Duurzaamheid wordt voor de meeste economische spelers een prioriteit. Die uitdaging mag echter niet beperkt blijven tot het terugdringen van hun CO2-uitstoot. Ze moeten immers ook rekening houden met hun 'watervoetafdruk'.

De klimaatuitdagingen staan meer dan ooit op de voorgrond. En die uitdagingen grijpen de economische spelers ook met beide handen... Het is bijvoorbeeld geen toeval dat 75% van de Belgische bedrijven vindt dat maatschappelijk verantwoord ondernemen (mvo) op termijn de investering waard is. In die duurzame transitie staat de koolstofvoetafdruk centraal bij de initiatieven die in de verschillende bedrijven worden genomen.
CO2 overschaduwt water
Maatschappelijk verantwoord ondernemen moet in de eerste plaats een globale strategie zijn. Vandaag is het echter vooral de koolstofbalans die met alle aandacht gaat lopen. In die mate zelfs dat koolstof alle andere factoren die bepalend zijn voor de menselijke druk op het milieu begint te verdringen. Denk bijvoorbeeld aan biodiversiteit, het gebruik van de hulpbronnen, bodemvervuiling of de 'watervoetafdruk'. De strijd tegen de klimaatopwarming mag zich dus niet beperken tot slechts een deel van de hele kwestie ... Ook water vormt in die zin een cruciale uitdaging, want loopt er op dat vlak iets mis, dan zijn de gevolgen niet te overzien: droogte, woestijnvorming, overstromingen, ziektes en noem maar op. Water is ontegenzeglijk een strategische rijkdom, niet alleen voor bedrijven, maar voor onze volledige planeet. Zo zou volgens de voorspellingen van de Verenigde Naties zo'n 40% van onze planeet tegen 2030 met een watertekort te maken kunnen krijgen.
De watervoetafdruk: een belangrijke indicator
De watervoetafdruk zouden we kunnen beschrijven als het totale watervolume dat nodig is om goederen en diensten te produceren. We weten bijvoorbeeld dat er 11.000 liter water nodig is om een katoenen jeans te produceren. Die indicator houdt dus rekening met het rechtstreeks of onrechtstreeks gebruikte water, vanaf het gebruik van de grondstoffen tot het levenseinde van het product. Wanneer we de watervoetafdruk meten, houden we rekening met drie verschillende categorieën:
- blauw water of zacht oppervlakte- of grondwater;
- groen water of regenwater dat in de bodem wordt opgeslagen;
- grijs water of water dat vervuild is door productieprocessen.
Net als bij de koolstofvoetafdruk is het ook bij de watervoetafdruk de bedoeling dat zowel particulieren als overheden en uiteraard ook bedrijven bewust worden gemaakt van hun waterverbruik en dus ook hun verantwoordelijkheid opnemen. En terecht, want wist u dat de bedrijven verantwoordelijk zijn voor bijna 40% van het gebruikte water in de ontwikkelde landen?
Wel bewustwording, maar weinig acties
Hoe gaan de bedrijven dan om met hun 'watervoetafdruk'? Het Amerikaanse bedrijf Ecolab en GreenBiz, een organisatie die wereldwijd actief is op het vlak van duurzaamheid, trachtten een antwoord te geven op die vraag aan de hand van een studie. Op die manier probeerden ze inzicht te krijgen in de manier waarop 86 grote bedrijven (met meer dan een miljard dollar inkomsten) het thema aanpakken. Belangrijkste vaststelling: hoewel de meeste grote spelers zich wel degelijk bewust zijn van de uitdagingen, kost het hen heel wat moeite om hun waterdoelstellingen in concrete acties om te zetten.
- Zo bevestigt 74% van de corporates dat water een onvermijdelijke prioriteit wordt, is 59% zich bewust van een verhoogd risico voor de business en verklaart 90% de komende drie jaar iets te willen doen om hun impact op het waterverbruik te meten en te beheren.
- Maar komen van die woorden ook echt daden? Daar is de weg nog lang: 44% van deze bedrijven heeft geen actieplan om de concrete doelstellingen te bereiken en slechts iets meer dan de helft past slimme tools toe om hun waterverbruik te monitoren.
Engagement als cruciale factor
Deze resultaten liggen in de lijn van de resultaten van een enquête uit 2017, waarin 82% van de bedrijven zei niet over de nodige tools te beschikken om iets aan hun watervoetafdruk te doen. Ondanks dat gebrek aan hulpmiddelen, blijft de voornaamste hefboom het engagement van alle betrokken partijen. De kloof tussen doelstellingen en resultaten wordt immers voornamelijk veroorzaakt door het verschil in bewustwording van enerzijds de mensen die de concrete doelstellingen vastleggen (directie of mvo-team) en anderzijds diegenen die de verandering ook echt in de praktijk moeten toepassen. Zo heeft bijna 40% van de bedrijven het moeilijk om hun spelers op het terrein te betrekken en te mobiliseren.
Om iedereen mee te kunnen trekken in dit avontuur, moeten de medewerkers in de eerste plaats opgeleid en gesensibiliseerd worden. Daarnaast moeten ook de externe betrokken partijen – klanten en leveranciers – bewust worden gemaakt van de problematiek. Via denkoefeningen en actieplannen moeten bedrijven de notie 'water' meer en meer opnemen in hun algemene aanpak. Denk bijvoorbeeld aan marketingacties (maar best geen greenwashing) om consumenten bewust te maken van het probleem en de keuze van de verschillende partners voor de volledige toeleveringsketen.
18.02.2019
Het is nog niet te laat!
De experts van het IPCC trekken aan de alarmbel voor het klimaat. Volgens hun rapport is het nog mogelijk om de klimaatopwarming te beperken als er de komende jaren ongeziene maatregelen worden genomen.
Sinds 1950 zijn de hoeveelheden koolstofdioxide in de atmosfeer alleen maar toegenomen. De niveaus die sindsdien worden bereikt, zijn nooit eerder waargenomen op aarde. De eerste gevolgen van die verstoring kent iedereen maar al te goed: stijging van de temperatuur op aarde, sterke daling van de biodiversiteit, stijging van het niveau van de zeespiegel ...
Een daadkrachtig rapport
Het Intergovernmental Panel on Climate Change, of kortweg IPCC, publiceerde een rapport waarin wordt gezegd dat het nog mogelijk is om de meest dramatische gevolgen van de klimaatverandering te beperken en ons te wapenen tegen de meest onvoorspelbare gevolgen. Daarvoor moet er de komende jaren een reeks ongeziene maatregelen worden genomen. Volgens het IPCC is de Overeenkomst van Parijs niet ambitieus genoeg. Die Overeenkomst werd in 2015 ondertekend tijdens de COP21 en wil dat de verhoging van de gemiddelde temperatuur op aarde tegen 2100 onder 2 °C blijft ten opzichte van het pre-industriële niveau. Daarbij zal zelfs worden getracht om de temperatuurstijging te beperken tot 1,5 °C. Maar wat is nu precies het verschil tussen een temperatuurstijging van 1,5 en 2 °C? En welke maatregelen moeten worden genomen om de klimaatopwarming tegen te gaan? Het rapport van het IPCC brengt duidelijkheid.
Wat zijn de gevolgen?
Ondanks het feit dat onze aarde al met gemiddeld 1 °C opgewarmd is ten opzichte van het pre-industriële niveau, kan het scenario van 1,5 °C nog op heel wat vlakken voor significante verschillen zorgen. Zoals? Extreme warmte in de bewoonde gebieden, en dus ook in Europa en België, waar de temperaturen kunnen stijgen tot boven 50 °C in de zomer, intensieve neerslag in de meeste streken wereldwijd, hogere risico's op droogte en ga zo maar door. Bij een klimaatopwarming van 2 °C zullen de risico's verbonden aan deze fenomenen nog significanter toenemen. Een stijging van meer dan 1,5 °C of zelfs meer dan 2 °C zou er bijvoorbeeld voor kunnen zorgen dat de ijskap van Groenland onomkeerbaar afsmelt en dat de ijskap van Antarctica instabiel wordt. En dat zou op zijn beurt een stijging van het zeewaterniveau met meerdere meters kunnen veroorzaken. Het ergste gevolg is het ontstaan van een positief terugkoppelingsmechanisme, waarbij de opwarming nog sneller gaat en zichzelf gaat versterken. Gevolg? Bosbranden, het smelten van de permafrost waarbij enorme hoeveelheden methaan vrijkomen (een broeikasgas dat nog een stuk sterker is dan koolstof), opwarming van de oceanen enz.
Wat nu?
Eén ding is zeker: onze levensstijl zal drastisch veranderen. Willen we de klimaatopwarming beperken tot 1,5 °C? Dan moeten we volgens de experts de uitstoot van broeikasgassen met 45 % beperken tegen 2030 en rond 2050 een netto nul-uitstoot bereiken. Voor die doelstellingen is betrokkenheid en verandering in alle lagen van onze samenleving nodig, met andere woorden: van particulieren tot grote bedrijven. Naast de drastische vermindering van de uitstoot, is ook de opname van CO2 cruciaal om de doelstellingen te bereiken. In de eerste plaats zijn er de natuurlijke oplossingen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de stopzetting van de ontbossing en herbebossing, maar ook aan een transitie in de voedingsmiddelenindustrie, met onder meer de overgang naar agro-ecologie. Ook op technologisch vlak bestaan er oplossingen om CO2 uit de atmosfeer te halen en onder de grond te stoppen of als grondstof te gebruiken. De toepassing van deze oplossingen op grote schaal is echter onderhevig aan verschillende haalbaarheids- en duurzaamheidsfactoren.
Bedrijven als motor van de verandering
Welk scenario er ook wordt gekozen, bedrijven zullen altijd een cruciale rol spelen om de te volgen weg te tonen. Daarom willen wij bedrijven begeleiden bij hun overgang naar een duurzame samenleving. Het klimaat vraagt om dringende acties en de ongelijkheid neemt toe. We kunnen dus niet anders dan bedrijven helpen bij het veranderen van hun businessmodel, zodat ze hun steentje bijdragen aan een 'duurzame welvaart'. Het Sustainable Business Competence Centre (SBCC) biedt bedrijven naast advies ook financieringsoplossingen om hen te helpen bij hun transitie naar meer duurzaamheid. In samenwerking met zijn partners, bouwt het SBCC voortdurend verder aan zijn expertise en deelt het die zowel intern (via opleidingssessies, Academy Cafés enz.) als extern (via Learning Expeditions, thema-evenementen, workshops enz.). Als grootste Belgische bank zijn wij ervan overtuigd dat we een belangrijke rol spelen om de Belgische ondernemers bewust te maken van deze thema's.
17.02.2023
Biométhane du Bois d’Arnelle produceert duurzaam biogas met restafval uit de landbouw
Biométhane du Bois d’Arnelle in Henegouwen is de grootste biogasproducent van ons land. Oprichter Jérôme Breton legt uit hoe zijn fabriek werkt, een samenwerkingsverband met lokale boeren.

In Frasnes-lez-Gosselies torenen drie grote grijze koepels en een kegelvormig dak boven de Henegouwse velden uit. Het is een fabriek voor biogas. Door gebrek aan een juridisch en administratief kader duurde het zes jaar voordat Jérôme Breton, bedenker en eigenaar, zijn project kon verwezenlijken. Maar ondertussen draait de productie-eenheid op volle toeren en produceert ze 70.000 megawattuur energie.
“Wij recycleren voedselafval en reststromen uit de landbouw, dierlijke mest, stro, bietenbladeren, schillen, enzovoort. Alles komt van binnen een straal van 15 kilometer rond de fabriek”, legt Breton uit. “We werken samen met zo’n honderd boeren, die hierdoor een extra inkomen krijgen. In de vergisters, betonnen tanks die verwarmd worden tot 40 graden, wordt het materiaal op een natuurlijke wijze door bacteriën afgebroken en ontstaat er biogas dat bestaat uit 45 procent CO² en 55 procent methaan. Dit ‘biomethaan’ winnen we terug door het te filteren en we injecteren het in het aardgasdistributienet. Het residu is een zwarte vloeistof die rijk is aan organisch materiaal en zeer voedzaam is voor gewassen. Die verspreiden we als meststof, waardoor je de CO² langdurig in de bodem kan opslaan.”
Veelzijdig en rendabel
10 tot 15 procent van het methaan wordt gebruikt om het energieverbruik van de fabriek te dekken. Biomethaan is erg veelzijdig en kan gebruikt worden als brandstof, als grondstof voor petrochemische producten, het kan turbines aandrijven en je kan de opgewekte warmte terugwinnen, zoals in een automotor. “Een warmtekrachtkoppelingsmotor die tegelijk elektriciteit en warmte produceert, heeft een totaalrendement van 80 procent. Met ons systeem kan je 99,5 procent van het geproduceerde biogas in het netwerk injecteren”, berekent Breton. “In een distributienetwerk varieert de druk, waardoor de infrastructuur injecties kan opvangen zonder dat je extra investeringen nodig hebt om ze op te slaan.”
Het bedrijf verbouwt ook zelf maïs, bieten en granen om ze te gebruiken voor biogas. “Op 600 hectare landbouwgrond produceren we 30 procent van onze grondstof waardoor we het hele jaar door onze vergisters kunnen bevoorraden.”
Volgens Breton had hij zijn project niet kunnen realiseren zonder de steun van BNP Paribas Fortis. “Het is de enige bank die zulke gespecialiseerde experts in huis heeft. Ook andere partners gebruikten hun analyses. Het vertrouwen kwam van twee kanten en is nog altijd sterk. In mijn model voorzag ik niet in overheidssubsidies, terwijl ik toch tegen correcte prijzen wilde produceren. We zitten nu op 100 euro per megawattuur, terwijl de prijzen in augustus vorig jaar bijna 350 euro bedroegen.”
Succesverhalen van ondernemers
Bij BNP Paribas Fortis zijn we bijzonder fier dat we aan de zijde staan van gepassioneerde en inspirerende ondernemers zoals Jérôme Breton. Want samen bouwen aan het ondernemerschap van morgen, ook dat is Positive Banking.
15.02.2023
Elessent levert oplossingen voor een schonere productie in de chemische industrie
Veel processen in de chemische industrie zijn vervuilend. Bij Elessent Clean Technologies EMEAI brengen ze daar verandering in, dankzij innovatie die de sector milieuvriendelijker en duurzamer kan maken.
“Onze missie is de ontwikkeling van schonere en koolstofvrije productieprocessen voor onze klanten. Innovatie is de kern van ons bedrijf’, zegt Sara Alvarez, Finance Manager Elessent EMEAI.
“We spreken over schonere alternatieven voor traditionele industriële methoden. Zo helpen we onze klanten om producten te blijven ontwikkelen die essentieel zijn voor ons dagelijks leven, maar met een veel kleinere impact op het milieu, vooral dan verontreinigende stoffen en CO2-uitstoot.”
De metaal-, kunstmest-, chemische en raffinage-industrie zijn de belangrijkste klanten van het bedrijf dat kant-en-klare oplossingen levert. “De beste manier om onze business te begrijpen is met concrete voorbeelden”, zegt Tjaart Van Der Walt, Director Elessent EMEAI. “We hebben vier kerntechnologieën. De eerste is de vervaardiging van zwavelzuur, dat op grote schaal wordt gebruikt in de industrie, van kunstmestfabrikanten tot pigmentfabrieken. Je verkrijgt het door zwavel te verbranden. We hebben al 90 jaar ervaring met procesontwerpen, energieterugwinning en het ontwerp van installaties. Ondertussen leverden we er al meer dan duizend. Zulke processen zijn de sleutel tot de productie van schonere batterijen.”
Brandstoffen en batterijen
Elessent Clean Technologies beschikt ook over alkyleringstechnologie, een reactie die doorgaans in de organische chemie wordt gebruikt om brandstoffen met een hoog octaangehalte te produceren. Die maken sommige motoren efficiënter. Dit soort verbindingen zijn waardevol voor de petrochemische en raffinage-industrie. “Wij exploiteren ruim 100 alkyleringslocaties over de hele wereld”, zegt Tjaart Van Der Walt. “En 25 hydrotreating sites. Ze vormen een cruciale stap in de raffinage van olie, waarbij sommige elementen worden verwijderd. De vermindering van het zwavel- en stikstofgehalte bijvoorbeeld, wat de stabiliteit verbetert. Onze eigen technologie van mild hydrokraken helpt dan weer om meer waarde uit ruwe olie te halen.”
Naast deze processen, die de kwaliteit en het rendement van koolwaterstoffen optimaliseren, voegt het bedrijf zogenaamde nattewassingtechnologie toe, die doeltreffend is bij de behandeling van dampen.
“We ontwikkelen onze activiteiten op wereldschaal. Om die internationale expansie te ondersteunen, hebben we de blijvende steun nodig van BNP Paribas Fortis. Die voorziet ons van financiële steun en de bank beschikt over een uitgebreide expertise in onze sector”, zegt Sara Alvarez. “Onze samenwerking is bijvoorbeeld cruciaal in Marokko, Tunesië, India en Zuid-Afrika. Hetzelfde geldt voor wisselrisicodekking, essentieel in een volatiele markt. Dankzij dit partnerschap kunnen we onze internationale expansie voortzetten.”
De essentie
- Elessent levert technologie om industriële processen minder vervuilend te maken.
- Bijvoorbeeld de terugwinning van de warmte die vrijkomt bij de verbranding van zwavel om zwavelzuur te verkrijgen. Die kan 94 procent opleveren, in plaats van 70 procent in een traditionele installatie.
Succesverhalen van ondernemers
Bij BNP Paribas Fortis zijn we bijzonder fier dat we aan de zijde staan van gepassioneerde en inspirerende ondernemers. Want samen bouwen aan het ondernemerschap van morgen, ook dat is Positive Banking.
Bron: De Tijd
15.02.2023
Een van de duurzaamste bedrijven ter wereld aan het woord: Nitto Belgium
Duurzaam ondernemen is niet langer een keuze, maar een must. Dat weet ook Sam Strijckmans, CEO van Nitto Belgium. “Ons doel is om klimaatneutraal te zijn tegen 2045, vijf jaar vroeger dan de ambitie van de EU.”

Bij het brede publiek zijn de producten van Nitto niet erg bekend. “Dat is logisch, want wij werken B2B (voor andere bedrijven, red.)”, vertelt Sam Strijckmans, CEO van Nitto voor Europa, het Midden-Oosten en Azië. “Onze producten worden gebruikt als onderdeel van een eindproduct of productieproces, dus niet rechtstreeks door de eindconsument. Daardoor is onze aanwezigheid vaak onzichtbaar. Zo produceert Nitto in Genk bijvoorbeeld industriële kleefbanden, die terechtkomen in wagens en allerlei andere toepassingen.”
Laptops, tablets en smartphones
Van de wereldomzet van de Nitto Group is meer dan 50% gerelateerd aan consumentenelektronica. “Nitto produceert polariserende folies voor platte beeldschermen, laptops, tablets, smartwatches en (plooibare) smartphones. Eigenlijk alles waar een scherm of touchscreen in zit. Zo ongeveer alle grote mobieletelefoonproducenten zijn klant bij ons.” Maar ook voor de auto-industrie, farma, glas, meubilair, metaal en persoonlijke verzorging produceert Nitto materiaal. In totaal meer dan 13.500 producten voor verschillende sectoren.
Platinum Label
Nitto Belgium werd begin 2022 bekroond met het Platinum Label van EcoVadis, een sustainability rating agency. “Daarmee behoren we tot de top van meest duurzame bedrijven ter wereld”, legt Strijckmans uit. “We zetten heel sterk in op de EU Green Deal: die wil Europa CO2-neutraal maken tegen 2050. Maar wij zijn ambitieuzer dan dat. Ons doel is om volledig klimaatneutraal te zijn tegen 2045.”
“Ik ben er rotsvast van overtuigd dat duurzaamheid en ondernemerschap perfect hand in hand kunnen gaan. Er is voldoende energie aanwezig op onze planeet in de vorm van water, zon en wind om in al onze energiebehoeften te voldoen. De uitdaging ligt in het capteren, het opslaan en het distribueren ervan. Technologische innovatie zal daar een antwoord op bieden en Nitto draagt daaraan bij.”
Verbeterde productieprocessen
Nitto streeft ernaar de eigen productieprocessen zo milieuvriendelijk mogelijk te maken. “We produceren protectiefolies, films, kleefbanden. De lijm hiervoor wordt traditioneel gemaakt van solventen uit aardolie. Het is voor ons de uitdaging om die producten milieuvriendelijker te maken. Als de lijm gedroogd wordt, vervliegen die solventen. Wij vangen dat op en distilleren er nieuwe solventen uit, die we opnieuw inzetten in onze productie. Daardoor kunnen we nu 60% van de gebruikte solventen recupereren. In de toekomst zullen we de solventen uit aardolie vervangen door niet-organisch materiaal, zodat er geen emissies meer zijn. Daar experimenteren we nu volop mee.”
Op dit moment is 100% van de elektriciteit bij Nitto in heel Europa al groen. “Maar we moeten daar verdere stappen in zetten. De uitdaging zit niet in het aankopen van groene elektriciteit, maar in het verminderen van onze energiebehoefte.” Ook reduceert Nitto de ecologische voetafdruk van het eigen personeel, met o.a. een groene car policy en leasefietsen. “Dat ligt binnen de mogelijkheden van élk bedrijf, daar heb je geen grote kapitalen voor nodig”, meent Strijckmans.
Coole koelkast
Een andere grote uitdaging bestaat er voor Nitto in om meer milieuvriendelijke producten te ontwikkelen. “Met de producten die wij in de markt zetten, willen we een duurzame oplossing bieden voor klanten. Bijvoorbeeld: aan de achterkant van koelkasten zit een evaporator, die lijkt op een soort grill. Het is een onderdeel van het koelingselement dat soms bevriest. Dan start er een verwarmingselement om dat te ontdooien, wat veel energie verbruikt. Nitto heeft daarom een coating ontwikkeld die op de evaporator wordt aangebracht zodat hij veel minder snel bevriest. Daardoor wordt het verwarmingselement minder geactiveerd en daalt het verbruik. Dat kan zorgen voor een reductie van 165 gram CO2 per dag of 60 kilogram per jaar voor één koelkast. Dat klinkt misschien niet veel, maar het gaat om 2 miljoen koelkasten per jaar, alleen al in de Europese Unie. Dat betekent een vermindering van 120.000 ton CO2-uitstoot per jaar.”
Duurzaamheid in het DNA
BNP Paribas Fortis is al decennialang de financiële partner van Nitto. Een logische keuze, vindt Strijckmans: “De bank hanteert dezelfde milieubewuste filosofie, duurzaamheid zit in hun DNA. Zo is hun nieuwe hoofdkantoor bijna volledig energieneutraal. Ze bieden beleggingsproducten aan van ondernemingen die ook sterk inzetten op duurzaamheid. De bank biedt bovendien actief inspiratie aan rond dit onderwerp: ze organiseren seminaries en fora waar over milieubewust leiderschap gesproken wordt. Wij laten ons daar graag door inspireren.”
Succesverhalen van ondernemers
Bij BNP Paribas Fortis zijn we bijzonder fier dat we aan de zijde staan van gepassioneerde en inspirerende ondernemers. Want samen bouwen aan het ondernemerschap van morgen, ook dat is Positive Banking.
Bron: De Morgen
Niet te missen
- De watervoetafdruk: een extra uitdaging voor de bedrijven
- Het is nog niet te laat!
- Biométhane du Bois d’Arnelle produceert duurzaam biogas met restafval uit de landbouw
- Elessent levert oplossingen voor een schonere productie in de chemische industrie
- Een van de duurzaamste bedrijven ter wereld aan het woord: Nitto Belgium