Article

18.02.2019

Het is nog niet te laat!

De experts van het IPCC trekken aan de alarmbel voor het klimaat. Volgens hun rapport is het nog mogelijk om de klimaatopwarming te beperken als er de komende jaren ongeziene maatregelen worden genomen.

Sinds 1950 zijn de hoeveelheden koolstofdioxide in de atmosfeer alleen maar toegenomen. De niveaus die sindsdien worden bereikt, zijn nooit eerder waargenomen op aarde. De eerste gevolgen van die verstoring kent iedereen maar al te goed: stijging van de temperatuur op aarde, sterke daling van de biodiversiteit, stijging van het niveau van de zeespiegel ...

Een daadkrachtig rapport

Het Intergovernmental Panel on Climate Change, of kortweg IPCC, publiceerde een rapport waarin wordt gezegd dat het nog mogelijk is om de meest dramatische gevolgen van de klimaatverandering te beperken en ons te wapenen tegen de meest onvoorspelbare gevolgen. Daarvoor moet er de komende jaren een reeks ongeziene maatregelen worden genomen. Volgens het IPCC is de Overeenkomst van Parijs niet ambitieus genoeg. Die Overeenkomst werd in 2015 ondertekend tijdens de COP21 en wil dat de verhoging van de gemiddelde temperatuur op aarde tegen 2100 onder 2 °C blijft ten opzichte van het pre-industriële niveau. Daarbij zal zelfs worden getracht om de temperatuurstijging te beperken tot 1,5 °C. Maar wat is nu precies het verschil tussen een temperatuurstijging van 1,5 en 2 °C? En welke maatregelen moeten worden genomen om de klimaatopwarming tegen te gaan? Het rapport van het IPCC brengt duidelijkheid. 

Wat zijn de gevolgen?

Ondanks het feit dat onze aarde al met gemiddeld 1 °C opgewarmd is ten opzichte van het pre-industriële niveau, kan het scenario van 1,5 °C nog op heel wat vlakken voor significante verschillen zorgen. Zoals? Extreme warmte in de bewoonde gebieden, en dus ook in Europa en België, waar de temperaturen kunnen stijgen tot boven 50 °C in de zomer, intensieve neerslag in de meeste streken wereldwijd, hogere risico's op droogte en ga zo maar door. Bij een klimaatopwarming van 2 °C zullen de risico's verbonden aan deze fenomenen nog significanter toenemen. Een stijging van meer dan 1,5 °C of zelfs meer dan 2 °C zou er bijvoorbeeld voor kunnen zorgen dat de ijskap van Groenland onomkeerbaar afsmelt en dat de ijskap van Antarctica instabiel wordt. En dat zou op zijn beurt een stijging van het zeewaterniveau met meerdere meters kunnen veroorzaken. Het ergste gevolg is het ontstaan van een positief terugkoppelingsmechanisme, waarbij de opwarming nog sneller gaat en zichzelf gaat versterken. Gevolg? Bosbranden, het smelten van de permafrost waarbij enorme hoeveelheden methaan vrijkomen (een broeikasgas dat nog een stuk sterker is dan koolstof), opwarming van de oceanen enz.

Wat nu?

Eén ding is zeker: onze levensstijl zal drastisch veranderen. Willen we de klimaatopwarming beperken tot 1,5 °C? Dan moeten we volgens de experts de uitstoot van broeikasgassen met 45 % beperken tegen 2030 en rond 2050 een netto nul-uitstoot bereiken. Voor die doelstellingen is betrokkenheid en verandering in alle lagen van onze samenleving nodig, met andere woorden: van particulieren tot grote bedrijven. Naast de drastische vermindering van de uitstoot, is ook de opname van CO2 cruciaal om de doelstellingen te bereiken. In de eerste plaats zijn er de natuurlijke oplossingen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de stopzetting van de ontbossing en herbebossing, maar ook aan een transitie in de voedingsmiddelenindustrie, met onder meer de overgang naar agro-ecologie. Ook op technologisch vlak bestaan er oplossingen om CO2 uit de atmosfeer te halen en onder de grond te stoppen of als grondstof te gebruiken. De toepassing van deze oplossingen op grote schaal is echter onderhevig aan verschillende haalbaarheids- en duurzaamheidsfactoren.

Bedrijven als motor van de verandering

Welk scenario er ook wordt gekozen, bedrijven zullen altijd een cruciale rol spelen om de te volgen weg te tonen. Daarom willen wij bedrijven begeleiden bij hun overgang naar een duurzame samenleving. Het klimaat vraagt om dringende acties en de ongelijkheid neemt toe. We kunnen dus niet anders dan bedrijven helpen bij het veranderen van hun businessmodel, zodat ze hun steentje bijdragen aan een 'duurzame welvaart'. Het Sustainable Business Competence Centre (SBCC) biedt bedrijven naast advies ook financieringsoplossingen om hen te helpen bij hun transitie naar meer duurzaamheid. In samenwerking met zijn partners, bouwt het SBCC voortdurend verder aan zijn expertise en deelt het die zowel intern (via opleidingssessies, Academy Cafés enz.) als extern (via Learning Expeditions, thema-evenementen, workshops enz.). Als grootste Belgische bank zijn wij ervan overtuigd dat we een belangrijke rol spelen om de Belgische ondernemers bewust te maken van deze thema's.

Article

17.04.2019

De watervoetafdruk: een extra uitdaging voor de bedrijven

Duurzaamheid wordt voor de meeste economische spelers een prioriteit. Die uitdaging mag echter niet beperkt blijven tot het terugdringen van hun CO2-uitstoot. Ze moeten immers ook rekening houden met hun 'watervoetafdruk'.

De klimaatuitdagingen staan meer dan ooit op de voorgrond. En die uitdagingen grijpen de economische spelers ook met beide handen... Het is bijvoorbeeld geen toeval dat 75% van de Belgische bedrijven vindt dat maatschappelijk verantwoord ondernemen (mvo) op termijn de investering waard is. In die duurzame transitie staat de koolstofvoetafdruk centraal bij de initiatieven die in de verschillende bedrijven worden genomen.

CO2 overschaduwt water

Maatschappelijk verantwoord ondernemen moet in de eerste plaats een globale strategie zijn. Vandaag is het echter vooral de koolstofbalans die met alle aandacht gaat lopen. In die mate zelfs dat koolstof alle andere factoren die bepalend zijn voor de menselijke druk op het milieu begint te verdringen. Denk bijvoorbeeld aan biodiversiteit, het gebruik van de hulpbronnen, bodemvervuiling of de 'watervoetafdruk'. De strijd tegen de klimaatopwarming mag zich dus niet beperken tot slechts een deel van de hele kwestie ... Ook water vormt in die zin een cruciale uitdaging, want loopt er op dat vlak iets mis, dan zijn de gevolgen niet te overzien: droogte, woestijnvorming, overstromingen, ziektes en noem maar op. Water is ontegenzeglijk een strategische rijkdom, niet alleen voor bedrijven, maar voor onze volledige planeet. Zo zou volgens de voorspellingen van de Verenigde Naties zo'n 40% van onze planeet tegen 2030 met een watertekort te maken kunnen krijgen.

De watervoetafdruk: een belangrijke indicator

De watervoetafdruk zouden we kunnen beschrijven als het totale watervolume dat nodig is om goederen en diensten te produceren. We weten bijvoorbeeld dat er 11.000 liter water nodig is om een katoenen jeans te produceren. Die indicator houdt dus rekening met het rechtstreeks of onrechtstreeks gebruikte water, vanaf het gebruik van de grondstoffen tot het levenseinde van het product. Wanneer we de watervoetafdruk meten, houden we rekening met drie verschillende categorieën:

  • blauw water of zacht oppervlakte- of grondwater;
  • groen water of regenwater dat in de bodem wordt opgeslagen;
  • grijs water of water dat vervuild is door productieprocessen.

Net als bij de koolstofvoetafdruk is het ook bij de watervoetafdruk de bedoeling dat zowel particulieren als overheden en uiteraard ook bedrijven bewust worden gemaakt van hun waterverbruik en dus ook hun verantwoordelijkheid opnemen. En terecht, want wist u dat de bedrijven verantwoordelijk zijn voor bijna 40% van het gebruikte water in de ontwikkelde landen?

Wel bewustwording, maar weinig acties

Hoe gaan de bedrijven dan om met hun 'watervoetafdruk'? Het Amerikaanse bedrijf Ecolab en GreenBiz, een organisatie die wereldwijd actief is op het vlak van duurzaamheid, trachtten een antwoord te geven op die vraag aan de hand van een studie. Op die manier probeerden ze inzicht te krijgen in de manier waarop 86 grote bedrijven (met meer dan een miljard dollar inkomsten) het thema aanpakken. Belangrijkste vaststelling: hoewel de meeste grote spelers zich wel degelijk bewust zijn van de uitdagingen, kost het hen heel wat moeite om hun waterdoelstellingen in concrete acties om te zetten.

  • Zo bevestigt 74% van de corporates dat water een onvermijdelijke prioriteit wordt, is 59% zich bewust van een verhoogd risico voor de business en verklaart 90% de komende drie jaar iets te willen doen om hun impact op het waterverbruik te meten en te beheren.
  • Maar komen van die woorden ook echt daden? Daar is de weg nog lang: 44% van deze bedrijven heeft geen actieplan om de concrete doelstellingen te bereiken en slechts iets meer dan de helft past slimme tools toe om hun waterverbruik te monitoren.

Engagement als cruciale factor

Deze resultaten liggen in de lijn van de resultaten van een enquête uit 2017, waarin 82% van de bedrijven zei niet over de nodige tools te beschikken om iets aan hun watervoetafdruk te doen. Ondanks dat gebrek aan hulpmiddelen, blijft de voornaamste hefboom het engagement van alle betrokken partijen. De kloof tussen doelstellingen en resultaten wordt immers voornamelijk veroorzaakt door het verschil in bewustwording van enerzijds de mensen die de concrete doelstellingen vastleggen (directie of mvo-team) en anderzijds diegenen die de verandering ook echt in de praktijk moeten toepassen. Zo heeft bijna 40% van de bedrijven het moeilijk om hun spelers op het terrein te betrekken en te mobiliseren.

Om iedereen mee te kunnen trekken in dit avontuur, moeten de medewerkers in de eerste plaats opgeleid en gesensibiliseerd worden. Daarnaast moeten ook de externe betrokken partijen – klanten en leveranciers – bewust worden gemaakt van de problematiek. Via denkoefeningen en actieplannen moeten bedrijven de notie 'water' meer en meer opnemen in hun algemene aanpak. Denk bijvoorbeeld aan marketingacties (maar best geen greenwashing) om consumenten bewust te maken van het probleem en de keuze van de verschillende partners voor de volledige toeleveringsketen.

Article

27.04.2021

Experts van onze bank helpen de energietransitie vooruit via de Solar Impulse Foundation

Twee specialisten van onze bank behoren tot de topexperts van deze internationale stichting, die rendabele oplossingen verzamelt voor een snellere omschakeling naar duurzame energie.

Voor onze bank is duurzaamheid al sinds jaar en dag een belangrijke pijler. Zo zijn we CO2-neutraal sinds 2017, begeleiden we bedrijven in hun energietransitie en steunen we start-ups en organisaties die werken rond hernieuwbare energie. De Solar Impulse Foundation kan dan ook al van bij haar oprichting rekenen op sponsoring van de BNP Paribas Groep.

Ecologie en economie verzoenen

De Solar Impulse Foundation werd opgericht door de Zwitserse psychiater en pionier Bertrand Piccard, die er zijn levensdoel van maakt om de kansen van duurzame ontwikkeling aan te tonen. In 1999 maakte hij als eerste een non-stopballonvaart rond de wereld en in 2016 legde hij dat traject nog eens af met een vliegtuig op zonne-energie. Sindsdien gebruikt Piccard zijn populariteit om ruchtbaarheid te geven aan oplossingen die het milieu op een winstgevende manier kunnen beschermen. Het uiteindelijke doel? Besluitvormers en bedrijven motiveren om ambitieuzere milieudoelstellingen en een beter energiebeleid vast te leggen, om zo CO2-neutraliteit te bereiken.

1.000 duurzame oplossingen

Vier jaar geleden kondigde de Solar Impulse Foundation aan dat ze wereldwijd op zoek ging naar 1.000 duurzame oplossingen om de energietransitie te versnellen. Dat unieke portfolio aan oplossingen zou dan een essentieel onderdeel moeten worden van alle beslissingen, debatten en politieke onderhandelingen over het milieu. Concreet gaat het over oplossingen die bedrijven op de markt gebracht hebben - of zullen brengen - en die economisch rendabel en technologisch haalbaar zijn, maar nog niet de zichtbaarheid genieten die ze verdienen.

Op 13 april 2021 werd de kaap van de 1.000 oplossingen bereikt. Maar omdat innovatie nooit stopt, blijft de Foundation oplossingen toevoegen.

Expertise vanuit onze bank

Om zoveel mogelijk innovatieve oplossingen te verzamelen, krijgt de Foundation hulp van heel wat partners en een uitgebreide pool van meer dan 300 experts uit bedrijven van over heel de wereld. Aangezien gelijk welk bedrijf zijn product op de website van de stichting mag voorleggen, moeten die experten de geregistreerde oplossingen objectief en gedetailleerd beoordelen op 3 vlakken: rendabiliteit, milieu-impact en technische haalbaarheid. Sinds enkele jaren wijden ook medewerkers van BNP Paribas Fortis zich aan die taak.

Een van hen is Quentin Nerincx, Senior Advisor Cleantech bij ons Sustainable Business Competence Centre, dat bedrijven adviseert om duurzamer te ondernemen. “Ik heb niet getwijfeld om mij kandidaat te stellen”, vertelt Quentin enthousiast. “Het is een boeiend project met een mooi en ambitieus doel. Maandelijks stuurt de Foundation mij een dossier om te analyseren. Elke oplossing wordt door twee verschillende experts bestudeerd en als die allebei een positief oordeel vellen, krijgt de oplossing het label van de Solar Impulse Foundation. Dat kwaliteitskenmerk kan helpen om de implementatie van de voorgestelde oplossing – bijvoorbeeld een nieuwe technologie of een product - te versnellen.” 

Ook Gunter Brems, Sustainability Expert Housing & Sourcing Services, leent zijn expertise uit: “Het is een eer om aan dit prestigieuze project mee te mogen werken. Ik heb in 2020 verschillende dossiers beoordeeld en dat was een verrijkende ervaring, niet alleen om kennis te delen maar ook om nieuwe kennis op te doen. Het is fijn om vast te stellen hoe innovatief sommige bedrijven omgaan met een wereld in verandering, net zoals onze bank dat doet, en hoe er samen naar duurzame alternatieven gezocht wordt.”

Onze bedrijfsklanten helpen bij hun energietransitie

“Ook voor mijn job als duurzaamheidsadviseur bij de bank is dit project interessant, want ik blijf op de hoogte van nieuwe oplossingen die wereldwijd ontwikkeld worden. Zo breid ik mijn expertise continu uit en kan ik breed meedenken met bedrijfsklanten die oplossingen zoeken voor hun energietransitie”, voegt Quentin toe.

Eind vorig jaar vernam Quentin dat hij in de top 20 staat van de deskundigen die expertise leveren aan de Solar Impulse Foundation. Gunter schopte het zelfs tot in de top 10. Die rangschikking maken ze hoofdzakelijk op basis van het aantal geanalyseerde oplossingen en de kwaliteit van de verslagen. “Het doet ons veel plezier dat onze inbreng gewaardeerd wordt”, vertellen de twee experts.

Overheden gidsen

De verzameling van meer dan 1.000 goedgekeurde oplossingen is te vinden op de website van de Solar Impulse Foundation. Deze zomer publiceert de Foundation ook een Solutions Guide die overheden, bedrijven en individuen in staat stelt om concrete oplossingen te vinden en te implementeren op grote schaal. Met deze tool kan iedereen in slechts drie klikken oplossingen vinden voor problemen in specifieke geografische, industriële of financiële omgevingen.

De Foundation zal bovendien aan verschillende overheidsinstanties een Cleanprint bezorgen, een soort rapport en plan voor regeringen en bedrijven om aan de hand van de verzamelde oplossingen hun klimaatdoelen te bereiken, in overeenstemming met het Klimaatakkoord van Parijs. Het rapport zal ook aangeven waar overheidsinstanties hun wettelijke kaders kunnen moderniseren voor de ambitieuze invoering van deze oplossingen. De eerste Cleanprint wordt door Bertrand Piccard gepresenteerd op de COP26 Climate Summit in november 2021 in Glasgow.

Jean-Laurent Bonnafé, CEO van BNP Paribas: “Er is geen toekomst voor de samenleving zonder een succesvolle energietransitie op lange termijn. Deze transformatie kan alleen collectief worden uitgevoerd en vereist technische en technologische serviceoplossingen. Door de uitdaging aan te gaan om 1.000 oplossingen te selecteren die milieubescherming aanmoedigen en tegelijkertijd winstgevend zijn, helpt de Solar Impulse Foundation ons om dit doel op een zeer praktische manier en in overeenstemming met de doelstellingen van de Overeenkomst van Parijs te bereiken.”

“Zien dat er door regeringsleiders en andere besluitvormers daadwerkelijk gevolg gegeven wordt aan de verzamelde oplossingen, dat zal de kroon op ons werk zijn”, besluiten Quentin en Gunter.

Advies nodig om duurzamer te ondernemen met uw bedrijf?
Contacteer onze experts van het Sustainable Business Competence Centre
Article

25.02.2021

Hoe kan de blauwe economie een verschil maken?

Wat als de toekomst van duurzaam ondernemen nu eens op de bodem van de oceaan ligt? De mariene biodiversiteit bevat rijkdommen die een antwoord kunnen bieden op milieu-uitdagingen van veel sectoren. Misschien ook de uwe? Kom het te weten op 11 maart 2021 tijdens een online evenement over de veelbelovende blauwe economie.

Blauw is het nieuwe groen

71% van onze planeet bestaat uit water. Zeeën en oceanen spelen een cruciale rol voor het klimaat. Kustgebieden kunnen tot vijf keer meer CO2 opvangen dan tropische wouden. De blauwe economie wil van al die troeven gebruikmaken om zowel het milieu als ons welzijn te verbeteren.

Lokaal is daarbij het sleutelwoord. En daar zit het verschil met de groene economie die ook inzet op milieu en gezondheid, maar niet altijd op een even duurzame en slimme manier. Biologisch geteelde quinoa uit Ecuador eten, is bijvoorbeeld gezond en ecologisch, maar het transporteren naar hier, is duur en erg vervuilend.

Duurzaamheid uit de zee

Wat heeft de onderwaterwereld te bieden dat herbruikt, gerecycleerd of omgezet kan worden in nieuwe duurzame producten? Heel wat, zo blijkt. Unieke eigenschappen van organismen zoals algen, zeesterren, kwallen of zeekomkommers kunnen getransformeerd worden tot duurzame producten met een grote meerwaarde. Dat proces vraagt om creativiteit en innovatie, maar die is er vandaag wel degelijk.

Ook voor uw sector

De blauwe economie is in volle expansie en zou voor een omwenteling kunnen zorgen in uiteenlopende sectoren zoals gezondheidszorg, de voedingssector, de plastiekindustrie, cosmetica, energie, en zelfs de ruimtevaart. Ze heeft alles in zich om bedrijven te helpen hun traditionele activiteiten om te zetten naar een duurzaam model. En met haar havens bezit België alvast een grote troef en een mooie toegang tot kust- en overzeese gebieden.

Nog een schepje microalgen?

Microalgen bijvoorbeeld, zijn bijzonder veelbelovend. Ze kunnen zichzelf vernieuwen en gedijen zowel in de woestijn als in de oceaan. Ze bevatten heel wat gezonde bestanddelen, zoals eiwitten, waarmee voedingsmiddelen ontwikkeld kunnen worden.

Duurzaam plastiek

Wordt er over de oceanen gesproken, dan is de plastiekproblematiek nooit veraf. De mens produceert steeds meer plastiek naarmate de wereldbevolking toeneemt. Het probleem met het huidige plastiek is dat het amper te recycleren is omdat de verschillende onderdelen moeilijk te scheiden zijn. Door een totaal andere soort plastiek te maken van biomassa wordt van in de ontwerpfase al rekening gehouden met dat recyclage-aspect. In de oceanen is een grote hoeveelheid biomassa aanwezig die nog onbenut blijft. Het gebruik van slimme natuurlijke polymeren bijvoorbeeld kan de plastiekproductie revolutionair veranderen. Die polymeren kunnen zich vernieuwen en aanpassen aan hun omgeving.

Wie gaat dat betalen?

Prachtige ideeën denkt u, maar wie gaat dat betalen? De financiële sector wil alvast een rol opnemen in deze omwenteling en is bereid risico’s te nemen en te investeren in nieuwe technologieën, productiesystemen en R&D.

Tijdens de klimaatweek in New York eind september 2020 werd dat engagement op verschillende manieren geformaliseerd. BNP Paribas tekende de Principles for Responsable Banking (PRB) en sloot zich aan bij de Collective Commitment to Climat Action van de UNEP FI, een partnerschap tussen het United Nations Environment Program en de financiële sector. Wat de maritieme sector in het bijzonder betreft, engageerde de bank zich om samen met klanten te ijveren voor het behoud en de duurzame exploitatie van de oceanen. Lees hier meer details over dat engagement (uitsluitend beschikbaar in het Frans).

Benieuwd of de blauwe economie voor uw sector een verschil zou kunnen maken?
Schijf u hier in voor een gratis online evenement (uitsluitend in het Engels) rond dit thema op 11 maart 2021 georganiseerd door BNP Paribas Fortis Chair Transport, Logistics and Ports.

Verschillende ervaringsdeskundigen delen hun inzichten en ook onze experts van het Sustainable Business Competence Centre komen aan het woord. Zij kunnen u adviseren over innovaties en begeleiden bij uw duurzame transitie. Neem gerust contact op.
Article

10.02.2021

Wat met de mobiliteit na de coronacrisis?

De gezondheids- en economische crisis heeft alle sectoren in al hun aspecten getroffen. Onder meer de mobiliteit, zowel voor particulieren als voor bedrijven.

De mobiliteit evolueert elke dag. En deze evolutie is met de coronacrisis in een hogere versnelling geraakt. Heel wat mensen werden geïsoleerd en telewerken werd de norm in een groot deel van de wereld.

De coronacrisis heeft de bezorgdheden op het vlak van transport veranderd

Vanaf nu verplaatsen we ons niet langer op dezelfde manier. En onze bekommernissen zijn ook niet meer dezelfde. Volgens een rapport van BCG Consulting zijn de fysieke afstand en de netheid van het voertuig het belangrijkst voor respectievelijk 41 en 39% van de respondenten wanneer ze een transportmiddel moeten kiezen. Er is ook het fenomeen van de pre- en postcoronamobiliteit, aangezien de respondenten nu meer dan vóór de crisis geneigd zijn om te voet te gaan of hun eigen fiets, scooter of wagen te gebruiken.

Duurzame en alternatieve mobiliteit in de komende jaren

Het is niet zo dat de mobiliteit gewacht heeft op de coronacrisis om te evolueren. Het aandeel milieuvriendelijke voertuigen zal blijven toenemen, steeds volgens dezelfde verhouding. Tegen 2035 zullen de elektrische auto's meer dan 35% uitmaken van het aandeel nieuwe voertuigen en zal elektriciteit wereldwijd de overheersende aandrijfkracht zijn. Het aandeel zelfrijdende wagens zal ook toenemen, met 10% voertuigen van niveau 4 (die zich bijvoorbeeld zonder bestuurder kunnen verplaatsen) en 65% van niveau 2 of hoger.

Mobiliteit op maat van de werknemers, vanaf nu

De toekomst van de mobiliteit speelt ook vandaag al, met name voor de ondernemingen en de zelfstandigen. De noodzaak aan alternatieve verplaatsingsmiddelen is niet alleen voelbaar bij particulieren maar ook bij werknemers. Er is geen enkel vervoermiddel meer dat bij elke situatie past, maar we hebben wel een waaier aan mogelijkheden, afhankelijk van de behoefte van het moment. Elektrische wagens, hybride wagens, elektrische fietsen, een abonnement voor het openbaar vervoer, autodelen, leasing ...  Deze middelen kunnen verschillende vormen aannemen en bijvoorbeeld worden gecombineerd in een mobiliteitskaart. Voordelig voor de medewerkers en managers van een onderneming, maar ook voor de samenleving zelf dankzij de kostenbesparing, de optimalisatie en het beheer van het wagenpark.

Meer weten over duurzame en alternatieve mobiliteit voor u en uw medewerkers?
Ontdek onze mobiliteitsoplossingen op maat

Discover More

Contact
Close

Contact

Klachten

Zou u onderstaande vragen kunnen beantwoorden? Zo kunnen wij uw aanvraag sneller en op een meer geschikte manier behandelen. Alvast bedankt.

U bent zelfstandige, oefent een vrij beroep uit, start of leidt een kleinere, lokale onderneming? Ga dan naar onze website voor professionelen.

U bent particulier? Ga dan naar onze website voor particulieren.

Is uw onderneming/organisatie klant bij BNP Paribas Fortis?

Mijn organisatie wordt bediend door een Relationship Manager:

Uw boodschap

Typ de code die in de afbeelding wordt getoond:

captcha
Check
De Bank verwerkt uw persoonsgegevens overeenkomstig de Privacyverklaring van BNP Paribas Fortis NV.

Bedankt

Uw bericht is verzonden.

We antwoorden u zo snel mogelijk.

Terug naar de huidige pagina›
Top