Article

21.03.2017

Big Data: veel geblaat, weinig wol

Ooit raakt Big Data helemaal ingeburgerd en gebruikt iedereen het, zoals ook met kantoorsoftware is gebeurd. Maar zal het ons leven veranderen?

Blijkbaar wordt doorgaans maar 5% van de gegevens waar bedrijven over beschikken daadwerkelijk benut. Tegen 2020 kan dat aandeel evenwel oplopen tot 35%. Drie informaticabedrijven, Dell EMC, MTI en Cisco, sponsoren het onderzoek ‘Observatoire de la donnée’, uitgevoerd door de wereldwijde studie-en-adviesgroep International Data Corporation (IDC). Daaruit blijkt dat Big Data volgens 70% van de ondervraagde bedrijven een strategische troef is, al ziet 49% het nut niet in van gegevens gegenereerd door consumenten en mobiliteit. Helemaal overtuigd is de bedrijfswereld dus niet. Hoe komt dat?

Die vraag stelden we aan Nicolas Glady, hoogleraar aan de Essec Business School in Parijs. Als houder van de leerstoel Accenture Strategic Business Analytics onderzoekt hij hoe bedrijven gegevens kunnen gebruiken om waarde te genereren. Volgens hem is het allemaal niet zo simpel; om te beginnen moet je goede data scientists inschakelen, en dan nog trekken de bedrijven de Big Data-logica vaak niet ver genoeg door. 

“Ik heb jammer genoeg de indruk dat velen wel beweren dat ze ermee bezig zijn – omdat Big Data in de mode is – maar dat ze stilletjes gewoon doorgaan zoals ervoor. Bedrijven lijken zich te schamen dat ze nog geen stappen hebben gezet in het exploiteren van gegevens. Met een kwinkslag vergelijkt professor Glady het met tieners die de mond vol hebben over hun ‘eerste keer’. Hij kijkt uit naar het moment dat de data een plaats zullen veroveren in ons leven, zoals kantoorsoftware dat aan het einde van de jaren 1990 heeft gedaan. Zeggen dat ze een revolutie inluiden vindt hij overdreven, maar ze zullen zeker veranderingen met zich meebrengen. “Zodra er een Microsoft Office van de gegevensanalyse komt, zullen we gegevens consumeren”, besluit hij, waar hij meteen aan toevoegt dat dat ons niet hoeft te verontrusten: het is volgens hem verkeerd om te denken dat gegevens werknemers zullen vervangen. Ze vormen veeleer een aanvulling.

Gegevens als redder van de gebruikerservaring?

Wat voor ervaring wil de klant? De gemakkelijkste natuurlijk, is ons eerste antwoord. Maar er zijn ook andere criteria van tel, zoals de bereidheid om voor de dienst in kwestie te betalen. De meeste klanten staan niet graag aan te schuiven en krijgen hun producten het liefst aan huis geleverd, maar afhankelijk van hoeveel zulke extra’s kosten, zullen sommigen geneigd zijn om een deel zelf te doen en dus toch naar de winkel te gaan.

“Zelf zie ik er meestal tegen op om ter plaatse te gaan, maar de ‘user experience’ is een complex gegeven. Waar zit het gemak voor de klant en welke prijs wil ik ervoor betalen?”

Wie doet zijn voordeel met data?

“Bedrijven die goed inschatten wat de klant verwacht en de klantervaring daar van in het begin op afstemmen, zullen er meer aan hebben dan bedrijven die zich achteraf in bochten moeten wringen om de klant naar het middelpunt van hun processen te loodsen.”

Dat verklaart voor een deel het fenomeen dat bepaalde starters die van niets beginnen sneller resultaat boeken dan gevestigde spelers, omdat ze van in het begin hun product nauwgezet op de klant afstemmen.

Volgens Nicolas Glady is de echte revolutie die ons in het zog van de data overspoelt die van het web 2.0: gebruikers genereren nu zelf afbeeldingen en tekst, wat leidt tot een vermenigvuldiging van de gegevensproductie en een decentralisatie van de gegevensstromen.

“Het is niet meer het bedrijf, maar wel de gebruiker die centraal staat in de gegevensuitwisseling en informatie produceert en verspreidt. Op Uber en Airbnb zijn het de ‘leveranciers’ van de diensten die gegevens genereren; de platformen moeten die gegevens alleen nog doorsturen", stelt Glady, die ook directeur is van het Center for Digital Business, en zich in die hoedanigheid buigt over de digitale transformatie van de bedrijfswereld.

Platformbedrijven

“Een verandering die zich doorzet is dat de zaken niet meer volgens een lineair model georganiseerd zijn, maar dat er gewerkt wordt met uitwisselingsplatformen. Amazon, om maar een van de grote spelers te noemen, fungeert in verschillende domeinen niet alleen als distributeur, maar ook als medium, als draaischijf. Bedrijven beschikken nu over stromen die ze niet zelf genereren, dankzij de inhoud die wordt gecreëerd door en voor gebruikers. Die stromen treden buiten de perimeter van de traditionele activiteiten van de bedrijven, die zich vroeger beperkten tot het meten van de bij de klanten verzamelde transactiegegevens die rechtstreeks verband hielden met hun business. Idem voor Facebook, Google en Apple. Facebook kan bijvoorbeeld de informatie over de mijlpalen in ons leven die wij erop delen (huis, trouwen, kinderen…) te gelde maken en zo nieuwe diensten aanbieden. Amazon kan een bank gegevens bezorgen waar die bank uit hoofde van haar functie niet over beschikt, omdat de klant zijn leven leidt buiten de bank om. Die gegevens geven de bank de mogelijkheid proactief aan cross- en upselling te doen, via boodschappen als ‘andere klanten zoals u kozen voor dienst X of Y’.” “Gevestigde bedrijven die de spanning tussen het verlangen om snel te handelen aan de ene kant en hun verplichtingen onder meer qua compliance aan de andere kant aan den lijve ondervinden, zullen zich dan ook zo wendbaar mogelijk moeten opstellen. Door de aard van hun activiteiten opereren telecombedrijven al vanuit een netwerklogica: ze zijn heel sterk in het verzamelen van talloze gegevens van gebruikers en het samenbrengen daarvan om zo bepaalde betekenisvolle patronen op te sporen die een zekere waarde hebben. Voornamelijk culturele aspecten en historisch gegroeide omstandigheden hebben ertoe geleid dat ook farmaceutische bedrijven goed geplaatst zijn om te profiteren van Big Data. Het is een ‘data-driven’ sector bij uitstek, die het gewend is om gegevens te verzamelen en daar beslissingen op te baseren. Tot slot zijn ook de ‘gezondheidsgegevens’ en Internet of Things-toepassingen voor onze gezondheid en ons welbevinden tegenwoordig niet meer weg te denken: kijken we maar naar de geconnecteerde toestellen die onze stappen tellen en onze hartslag en onze slaap monitoren bijvoorbeeld”, vermeldt Nicolas Glady.

Customer Relationship Management-tool van de nieuwste generatie, of is er meer aan de hand?

Frank De Weser is directeur Marketing B2B en directeur Internet of Things bij Orange Belgium:

“Voor ons is elke aanleiding goed om gegevens te exploiteren. Om ons intern gebruik te optimaliseren, hebben we data scientists ingezet.”

Bovendien heeft Orange geïnvesteerd in Hadoop, opensourcesoftware voor het opslaan en analyseren van enorme hoeveelheden al dan niet gestructureerde gegevens.

“Dankzij Big Data en gepersonaliseerde, geautomatiseerde marketing kunnen we uiteraard beter anticiperen op de behoeften van onze klanten en zo ons B2B- en B2C-aanbod verbeteren. We sporen ontevreden klanten sneller op en reageren op het juiste moment met precies het product dat ze nodig hebben”, legt de man van Orange uit.

Nu de nodige gegevens gedurende een jaar bewaard worden en de kwaliteit van het netwerk gemonitord wordt, brengt de telecomoperator gegevens met elkaar in verband. Hij gaat na welke plek in de infrastructuur precies voor problemen zorgt voor hoeveel klanten en identificeert de telefoontoestellen die in zijn gebied het beste reageren en de klanten bij wie de verbinding in het midden van een gesprek wordt verbroken.

“Vroeger brachten onze specialisten fysieke verbeteringen aan de netwerken aan. Nu zetten onze data scientists algoritmen in om nieuwe verbanden op te sporen, en leveren ze in een mum van tijd niet zomaar generische statistieken maar een uniek kenteken dat verwijst naar een klant, een plaats, een type toestel, een downloadsnelheid. Dat stelt ons in staat onze hardwarecatalogus bij te werken: we verwijderen de zwakker presterende toestellen en stellen onze professionele klanten proactief andere modellen voor.”

Gegevens verkopen

Toen het tot de conclusie kwam dat zijn gegevens waarde hebben, besloot Orange ze aan het begin van het proces te anonimiseren en ze achteraf te valoriseren in het kader van crowd monitoring. De operator kiest voor een aanpak op maat, waarbij hij samenwerkt met partners die thuis zijn in de betrokken sector en over een relevante klantervaring beschikken.

“Wij verkiezen die benadering boven een gestandaardiseerde, horizontale manier van werken, waarbij wij gewoon een onlineverslag zouden bezorgen dat uiteraard zeer nuttige gegevens bevat, maar pas zijn volledige rijkdom prijsgeeft als men er een specialist met de nodige expertise op loslaat”, maakt Frank De Weser zich sterk.

Klanten als de stad Antwerpen en de stad Genk willen bijvoorbeeld een schatting krijgen van het aantal mensen dat zich tegelijk op een bepaalde oppervlakte van 100 m bevindt, via een tool waarmee ze in real time de bezoekersaantallen kunnen monitoren en wanneer nodig de toegang afsluiten. Orange en zijn in crowd monitoring gespecialiseerde partners bezorgen hun de nodige gegevens. Het telecombedrijf draagt met zijn rapporten over het verkeer tijdens grote evenementen overigens bij tot een verbeterde mobiliteit. Op basis van die gegevens leren de steden immers de verkeersstromen vlotter maken en de parkeergelegenheden doeltreffender beheren. Op het vlak van city marketing maakt een berekening van het aantal aanwezigen en wat ze gemiddeld consumeren het vandaag bovendien mogelijk een idee te krijgen van de return on investment die voortvloeit uit de doortocht van de Ronde van Frankrijk in Antwerpen. Hetzelfde type gegevens kan ook worden benut om het potentieel van een toekomstig verkooppunt in te schatten en de ideale locatie te bepalen.

(Bronnen: BNP Paribas Fortis, Dell EMC)
Article

14.12.2016

Zolang er data zijn ...

Het ultieme doel van big data? Een unieke klantervaring creëren. Maar waarom lukt het een start-up zonder verleden om affectief te zijn, terwijl oudere bedrijven met tonnen data maar wat graag dichter bij hun klanten willen staan? Wat is de winnende formule?

Digitale gegevens opslaan en verwerken is niet nieuw. Datamining ook niet. Maar connected devices en mobiele toepassingen creëren letterlijk een tsunami aan gegevens. Sms'jes, chats, foto's, filmpjes, muzieklijsten, zoekopdrachten, clicks op het net, routeberekeningen op Google Maps en aanverwanten, onlinebetalingen, contacten met klanten via chatbots of e-mail, automatische bestellingen door slimme koelkasten ... We produceren de hele tijd gegevens zonder er ook maar even bij stil te staan! Ook als we akkoord gaan met geolocatie of wanneer we inloggen op een hotspot ...
Tegen 2020 zal het datavolume allicht vervijfvoudigen.  Zo genereert een geconnecteerde wagen in amper één uur miljoenen gegevens die niet alleen nuttig zijn voor de auto zélf, maar ook voor de verzekeraars en de e-commerce. Er staat veel op het spel: een strategie bijsturen, een service personaliseren, betere beslissingen nemen, tendensen opsporen, prognoses maken ...

Old-school statistici interpreteerden cijfers uit het verleden om voor een betere toekomst te zorgen. Hedendaagse  “data scientists' zijn geeks, er worden academische opleidingen georganiseerd en we zijn mentaal niet meer in staat om het explosieve groeitempo van de gegevens bij te houden. Alleen machines kunnen dergelijke gegevensstromen nog verwerken. Dankzij automatische leertechnieken ('machine learning') gebeurt dat beter en sneller. Er zou een standaard voor correct gebruik van artificiële intelligentie in de maak zijn op initiatief van kleppers als Google, Facebook, Amazon, IBM en Microsoft. Volgens Nicolas Méric, oprichter en CEO van de start-up DreamQuark, gespecialiseerd in deep learning in de gezondheids- en verzekeringssector, verhogen dergelijke technologieën de menselijke capaciteiten, maar zijn ze niet bedoeld om volledig autonoom  te werken.

Wie komt in aanmerking?

Geen enkele sector ontsnapt aan de behoefte om gegevens te verzamelen en die te gebruiken om zijn omgeving nuttig aan te passen. Maar de ene is al gehaaster – of opportunistischer– dan de andere. Telecommunicatie, transport, gas-, water- en elektriciteitsleveranciers nemen het voortouw: de Franse spoorwegen maar ook schoonheidsproductenfabrikant Nuxe speuren alle onlinekanalen af op zoek naar klantencommentaren om hun klanten beter te leren kennen. Liftenfabrikant ThyssenKrupp wil zijn liften en vooral de gebruikers ervan optimaal bedienen en verzamelt allerhande liftparameters om het onderhoud te optimaliseren en vervelende storingen te voorkomen.
Big-data-managers in bedrijven staan voor drie grote uitdagingen, ook wel bekend als de '3V's': grote Volumes verwerken, rekening houden met de oneindige Variatie van gegevens en omgaan met de Velocity of snelheid waarmee ze worden gegenereerd.
Banken ontsnappen daar niet aan. Ze hebben er zelfs enorm veel bij te winnen, want ze beschikken over tonnen transactionele informatie over hun klanten en creëren allerhande processen. Zij staan dus voor de uitdaging om zelf ook met die schat aan gegevens aan de slag te gaan en binnen een zo kort mogelijk tijdsbestek nieuwe diensten met toegevoegde waarde uit te testen.

Momentum

Jean-François Vanderschrick is Head of Marketing Analytics & Research bij BNP Paribas Fortis: "Wat mij fascineert is niet zozeer de hoeveelheid beschikbare gegevens en connected devices, als wel wat de technologie er tegenwoordig allemaal uithaalt. Er gaat geen dag voorbij zonder dat ik van iets nieuws opkijk. JP Morgan komt tendensen op het spoor door foto's te kopen van de bezetting van supermarktparkings. China ontwikkelt gelaatsherkenning om de lay-out van zijn interfaces aan te passen aan de gelaatsuitdrukking van zijn klanten. Sokken 'made in USA' kunnen we volgen zodra ze verzonden worden totdat we ze in huis hebben ... Het is allemaal onderdeel van ons dagelijkse leven. Net zoals een bank die zich wil gaan aanpassen aan de levensfase waarin haar klant – die ze volgt sinds hij een rekening heeft – zich bevindt om hem precies datgene aan te bieden wat nuttig voor hem is."

BNP Paribas Fortis zette onlangs een nieuwe stap in de dataverwerking met de benoeming van een Chief Data Officer die lid is van het uitvoerend comité, Jo Couture. Dat betekent ook dat er meer mankracht, nieuwe tools en nieuwe capaciteiten onderweg zijn.

Jean-François Vanderschrick: "Data analytics moet ons in staat stellen om de klantervaring te verbeteren en de kosten onder controle te houden. Meestal gaat dat samen met een verhoogde efficiency."

Volgens hem belandt de leercurve nu pas in de exponentiële fase terecht.  

De timing is even belangrijk als de service zelf

Data komen in heel wat domeinen van pas: operationele excellentie, marketing, fraudedetectie, kredietrisico ... De bedrijven hebben intussen ingezien dat ze hun gegevens in kennis en diensten moeten omzetten en hebben vaak alles in huis om dat goed te doen, op voorwaarde dat ze zich niet door de oceaan van gegevens laten overspoelen. Het moeilijkste – en een bron van frustratie – is wellicht het ontsluiten en kwalificeren van de gegevens. Compliance-aspecten hebben de natuurlijke neiging om de ontwikkeling af te remmen, terwijl een kortere data -to -market juist heel belangrijk is. Dikwijls laat de marktintroductie te lang op zich wachten. Verder is het van belang om een service in real time aan te bieden. Supermarktketen Monoprix analyseert bijvoorbeeld het verwerkingsproces van de 200.000 dagelijkse bestellingen van zijn 800 winkels om onmiddellijk te kunnen ingrijpen op de supply chain. Voor de Franse winkelketen is dat een kritiek proces.

"Er moet een juiste dosering worden gevonden tussen tests (het prototype van de service oogt dikwijls bijzonder fraai, maar het veralgemenen ervan lukt niet altijd), risicometing en prioritering van de doelstellingen", zegt Jean-François Vanderschrick.

Het algoritme 'opvoeden'

Als je over de gegevens en de technologie beschikt en er financiële belangen meespelen, staat er geen grens op het ontsluiten van de gegevenswaarde. Je verbeelding is de enige beperking. Naast grote en complexe projecten zijn ook hier vrij eenvoudige quick wins mogelijk en wenselijk. Zo kunnen de operationele directies van de onderneming elementaire analyses verrichten op grote gegevensvolumes.

"Er zijn heel wat soorten gegevens die er misschien volstrekt onbelangrijk uitzien, maar die toch informatie verschaffen en tot actie aanzetten: een klant die met de concurrentie werkt, die elders kredietlijnen opent of een zeer groot bedrag leent, die met een ander land werkt ... Al die gegevens verdienen onze aandacht vanuit commercieel oogpunt,  in 70 procent van de gevallen zijn ze relevant", voegt de BNP Paribas Fortis manager eraan toe. Door het transactionele model van een klant te onderzoeken kunnen we betere kredietbeslissingen nemen. Relevante beslissingen liggen meer voor de hand met een model dan zonderweet Jean-François Vanderschrick. "Via machine learning leren we het algoritme om antwoorden te geven die meer en meer to the point zijn", voegt hij eraan toe.

'Big is better', ook voor kleine ondernemingen?

Dankzij de cloud hebben kmo's vandaag de nodige opslag – en rekencapaciteit – om de gegevens te verwerken. Bedrijfsmanagementprogramma's die gebruikmaken van de cloud-technologie, zoals CRM, tools om bestellingen of productiekosten of de traceerbaarheid van leveranciers te volgen, maken big data toegankelijk voor kleine en middelgrote ondernemingen. Op één voorwaarde: dat alle gegevens op dezelfde plaats samengebracht worden. Het verschil tussen corporates en kmo's speelt zich af op lange termijn. Maar kmo's voor wie eenstatisticus te duur is, kunnen altijd specifieke studies kopen en hun gegevens uitbreiden met externe databases ...

(Bronnen: BNP Paribas Fortis, Les Echos, Transparency Market Research, IDC, Ernst & Young, CXP, Data Business)

 

 

Article

27.12.2016

Deze vier grote bedrijven uit Silicon Valley willen uw IT-directeur overtuigen

Google, Facebook, Slack en LinkedIn zijn alomtegenwoordig in ons dagelijkse leven en komen nu met een vernieuwende en aanvullende aanpak om ook bedrijven voor zich te winnen. Benieuwd naar hun strategie?

Google: de waarde van slimme gegevens

De aanpak van Google gaat verder dan communicatietools en applicaties en diensten rond productiviteit. De verschillende divisies in het bedrijf ondergingen een aanzienlijke transformatie om van cloud infrastructuur, big data, analytics en machine learning een topprioriteit te maken. Hierbij krijgt Google af te rekenen met twee concurrenten: Amazon en Microsoft. De reden waarom is bij beide wel verschillend. Amazon Web Services krijgt al ruime tijd het volste vertrouwen van softwareontwikkelaars. Microsoft (Cloud, Office) is al jarenlang een vaste waarde voor IT-afdelingen wereldwijd. Op het vlak van de verwerking van gevoelige gegevens moet Google dus nog een tandje bijzetten: bedrijven zijn namelijk niet zo makkelijk te overtuigen als consumenten, en al zeker niet wanneer het om strategische en geheime gegevens gaat. Het geheime wapen van Google? De kracht van artificiële intelligentie om massa's gegevens te verwerken.

Facebook: WorkPlace natuurlijk!

Iets meer dan een jaar geleden startte Facebook met de ontwikkeling van WorkPlace bij een aantal partnerbedrijven zoals Danone, Starbucks, Royal Bank of Scotland en Booking.com. In oktober werd het platform dan ook officieel gelanceerd. WorkPlace werkt net als Facebook: via deze tool kunnen bedrijven een 100% privé en beveiligd intern sociaal netwerk aanmaken. De medewerkers kennen de interface bovendien al goed uit hun dagelijkse leven. Facebook gaat zo de concurrentiestrijd aan met bestaande tools als Chatter (Salesforce) en Yammer (Microsoft). In tegenstelling tot Facebook is WorkPlace niet gratis. Het bedrijf ontvangt maandelijks een factuur op basis van het aantal gebruikers: 3 dollar voor de eerste 1000 gebruikers, 2 dollar voor de 9000 volgende en 1 dollar vanaf 10.000 gebruikers.

Slack: real time samenwerking wordt mainstream

Ondanks de concurrentie van Microsoft Teams blijft Slack geloven in zijn strategie om tools te creëren om de samenwerking en productiviteit in bedrijven te verhogen.

“Het offensief van Microsoft zien we als een compliment en tegelijk als intimidatie, gezien de grote middelen van het bedrijf. Toch denken we dat er op de markt plaats is voor meerdere spelers”, zei vicepresident van Slack April Underwood begin november nog.

Slack speelde overigens een belangrijke rol in de opening en dynamiek van deze markt door de invoering van het concept van de real time samenwerking. Hoe? Dankzij de flexibiliteit van de beproefde en weliswaar gekopieerde tools, ondanks de beperkte omvang van het bedrijf. Resultaat? Dagelijks vier miljoen actieve gebruikers en een constante groei.

LinkedIn: B2B-marketing voor ... Microsoft

Begin december stond de Commissie in Brussel de overname van LinkedIn door Microsoft toe.. De miljardenoperatie werd met grote aandacht gevolgd in. Ondanks de duidelijke stempel op het bedrijf – voornamelijk op HR-niveau – heeft LinkedIn de 25 miljard euro van Microsoft nodig om zijn intense concurrentiestrijd op het vlak van professionele tools te kunnen voortzetten. Door de overname van LinkedIn bereikt Microsoft een breder B2B-marketingpubliek met onder meer rekruteringskantoren, headhunters en verkopers. Binnenkort ontvangt u dus misschien wel een uitnodiging voor een vergadering waarbij u van elke aanwezige ook meteen het LinkedIn-profiel te zien krijgt. Een eenvoudig voorbeeld van Microsoft-CEO Satya Nadella om de synergie achter de overname te verklaren. 

Article

27.12.2016

Trends spotten. Een handleiding.

Wil je weten wat mensen in de toekomst zullen willen? Bestudeer dan succesvolle innovaties en de verwachtingen die ze oproepen. Dat zegt David Mattin, trendwatcher bij www.trendwatching.com en co-auteur van het boek ‘Trend-Driven Innovation’.

Elke professional weet dat tegenwoordig innovaties elkaar in een rap tempo opvolgen. Nieuwe producten en diensten komen en gaan met de snelheid van het licht, en het gedrag en de manieren van denken van consumenten veranderen voortdurend en lijken onvoorspelbaar. Dit alles kan voor een onderneming overdonderend aanvoelen, schrijft David Mattin in zijn artikel ‘How to spot a trend’ op de site www.trendwatching.com.

Toch is mee zijn met nieuwe trends en ze zelfs vóór zijn niet enkel weggelegd voor een handvol uitverkorenen met een magische intuïtie, zegt Mattin. Volgens hem is trends spotten een eenvoudig en herhaalbaar proces dat voor iedereen toegankelijk is. In zijn artikel presenteert hij een model waarmee elke start-up, CEO, marketing director of productontwikkelaar die worstelt met de vraag ‘ wat zullen mijn klanten in de toekomst willen?,’ antwoorden vindt.

Menselijke behoeften

Er bestaan verschillende methoden om te bepalen wat de klant wil. De meest bekende is klassiek marktonderzoek. Maar om aankomende trends te spotten blijkt deze methode meestal ontoereikend, vindt Mattin.

“Het gaat namelijk om te weten te komen wat mensen zullen willen voor ze het willen. Mensen weten vaak niet wat ze willen tot het hen getoond wordt”, aldus de trendwatcher.

Een andere onderzoeksmethode is potentiële klanten observeren via etnografisch veldwerk. Dit kan diepgaande inzichten opleveren, maar is een moeilijk, traag en duur pad. Onderzoek via Big Data kan wel voor nuttige info zorgen, maar meestal kun je er enkel mee optimaliseren wat je al doet. Hoogst zelden kom je via Big Data tot revolutionaire inzichten die tot iets echt vernieuwends leiden, stelt Mattin.

Hoe dan wel te werk gaan? De sleutel voor goede trendvoorspellingen is kijken naar innovaties. Naar de nieuwe merken, producten, campagnes en ervaringen die elke dag aan onze ogen voorbij trekken.

“Die vernieuwingen zorgen namelijk voor bepaalde verwachtingen bij de klant”; aldus Mattin. “En het zijn die verwachtingen waar ondernemingen tijdig moeten op inspelen.” 

Om adequaat consumententrends te spotten is het essentieel om goed om te weten wat een trend precies is.

“Dit is een nieuwe manifestatie in gedrag, houding of verwachting van een fundamentele menselijke wens of behoefte, meestal via een nieuwe technologie of via een economische of sociale verandering”, defineert de trendwatcher.

Met andere woorden: als een eeuwenoude behoefte, bijvoorbeeld verbinding of veiligheid, ingevuld wordt met een nieuwe technologie is de kans groot dat dit tot een nieuwe trend leidt. . Een goed voorbeeld hiervan is Napster, het bekende platform van in ’99 om gratis (en illegaal) muziek te downloaden. Deze innovatie voldeed aan de behoeften ‘iets nieuws hebben’ (nieuwe muziek) en ‘gemak’ (instant toegang). In het spoor daarvan ontstonden later iTunes, Netflix en Spotify, die ook allemaal die behoeften invulden en uiterst succesvol zijn.

Leren van Uber

Rest de vraag: hoe gaat een trend opeens wereldwijd? Het antwoord ligt in het concept ‘expectation transfer’, zegt David Mattin.

“Als een innovatie een fundamentele menselijke behoefte invult, dan zorgt dat voor verwachtingen bij de consument. Mensen leren iets nieuws kennen en dat breidt zich uit naar andere markten, industrieën, producten en diensten.”

Hij haalt het voorbeeld aan van Uber, dat de behoeften ‘gemak’ en ‘voordelig transport’ invult. Door de iconische innovatie van Uber kregen consumenten meer verwachtingen van one touch -diensten via de smartphone. En in het kielzog daarvan ontstond bijvoorbeeld Handy, een Amerikaanse on demand home services start-up,die vorig jaar in één maand tijd 50 miljoen dollar verdiende.

Om trends te spotten en te achterhalen wat consumenten in de toekomst zullen willen, is het dus cruciaal om zoveel mogelijk innovaties te bekijken, aldus Mattin. Vooral als je een bepaald cluster van gelijkaardige vernieuwingen ziet, ben je meestal op een interessant spoor. De trendwatcher beklemtoont hierbij om ook niche-innovaties aandacht te geven. Dat zijn namelijk vaak zwakke signalen van krachtige nieuwe verwachtingen.

“Denk maar aan de tijd toen couchsurfing enkel iets voor studenten en blutte reizigers was”, betoogt hij. “ Intussen kun je via dezelfde innovatie via Airbnb wereldwijd in exclusieve villa’s en kastelen logeren.”

Goudmijn aan opportuniteiten

Conclusie van de trendwatcher: maak er een gewoonte van om elke innovatie die je tegenkomt te zien in termen van de customer expectations die het genereert.

“Als je daar een gewoonte van maakt, dan kijk je op een nieuwe manier naar de wereld en zie je een goudmijn aan opportuniteiten. Het is dan zaak om die om die gespotte kansen om te zetten in innoverende ideeën en ze vervolgens uit te voeren.”

Lees het volledige artikel (Engels)

(Bron: www.trendwachting.com)
Article

26.01.2017

Disruptie zegt u?

Wie als eerste zijn wapen trekt, is de winnaar in de technologische Far West die disruptie of ontwrichting lijkt teweeg te brengen. Aldus filosoof Bernard Stiegler met zowel een boodschap van hoop als van vertwijfeling.

Bernard Stiegler is filosoof en directeur van het Institut de recherche et d’innovation (IRI) van het Centre Georges Pompidou. Hij is ook auteur van het werk 'Dans la disruption : Comment ne pas devenir fou ?' (Les Liens qui Libèrent).

Volgens de filosoof is disruptie het resultaat van informatica waarvan we veeleer knechten zijn geworden, terwijl we er meester over hadden moeten blijven. Die informatica is zo alomtegenwoordig en zo vreselijk snel geworden dat we niet meer kunnen volgen en zelfs het gevoel krijgen dat alles ons ontglipt. Het lijkt alsof we vanop afstand door een computer worden gestuurd en aan handen en voeten gebonden zijn.

Van afdwalen tot helemaal de weg kwijt!

Niemand, zelfs de ‘disruptoren’ niet, heeft nog het gevoel dat hij het systeem de baas is. Maar wanneer we technologie op gelijk welke manier laten ontwikkelen, mogen we, volgens Stiegler, perverse effecten verwachten. Digitale platformen, zoals Uber en Airbnb, bedreigen niet alleen onze businessmodellen, maar beïnvloeden ook sterk ons gedrag.

Leidt de disruptie tot een soort van waanzin? Bernard Stiegler gebruikt het beeld van een technologische Far West. Maar kan het eigenlijk wel dat degene die het eerst zijn wapen trekt, wint? Bernard Stiegler is van mening dat een maatschappij pas goed werkt als wat er werkelijk gebeurt ook een rechtsgeldig karakter heeft. Technologie zou bijgevolg dan zeker niet verantwoordelijk zijn voor alles, maar zou soms eens de remedie of soms eens het gif kunnen zijn.

Het zou pas echt waanzin zijn als we niet meer kunnen dromen. Het is wellicht geen toeval dat het zelfmoordcijfer bij jongeren in Palo Alto, de rijke hoofdstad van Silicon Valley, vier keer hoger ligt dan het gemiddelde in de Verenigde Staten ...

Dit alles ontkennen brengt psychose in zijn zog mee. Ook al gaat het niet echt meer, toch zeggen we niets! Managers van grote bedrijven worden al voor veel minder afgedankt.

Tijd voor een verantwoordelijke digitalisering

Bernard Stiegler zegt: "Het is ons doel om door middel van (positieve) disruptie te komen tot beschaving in plaats van tot barbaarsheid." Volgens hem heeft het Californische disruptieve model, gebaseerd op de exploitatie van het World Wide Web, ‘disruptie’ getransformeerd en verziekt door platformen te ontwikkelen die alleen maar bedoeld zijn om ons gedrag te berekenen.

Heeft er nog iemand controle over de algoritmen, vraagt ook Belgisch wiskundige Luc De Brabandère zich bezorgd af. Nu machines steeds krachtiger worden en Big Data immense proporties aanneemt, worden wij aangezet tot dingen die ons simpelweg te boven gaan. We zijn er zeker van dat we niet meer zonder machines kunnen, maar we zijn er niet meer zo zeker van dat we het allemaal nog begrijpen. Zo zou Google naar verluidt werken aan een nieuwe stopknop om machines met artificiële intelligentie te kunnen stoppen wanneer men alle controle dreigt te verliezen.

'Sociale' netwerken?

We noemen ze 'sociaal', maar wat hebben ze daarvan overgehouden? Het gevaar schuilt erin dat ze ons net minder sociaal en verslaafd maken ... "Wanneer komen er echt sociale netwerken?", protesteert de filosoof die ijvert voor een nieuwe digitale cultuur. Volgens hem is positieve disruptie een weldoordachte en beredeneerde ontwrichting, waarbij er geen structuren worden ontmanteld of de mens heimelijk door machines wordt vervangen. Het is er veeleer één waarbij de limieten en doelen duidelijk worden afgebakend en verkondigd. Lees: totaal het tegenovergestelde van de uberisering.

Automatisering kan een verstandige remedie zijn voor zover ze enorme mogelijkheden biedt, een nieuwe economische solvabiliteit tot doel heeft en een ware collaboratieve economie tot stand brengt. Disruptie? Zeker, maar dan wel positieve.

(Bronnen: https://ondernemingen.bnpparibasfortis.be/nl, filosofie en management)

Discover More

Contact
Close

Contact

Klachten

Zou u onderstaande vragen kunnen beantwoorden? Zo kunnen wij uw aanvraag sneller en op een meer geschikte manier behandelen. Alvast bedankt.

Is uw onderneming/organisatie klant bij BNP Paribas Fortis?

Mijn organisatie wordt bediend door een Relationship Manager:

Uw boodschap

Bedankt

Uw bericht is verzonden.

We antwoorden u zo snel mogelijk.

Terug naar de huidige pagina›
Top