetwistbaar een van de grootste thema's in de beleggingswereld van morgen. "Als geëngageerde bank kunnen we trots zijn op onze centrale rol in de uitgifte van deze eerste groene obligatie van de Belgische staat", besluit Katherine Dior.           

De groene obligatie van de Belgische staat in enkele cijfers

De 4,5 miljard euro werd opgehaald bij ongeveer 150 institutionele beleggers, als volgt verdeeld: fondsenbeheerders (33 procent), openbare instellingen (26 procent), pensioenfondsen (16 procent), schatkist (12 procent), verzekeringsmaatschappijen (5 procent), speculatieve beleggingsfondsen (5 procent) en banken (3 procent). De verscheidenheid aan profielen en het totale bedrag tonen aan hoe sterk beleggers in dergelijke producten geïnteresseerd zijn. Enkele financiële cijfers: het rendement van de coupon van deze eerste groene obligatie, met een looptijd van vijftien jaar, bedraagt 1,289 procent. De obligatie vervalt op 22 april 2033.

Article

21.03.2019

Met klanten naar de groenste Europese hoofdstad: bekijk het sfeerverslag

Na de trips naar Berlijn en Parijs, waar de focus lag op de thema’s circulaire economie en ‘smart city’, ging het richting Oslo. Daar leerden we bij op het vlak van decarbonisatie.

Sinds eind 2017 organiseert BNP Paribas Fortis Corporate Banking studiereizen (Berlijn, Parijs) die de vier pijlers van zijn strategie, gebaseerd op de Duurzaamheidsdoelstellingen van de VN, in de kijker zetten. De studiereizen hebben telkens hetzelfde doel: klanten inspireren en aansporen om te starten met de energetische transitie van hun bedrijf, of die verder te zetten.

Van 5 tot 7 februari trokken we naar Oslo met 80 klanten, geselecteerd op basis van hun potentiële CO2-impact. We wilden de Noorse paradox verduidelijken: hoe kan Noorwegen de op twee na grootste olie-uitvoerder ter wereld zijn en tegelijk een van de meest koolstofvrije landen? De experts van het Sustainable Business Competence Centre (SBCC) hadden een rijk en gevarieerd programma voorbereid. “We toonden een aantal globale initiatieven die ze in Noorwegen, en meer specifiek in Oslo, namen om decarbonisatie aan te moedigen”, vertelt Erik Vanberg (SBCC), een van de organisatoren van de reis.

Benieuwd naar de beelden?

Of was u mee naar Oslo en wil u de trip herbeleven? Bekijk de video!

Een van de voorbeelden:

"Onze klanten kregen uitleg van vijf start-ups over hoe zij decarbonisatie stimuleren. Ze maakten ook kennis met Yara, wereldleider in chemische meststoffen. En dus zowat de grootste vijand van alle ecologisten op deze planeet", vervolgt Erik Vanberg. "Het bedrijf denkt nochtans echt na over zijn maatschappelijke rol en doet heel wat inspanningen om zijn CO2-uitstoot te verminderen. Een goed voorbeeld voor onze klanten dat toont hoe een business met het etiket van ‘slechte leerling’ toch kan veranderen en het verschil kan maken door een ecologische koers te varen."

CO2 als grondstof?

Het echte doel van de trip was de klanten aanmoedigen om de energetische transitie van hun bedrijf te versnellen.

Erik Vanberg: "We willen uitkijken naar nieuwe technologieën die ons interessant lijken om te onderzoeken. Zoals de opvang van CO2 om die definitief op te slaan of te gebruiken als grondstof. Zulke technologie was voor onze klanten onbekend terrein, maar sprak hen wel sterk aan. En gelijk hebben ze. Want daarmee kunnen ze decarboniseren en moeten ze grondstoffen niet meer ondergronds ontginnen om ze vervolgens eindeloos te recycleren."

Meer weten over decarbonisering

De klanten zijn vragende partij

"De thema’s die tijdens ons verblijf aan bod kwamen, belangen ons allen aan. Ik was dan ook zeer blij eraan te kunnen deelnemen", getuigt John Vanhoucke, CEO van Streamovations. "Dit soort trips toont aan dat BNP Paribas Fortis zich bewust is van de grote milieu-uitdagingen van vandaag en morgen. En ook dat de bank op de goede weg is, en een pionier in de bankwereld. Een dikke pluim aan de organisatoren: ze hebben aangetoond dat het mogelijk is om de problematiek van de decarbonisatie efficiënt aan te pakken. Zo creëer je optimisme. Het was een zeer verrijkende en inspirerende trip."

Networking is een wezenlijke troef

Wat de klanten ook zeer op prijs stelden aan hun verblijf waren de feedbacksessies na elk bezoek en elke presentatie, zodat ze een debat konden voeren en niet enkel ideeën, maar ook visitekaartjes uitwisselen.

“Ik ben er echt van overtuigd dat de trip bij heel wat klanten een bewustwordingsproces op gang heeft gebracht”, vertelt Véronique Dumont (Multimedia Content Management, Corporate banking). “Velen onder hen hebben trouwens aangegeven dat ze contact willen houden om elkaar te steunen bij de energetische transitie van hun bedrijf."

Tot slot willen we nog benadrukken dat Corporate Banking de ecologische voetafdruk berekende van de heen- en terugvlucht en de verplaatsingen per bus. De bank gaat via haar partnership met WeForest de CO2-uitstoot compenseren door bomen te planten in Zambia.

Article

15.01.2021

Bouwen we binnenkort met CO²?

Het klinkt wat futuristisch, maar vandaag is bouwen met CO² mogelijk. Dankzij versnelde carbonatatie wordt CO² gebruikt om bouwmateriaal te produceren. Een duurzaam voetpad in Gent illustreert hoe veelbelovend deze nieuwe technologie is.

Versnelde carbonatatie, ook CO2 mineralisatie genoemd, is een veelbelovende technologie om de bouwsector duurzamer te maken. Het leidt niet alleen tot een lagere CO2-uitstoot, maar ook tot een negatieve CO2-uitstoot door koolstofdioxide permanent op te slaan in waardevolle producten zoals bakstenen en tal van andere bouwmaterialen.

CO2 Value Europe, een denk- en doetank die de CCU-gemeenschap (Carbon Capture & Utilisation) vertegenwoordigt in Europa, organiseerde midden december een webinar over hoe CO2 gebruikt kan worden om bouwmateriaal te creëren. Aan de hand van concrete toepassingen werd het grote potentieel van deze duurzame technologie geïllustreerd, in het bijzonder voor de bouwsector. BNP Paribas Fortis is niet alleen financiële partner van CO2 Value Europe, als bank zetten we zelf ook sterk in op de ondersteuning van duurzaamheid in bedrijven.

Tweede meest vervuilende industriële sector

De cementindustrie is niet alleen één van de grootste industrieën wereldwijd, maar met een hoge uitstoot aan rookgassen ook één van de meest vervuilende. Cement is een cruciaal onderdeel voor beton, op zijn beurt onmisbaar voor de bouwsector. Een duurzaam alternatief voor cement, zou een wereld van verschil kunnen maken. Een van de manieren om dat te doen is via carbonatatie, ook gekend als CO2 mineralisatie.  Een CCU-technologie die nog niet zo gekend is, maar die wel een grote en positieve impact kan hebben op het klimaat en het milieu.

Versneld natuurverschijnsel

Carbonatatie is een natuurlijk proces waarbij bepaalde mineralen reageren met koolstofdioxide waardoor onder meer een soort kalksteen en dolomietsteen ontstaan. Zo’n proces duurt in de natuur duizenden jaren, maar dankzij innovatieve methodes kan het vandaag versneld worden tot slechts enkelen minuten. Dat vraagt weinig energie en met het resultaat kunnen verschillende producten gecreëerd, waaronder bouwstenen, waarin CO2 permanent opgeslagen blijft.

CO2 all the way

De ontwikkeling van deze CCU-technologie is de afgelopen jaren in een stroomversnelling gekomen. Dat resulteert vandaag in alternatieven voor cement die beantwoorden aan de technische vereisten van de bouwsector. CO2 kan op verschillende manieren opgeslagen worden in bouwmaterialen. Zo kan de injectie van CO2 helpen bij het uitharden van cement als alternatief voor water. Maar daarnaast kan het ook gebruikt worden om mineraal afval afkomstig van de staal- en mijnindustrie om te zetten in nieuwe producten zoals toeslagmateriaal dat als basis kan dienen voor plaveien of bouwblokken.

Goed voor onze planeet

Het effect van CO2 mineralisatie op het milieu is aanzienlijk omdat het op verschillende niveaus werkt. De globale reductie van CO2-emissies wordt geschat op 250 tot 500 miljoen ton per jaar in 2030 (bron: CO2 Value Europe).

  • CO2 kan rechtstreeks onttrokken worden uit rookgassen die afkomstig zijn van industriële processen in de staal-, cement- en chemische sector. Er is geen concentratie of behandeling nodig.
  • CO2 kan rechtstreeks uit de atmosfeer gehaald worden en zorgt zo voor een negatieve koolstofuitstoot.
  • In beide gevallen blijft CO2permanent in de eindproducten opgeslagen.
  • Er wordt mineraal afval en zelfs bouwafval gebruikt om met CO2 nieuwe bouwmaterialen te maken. Dat afval komt dus niet langer op een stortplaats terecht, wat ook kosten bespaart.
  • Dankzij die recyclage moeten minder natuurlijke nieuwe bronnen aangesproken worden.

What’s the catch?

Zoals bij elke nieuwe ontwikkeling zijn er ook uitdagingen. Om een echt competitief en waardevol alternatief voor beton te kunnen aanbieden binnen een circulaire economie zijn investeringen en aanpassingen nodig.

  • Fabrieken moeten hun installaties aanpassen. De nabijheid van een voldoende grote bron van CO2, zoals een staalfabriek, is aan te raden zodat de CO2 en het afval dat gebruikt wordt niet vervoerd moet worden.
  • Nieuwe producten produceren, al is het met koolstofdioxide en afval, vraagt energie en leidt dus ook tot CO2-uitstoot. Om het duurzaam effect te vergroten, zou daarom zoveel mogelijk hernieuwbare energie gebruikt moeten worden.
  • Versnelde carbonatatie is vrij nieuw en alle processen verlopen nog niet optimaal.
  • En dan is er nog het beleid en het wetgevend kader. Dat is vandaag nog onvoldoende afgestemd op deze nieuwe technologie waardoor een snelle uitrol van CCU-technologieën gehinderd wordt. Iets wat CO2 Value Europe alvast op de voet opvolgt.

Maar ondanks deze uitdagingen gaf Andre Bardow (professor Energy & Process Systems Engineering aan ETH Zurich) in het webinar aan dat hij ervan overtuigd is dat CO2mineralisatie de CO2-voetafdruk vermindert vanuit levenscyclusperspectief. Meer zelfs dan CCS (Carbon Capture & Storage) of het opslaan van koolstofdioxide.

Zero waste in eigen land

Vandaag zijn er wereldwijd al fabrieken die CO2-arm bouwmateriaal produceren. Een daarvan staat in Limburg. Het Genkse Orbix is erin geslaagd uit restafval van staalproductie (zogenaamde metaalslakken) mineralen te zuiveren die als basis dienen voor klimaatvriendelijke betonstenen. Niet alleen wordt er vloeibare CO2 gebruikt voor de productie van betonstenen in plaats van vervuilende cement, er wordt ook restafval gerecycleerd dat anders op een stort gedumpt zou worden. 

Een mooi voorbeeld ligt in Gent. Orbix realiseerde er in samenwerking met de Vlaamse onderzoeksinstelling VITO het project Stapsteen voor de stad Gent. U kan daar over het eerste Belgische circulaire voetpad lopen in de Leewstraat: 100m2, volledig opgebouwd uit duurzame stenen en goed voor een besparing van maar liefst 2 ton CO2!

Hebt u plannen in 2021 rond duurzaamheid? Onze experts van het Sustainable Business Competence Centre kunnen u adviseren over innovaties, zoals deze CO2 mineralisatie, en begeleiden bij uw duurzame transitie.

Article

15.12.2020

Sunglasses that can help save the oceans

Yuma Labs makes sunglasses from recycled PET bottles. The Belgian firm has grown from a one-man startup into a company that manufactures items for other brands as well. But can the firm combine growth with sustainability? At BNP Paribas Fortis we certainly think so.

Yuma Labs (originally named YR Yuma) is the brainchild of Sebastiaan de Neubourg, explains his business partner Lenja Doms. She tells us: "Sebastiaan was working as a consultant, but he was itching to set up his own business.  His idea was to use a 3D printer to make sunglasses from recycled plastic. He then found out at first hand why no-one had tried this before. Because it proved to be quite a bit harder than expected,” laughs Lenja.

Crowdfunding

By 2017 Sebastiaan had a workable prototype and he started a crowdfunding campaign for his sustainable sunglasses. It was an immediate hit.  However, the project wasn’t first and foremost about achieving successful sales, reveals Lenja. “Sebastiaan saw the sunglasses primarily as a tool for making people aware of the basic principles of the circular economy. There’s no such thing as waste. A used Polyethylene terephthalate (PET) bottle provides the raw material for a new product, such as a pair of sunglasses.” And to complete the circle, the customer is encouraged to trade the sunglasses back in at the end of their life, in exchange for a new pair at an attractive discount.

More expensive

Sustainable manufacturing, as Yuma Labs does it, inevitably means that the final product is more expensive. “Fully twice as expensive,” Lenja points out, explaining: “We certainly don’t want to see the circular economy pigeon-holed as the province of the elite. We already take account of the entire life-cycle of a product, and we take responsibility for the recycling and re-use of the materials.  And let’s be quite clear about this: that’s more costly than just putting a product on the market without worrying about what happens to it later.”

Aiming for growth

In summer 2019, Lenja Doms and Ronald Duchateau came on board the Yuma team. This provided an opportunity to broaden the focus and look further than the consumer market. This month, Yuma Labs announced a collaborative project with a major fashion company. This upscaling will enable Yuma Labs to reach out to a much larger audience.

A good mix

In order to grow, a business needs financial resources. Yuma Labs has looked into quite a number of possible solutions, says Lenja. “These days there are a lot of initiatives designed to support sustainable businesses – from banks, the government and private investors. We’ve always tried to find the right balance between our own capital and external finance, and to achieve a good mix of different forms of finance between capital, grants and loans.”

Lenja has a golden tip for other businesspeople in the circular economy: "All too often I observe that the economic side of the story is neglected because companies keep on trying to find the perfect solution or the perfect product. There’s no sense in that.  You shouldn’t try to be whiter than white.”

Creating added value

At BNP Paribas Fortis, Maxime Prové is the Account Manager for Yuma Labs. He endorses Lenja Doms’ view on this. “Entrepreneurs who set out to do sustainable or social business must also have a desire to create added value, otherwise the business won’t last,” Maxime points out, underlining: “You can’t pursue a sustainable, environmental or social business model unless it’s underpinned by a profit-making scenario. That’s the only way you’ll be able to grow, hire more people and make a greater impact.”

Photo: Karel Hemerijckx

Discover More

Contact
Close

Contact

Klachten

Zou u onderstaande vragen kunnen beantwoorden? Zo kunnen wij uw aanvraag sneller en op een meer geschikte manier behandelen. Alvast bedankt.

U bent zelfstandige, oefent een vrij beroep uit, start of leidt een kleinere, lokale onderneming? Ga dan naar onze website voor professionelen.

U bent particulier? Ga dan naar onze website voor particulieren.

Is uw onderneming/organisatie klant bij BNP Paribas Fortis?

Mijn organisatie wordt bediend door een Relationship Manager:

Uw boodschap

Typ de code die in de afbeelding wordt getoond:

captcha
Check
De Bank verwerkt uw persoonsgegevens overeenkomstig de Privacyverklaring van BNP Paribas Fortis NV.

Bedankt

Uw bericht is verzonden.

We antwoorden u zo snel mogelijk.

Terug naar de huidige pagina›
Top