Article

27.06.2019

Komt de oplossing voor de klimaatverandering van de natuur zelf?

De experts die zijn uitgenodigd voor ons Académy Café zijn ervan overtuigd dat er actie moet worden ondernomen in natuurgebieden zoals bossen en velden. En concrete oplossingen moeten uit de particuliere sector komen.

"Als we de geschiedenis van de mensheid tot een jaar terug zouden brengen, zou de industriële revolutie, en daarmee het verdwijnen van bijna 60% van de biodiversiteit van de planeet, plaatsvinden op 31 december om 23.59 uur, 59 minuten en 59 seconden."

Met die provocerende openingszin schoot Gaëtan Dartevelle, oprichter van Greenloop, het recentste Academy Café in Brussel op gang. (zie de presentatie) Een vijftigtal klanten van de bank kwamen er luisteren naar de oplossingen die een aantal experts voor de klimaatverandering aandroegen.

Natuurlijke oplossingen?

"De klimaatverandering ontspoort en de gevolgen dreigen dramatisch te worden. Duurzaamheid alleen volstaat dan ook niet meer", waarschuwt Aymeric Olibet, Sustainability Advisor bij Corporate Banking. "We moeten versneld oplossingen uitrollen om het broeikasgas op te vangen en het milieu en de ecosystemen te herstellen." (zie presentatie)

De CO2-deeltjes in de lucht opvangen en ze opslaan in de bodem en in bomen, is een oplossing die tijdens een vorig Academy Café aan bod kwam. De natuur zelf zou dus een deel van het probleem  kunnen oplossen. Maar is het niet te laat om in actie te komen?

Te laat niet, nee, maar volgens Marie-Noëlle Keijzer, oprichter van WeForest is er geen minuut meer te verliezen. "De bossen leveren al 30% van de oplossing voor de uitstoot van broeikasgas. Als we 10 miljoen km² bomen – zowat de oppervlakte van de Verenigde Staten – zouden herstellen, kunnen we de opwarming van de aarde beperken tot 1,5°C", legt ze uit. (zie de presentatie)

Een echte uitdaging, die WeForest probeert aan te gaan. De organisatie betrekt de privéspelers daarbij. Ruim 300 bedrijven, waaronder BNP Paribas Fortis, Nike, Brabantia en UCB, hebben zich geëngageerd voor een aantal projecten van de organisatie. WeForest plant bomen in Brazilië, Zambia en Ethiopië en helpt de lokale gemeenschappen het belang daarvan in te zien en er gebruik van te maken in hun eigen economische circuit.

De boeren ondersteunen

Als je weet dat de landbouw verantwoordelijk is voor 25% van de uitstoot van broeikasgassen, is het ook zinvol in die sector actie te voeren. Dat is een van de voorstellen van Chuck de Liedekerke, medeoprichter van Soil Capital. Zijn bedrijf helpt de boeren om hun bedrijfsmodel om te vormen, en te evolueren van degeneratieve naar regeneratieve landbouw.

"Het huidige landbouwmodel put  de bodem uit, helpt de biodiversiteit naar de verdoemenis, en braakt enorm veel broeikasgassen uit. Het alternatief gaat omgekeerd tewerk, en levert al snel een beter rendement", zegt Chuck de Liedekerke.

Soil Capital wil niet alleen de bodem opnieuw natuurlijk vruchtbaar maken, de waterbronnen herstellen en de CO2 in de grond opslaan, maar ook boerderijen die die weg opgaan, rendabel maken, en wel vanaf het eerste jaar. (zie de presentatie)

De landbouwers begeleiden, dat is ook de missie van Earthworm Foundation. Met haar 'Living soils'-programma ondersteunt die vzw de boeren in hun agro-ecologische transitie. Ze doet dat onder meer via dagelijkse opleiding over permanente-landbouwengineering en via studiereizen. In Noord-Frankrijk is intussen al een pilootgroep van 50 boeren – goed voor 12.000 hectare land – opgericht. Een wetenschappelijk comité werkt met hen samen om de gebruikte methodologie te valideren. (zie presentatie)

En nog veel meer..

Het is goed dat elk land, elke autoriteit of elk bedrijf zich inspant om zijn ecologische voetafdruk te verkleinen, maar het is niet genoeg. We moeten verder gaan en de resterende emissies in evenwicht brengen door projecten te steunen die duurzaam zijn of die CO2-emissies vermijden. Het ClimateSeed-platform, dat in samenwerking met de groep BNP Paribas werd gelanceerd, verbindt bedrijven of lokale overheden die hun CO2-uitstoot willen compenseren met promotoren van duurzame projecten die bijdragen tot de verwezenlijking van de doelstellingen inzake duurzame ontwikkeling (Sustainable Development Goals). (zie presentatie)

Business, geen liefdadigheid

Tot besluit stelden de sprekers unaniem dat de voorgestelde oplossingen alleen haalbaar zijn met de medewerking van de privésector. Maar om de zaken in beweging te zetten, moeten de bedrijven die verandering in hun DNA inbedden.

"De bedrijven moeten zich om te beginnen vragen stellen bij hun ecologische voetafdruk en de milieuacties integreren in een echte marketingstrategie. Met goodwill alleen kunnen we de klimaatopwarming niet stoppen. Daarvoor moeten we onze bedrijfsmodellen aanpassen,” weet ook Marie-Noëlle Keijzer.

Duurzaamheid is een project dat wordt gebouwd, zich ontwikkelt en opnieuw wordt uitgevonden. Wilt u uw overgang naar een duurzamer businessmodel versnellen? Laten we erover praten en ontdek hoe ons Sustainable Business Competence Centre u kan helpen. ClimateSeed is een platform dat bedrijven en lokale autoriteiten die hun CO2-uitstoot willen compenseren samenbrengt met projectontwikkelaars die duurzame projecten implementeren om CO2-uitstoot te vermijden of te capteren. Deze online marktplaats is een initiatief van de Groep BNP Paribas om de vrijwillige handel in emissierechten transparanter en sneller te maken.

Article

06.12.2017

IJslandse fabriek neemt meer CO2 op dan ze uitstoot

Is GreenTech de sleutel om de klimaatopwarming tegen te gaan? Een IJslandse fabriek geeft alvast het goede voorbeeld en wordt koolstofnegatief.

Heel wat landen, waaronder Frankrijk, hebben zich ertoe verbonden hun uitstoot van broeikasgassen te verminderen door de Klimaatovereenkomst van Parijs te ondertekenen. Steden als Kopenhagen en Barcelona gaan nog verder en willen over enkele jaren koolstofneutraal zijn. Het IJslandse voorbeeld laat zien dat GreenTech kan helpen om die wens in vervulling te laten gaan. Op dat kleine eiland nam het Zwitserse bedrijf Climeworks in een geothermische centrale onlangs het eerste systeem in gebruik dat meer koolstofdioxide (CO2) opneemt dan uitstoot. Het bedrijf past daarbij het CarbFix2-project toe. Het principe is eenvoudig: de machine haalt CO2 uit de lucht en zet het gas voor miljoenen jaren vast in gesteente, zodat het al die tijd niet in de atmosfeer komt. Het proces is wel nog duur, maar een dergelijke vooruitgang voedt de hoop om de opwarming van de aarde onder 2 °C te kunnen houden en de klimaatverandering tegen te gaan. De IJslandse fabriek wordt hiermee de allereerste die koolstofnegatief is.

Bron: L'Atelier
Article

11.12.2017

GreenTech start-up zet luchtvervuiling om in inkt

Wat als luchtvervuiling een grondstof was? Start-up Graviky, geselecteerd op de Hello Tomorrow Global Summit, komt met een originele, milieuvriendelijke oplossing.

Sommige start-ups beschermen de bevolking tegen luchtvervuiling, andere proberen er iets nuttigs mee te doen. Zoals Graviky Labs, een spin-off van MIT Media Lab en uitgeroepen tot een van de zes beste start-ups in de categorie Leefmilieu op de Hello Tomorrow Summit 2017: het bedrijf ontwikkelde Air-Ink, de eerste inkt die gemaakt is van luchtvervuiling.

Met Kaalink, een technologisch procedé aangebracht in het verlengde van de uitlaatpijp van een motorvoertuig, worden de roetdeeltjes in de uitlaatgassen opgevangen. De verzamelde materie ondergaat verschillende bewerkingen om de kankerverwekkende en zware metalen eruit te halen. Het verkregen eindproduct is een gezuiverd pigment op basis van koolstof.

Dat pigment ondergaat vervolgens een aantal scheikundige bewerkingen en levert uiteindelijk verschillende soorten inkt en verfstoffen op. Maar waarom luchtvervuiling niet gewoonweg elimineren in plaats van er inkt van te maken? Omdat vuildeeltjes de neiging hebben om in de lucht te zweven en dat willen we verhinderen, zegt Graviky. Op dit moment loopt een octrooiaanvraag voor de technologie. De toepassingen zijn vooral te vinden in de kunst. Het procedé zou al 1,6 miljard microgram deeltjes hebben opgevangen, wat overeenkomt met het saneren van 1,6 miljard liter buitenlucht. Om het met de woorden van de Amerikaanse architect, ontwerper, uitvinder en futurist Richard Buckminster Fuller te zeggen: "Luchtvervuiling is niets anders dan een grondstof die we niet gebruiken. We laten ze ontsnappen omdat we de waarde ervan niet kennen."

Bron: L’Atelier
Article

12.12.2017

Supergroene bedrijven scoren bij millennials

Millennials liggen wakker van de opwarming van de aarde, maar rekenen op de bedrijfswereld om er iets aan te doen, zo blijkt uit recent onderzoek. Ligt de toekomst van de retailhandel in GreenTech?

Er komt van overal hulp voor onze planeet: 145 landen ondertekenden de Klimaatovereenkomst van Parijs. Op kleinere schaal leggen sommige steden zichzelf normen op die nog verder gaan. Twaalf grootsteden wereldwijd maakten onlangs zelfs bekend dat ze tegen 2030 koolstofneutraal willen zijn om de klimaatopwarming tegen te gaan.

Maar wat doen de bedrijven? Jongere generaties rekenen alvast op hen om actie te ondernemen. Volgens een recent onderzoek, gepubliceerd door PR-groep Shelton, maakt 76% van de millennials zich zorgen over de gevolgen van de klimaatverstoring voor hun levenskwaliteit en 82% voor de levenskwaliteit van hun kinderen. Zelf doen ze weinig: amper 34% recycleert, tegenover 52 % van de Amerikanen in alle leeftijdscategorieën samen. Het probleem gaat hun petje te boven, maar 59% van generatie Y rekent wel op de bedrijven om het uit de wereld te helpen. 70% van de millennials zegt bijvoorbeeld dat de milieupraktijken van een onderneming hun aankoopkeuze beïnvloeden.

Bij de vraag "Aan welke soorten milieu- of sociale praktijken hecht u het meest belang?", komen milieu-issues op de tweede plaats, net na het welzijn van de werknemers. De resultaten stemmen overeen met een eerder onderzoek van Nielsen, waaruit bleek dat 55% van de consumenten bereid zou zijn om meer te betalen voor merken die een positieve impact beloven op het milieu. En dan is er ook nog een rapport van UCLA dat zegt dat werknemers van groene bedrijven productiever zijn dan werknemers van andere bedrijven. Het lijkt er dus op dat bedrijven er veel bij kunnen winnen als ze milieuvriendelijk zijn. Wellicht kan GreenTech de overgang faciliteren.

Bron: L’Atelier
Article

22.02.2018

Elektrische voertuigen, oplaadpunten ... Waar te beginnen?

Elektrische voertuigen hebben oplaadpunten nodig om inzetbaar te zijn. En diezelfde oplaadpunten hebben een voldoende grote elektrische vloot nodig om rendabel te worden. De kip of het ei dus?

Als er twee zaken op het vlak van innovatie nauw met elkaar verbonden zijn, dan wel elektrische wagens en hun oplaadvoorzieningen.

Als u een early adopter bent, beschikt u ofwel over een mooie villa of privéparking waar u een oplaadpunt kunt plaatsen tegen een zeer interessante prijs, ofwel bent u de gelukkige medewerker van een milieubewuste onderneming die gratis oplaadpunten ter beschikking stelt van haar personeel.

Alle andere bestuurders die openstaan voor groene voertuigen en geïnteresseerd zijn in een stille wagen, staan voor verschillende uitdagingen: waar een oplaadpunt te vinden, en tegen welke prijs? Zij moeten uiteraard gerustgesteld worden voordat ze de stap naar een elektrisch voertuig zetten.

Twee huidige gedragspatronen op vlak van opladen

 In 80% van de gevallen laadt de bestuurder het voertuig thuis op. Dat is vaak voldoende omdat de elektrische auto vandaag vooral als vervoersmiddel voor korte afstanden wordt gebruikt (gemiddelde dagelijkse afstand van ongeveer 30 km), voornamelijk in steden.
Voor minder dan 1.000 euro kan de eigenaar van een villa of van een privéparking een oplaadpunt laten installeren door een gespecialiseerde leverancier, zijn autodealer of zijn energieleverancier.

En de overige 20%? De bestuurder van een voertuig dat op straat geparkeerd wordt, zal op zoek gaan naar een openbaar oplaadpunt.
Gelukkig reikt de werkplek steeds vaker de oplossing aan: ondernemingen beginnen, als dienst aan hun medewerkers, oplaadpunten te installeren op hun personeelsparking. Het is een bijkomende tool om milieubewustere mobiliteit te bevorderen. Opladen is vaak gratis en als het gecombineerd wordt met opladen 's nachts, worden langere woon-werkverplaatsingen mogelijk.
Winkelcentra bieden hun klanten ook al gratis oplaadpunten aan. Zo zorgen ze voor meer shoppers, aangezien de klanten zo'n 40 tot 60 minuten in het winkelcentrum blijven.

Nieuwe opportuniteiten, maar met welk businessmodel?

 Privé-exploitanten en energieleveranciers voorzien publieke ruimte, parkings en straten van betalende oplaadpunten. Ze zijn gericht op inwoners die hun wagen elders niet kunnen opladen.
Om het gebruik van elk oplaadpunt te bevorderen, worden creatieve oplossingen voorzien: de beste plaatsen identificeren en bemachtigen, een netwerk vervoegen met een mobiele toepassing die oplaadpunten vindt voor leden, de betaling vereenvoudigen, samenwerken om gelijk te schakelen met de thuistarieven en ga zo maar door. De rentabiliteit van openbare voorzieningen, die afhangt van het gebruik van het oplaadpunt, zal echter onzeker blijven zolang de voorwaarden van andere oplaadmethodes (thuis of op het werk) de voorkeur genieten. Omdat ze niet genoeg kunnen uitbreiden, remmen ze de ontwikkeling van de elektrische wagen af. Een mooie uitdaging voor steden die zich inspannen om het elektrische verhaal de komende jaren verder te ontwikkelen.

Bronnen: LinkedIn

Discover More

Contact
Close

Contact

Klachten

Zou u onderstaande vragen kunnen beantwoorden? Zo kunnen wij uw aanvraag sneller en op een meer geschikte manier behandelen. Alvast bedankt.

Is uw onderneming/organisatie klant bij BNP Paribas Fortis?

Mijn organisatie wordt bediend door een Relationship Manager:

Uw boodschap

Typ de code die in de afbeelding wordt getoond:

captcha
De Bank verwerkt uw persoonsgegevens overeenkomstig de Privacyverklaring van BNP Paribas Fortis NV.

Bedankt

Uw bericht is verzonden.

We antwoorden u zo snel mogelijk.

Terug naar de huidige pagina›
Top