Article

06.11.2019

5 acties die u nu moet ondernemen voor een geslaagd fiscaal eindejaar

Het succes van uw bedrijf hangt niet enkel af van de kwaliteit van uw producten of diensten. Zonder een doeltreffende fiscale en financiële optimalisatie loopt u misschien kostbare winsten mis. U bent aan zet!

Het einde van het kalenderjaar is in zicht. De feestdagen staan voor de deur, maar ook de afsluiting van de jaarrekeningen komt eraan. Net als bij de kerstcadeaus wacht u maar beter niet tot het laatste moment om ook uw bedrijf nog wat extra in de watten te leggen. Er bestaan trouwens verschillende financiële en fiscale manieren om 2019 in schoonheid af te sluiten. U hebt dus nog enkele maanden de tijd voor de nodige aanpassingen in uw boekhouding, om uw resultaat te optimaliseren of voor een extraatje voor uw medewerkers. Houd daarbij wel steeds uw financiën in de gaten! De bedoeling is dat u op 31 december perfect voorbereid bent om het oude jaar uit te wuiven. Klaar voor actie?

1. Een lichter aanslagbiljet

U kent het liedje intussen wel: om uw financiën zo goed mogelijk te optimaliseren, is een kleinere belastbare grondslag vaak de oplossing. Of met andere woorden: zorg ervoor dat het bedrag waarop uw belastingen worden berekend, lager is. Hoe precies? Bijvoorbeeld via de fiscale 'geschenken' die de wetgever voorziet. Er bestaan verschillende oplossingen, van de meest bekende tot de meest originele. Neem de tijd om ze te analyseren, te vergelijken en eventueel te combineren om er zo het maximale uit te halen.

2. Bekijk de planning van uw investeringen

Zal uw winst van dit jaar de verwachtingen overstijgen? Dat is schitterend nieuws, maar let wel op de fiscale terugslag. Als u investeringen hebt gepland voor 2020, dan is het misschien nog niet te laat om ze nog in 2019 door te voeren. Opnieuw een manier om uw belastbare grondslag te verkleinen. Als kers op de taart kunt u (in bepaalde specifieke gevallen) profiteren van de speciale (en tijdelijke) aftrek van 20%. Bovendien zal volgend jaar het einde worden aangekondigd van de degressieve afschrijvingen voor alle nieuwe investeringen ... Niet vergeten dus!

3. Betaal uw belastingen op voorhand

U hebt ongetwijfeld al eens gehoord van het principe van de voorafbetalingen op de belastingen. Maar wat betekent het concreet? Elk jaar hebt u vier momenten om het verschuldigde bedrag vooraf te betalen. Op die manier kunt u een vermeerdering – die bovendien alsmaar groter wordt – vermijden: in 2019 bedroeg ze voor vennootschappen 6,75%. Noteer dus zeker de volgende momenten in uw agenda: 10 april, 10 juli en 10 oktober, en vergeet zeker 20 december voor de laatste storting van 2019 niet. 

4. Leg uw medewerkers in de watten

Wie denkt aan de eindejaarsperiode, denkt aan cadeautjes. Het ideale moment dus om uw personeel te belonen voor hun harde werk. In België zijn er heel wat mogelijkheden om uw medewerkers net dat extraatje te gunnen dat het verschil maakt. Denk bijvoorbeeld aan fiscaal voordelige formules zoals loonbonussen gekoppeld aan collectieve doelstellingen of toegekend in de vorm van warrants. Opnieuw een win-win!

5. Bescherm uw liquiditeiten

Onthoud tot slot dat er in december vaak nog belangrijke, maar wel voorspelbare uitgaven komen. De eindejaarspremies bijvoorbeeld. Net als bij andere terugkerende en gerichte uitgaven (zoals vakantiegeld) hebt u er dikwijls alle belang bij om ze te financieren en zo te spreiden in de tijd. Een ideale en tegelijk fiscaal interessante oplossing om niet aan uw liquiditeiten te moeten raken.

Article

02.04.2019

Het succes van 'collectieve verloning'

Winstpremies en collectieve loonbonussen worden steeds populairder bij werkgevers. Waarom deze twee instrumenten voor variabele verloning zo populair zijn? Ze zijn administratief eenvoudig en worden minder zwaar belast!

De cijfers van hr-dienstverlener SD Worx bevestigen de trend: de winstpremie en de loonbonus worden steeds populairder in bedrijven, en in het bijzonder in kmo's. En terecht, want deze twee vormen van variabele verloning vallen buiten de loonnorm, zijn fiscaal voordelig en vrij eenvoudig in te voeren ... En dat laatste is ongetwijfeld een niet te verwaarlozen voordeel voor kleinere bedrijven. Bovendien zijn deze twee formules een uitstekende stimulans voor de werknemers, want via deze weg kunnen werkgevers hen belonen wanneer het bedrijf zijn doelstellingen haalt.

De winstpremie, nu al populair

De winstpremie bestaat sinds 1 januari 2018 en is dus het meest recente systeem waar werkgevers een beroep op kunnen doen. Het minste dat we kunnen zeggen, is dat het systeem een succes is, vooral dan bij kmo's van minder dan tien werknemers (55%) of zelfs minder dan vijf werknemers (41%). Volgens de cijfers van SD Worx 'delen' al 235 bedrijfsleiders hun winst met hun medewerkers, iets meer dan 12.000 in totaal. En het systeem bestaat nog maar een jaar ... Deze resultaten zijn nog vrij gematigd, maar de trend is alvast zeer interessant, want sinds juli 2018 zijn deze cijfers verdubbeld. Ook volgens SD Worx krijgt de begunstigde werknemer gemiddeld 920,54 euro bruto, wat neerkomt op een nettobedrag van 744,21 euro. 

Makkelijk in te voeren

Concreet kan de werkgever kiezen uit twee soorten premies:

  • een 'identieke' premie voor het voltallige personeel: ofwel een vast bedrag, ofwel een percentage van het brutoloon;
  • of een 'gecategoriseerde' premie op basis van zes objectieve criteria: anciënniteit, graad, functie, weddeschaal, vergoedingsniveau en vormingsniveau.

Het feit dat de winstpremie populair is bij kmo's, komt onder meer omdat ze makkelijk in te voeren is, zeker als de werkgever kiest voor de identieke premie. In dat geval volstaat een beslissing van de algemene vergadering. Die beslissing moet de volgende elementen bevatten: het identieke bedrag van de premie of het identieke percentage van het loon (en de berekeningswijze), een eventuele anciënniteitsvoorwaarde voor de toekenning en de toekenningsregels naar rato in geval van schorsing of vrijwillige opzegging van de arbeidsovereenkomst. De werkgever moet zijn werknemers ook schriftelijk op de hoogte brengen. Bij een gecategoriseerde winstpremie is een collectieve arbeidsovereenkomst nodig.

Win-winoperatie

Deze variabele vorm van verloning biedt ook een sociaal en fiscaal voordeel. De premie is immers niet onderworpen aan de betaling van sociale bijdragen. Aangezien het evenwel gaat om een uitgave die niet aftrekbaar is als personeelskost, is de vennootschapsbelasting (29,58%) van toepassing. Voor de werknemers blijft een RSZ-solidariteitsbijdrage van 13,07% en een roerende voorheffing van 7% van toepassing ... 

De loonbonus wint steeds meer terrein

De collectieve loonbonus (cao 90) bestaat op zijn beurt al meer dan tien jaar en weet almaar meer werkgevers te overtuigen, vooral kmo's met 20 tot 49 medewerkers. Bij SD Worx doen 2.502 bedrijven een beroep op deze bonus voor in totaal bijna 180.000 werknemers. Dat zijn respectievelijk 7% meer werkgevers en 15% meer werknemers vergeleken met 2017. We merken bovendien op dat de begunstigde werknemers gemiddeld kunnen rekenen op een brutobedrag van 1.039,79 euro, wat neerkomt op 903,89 euro netto. In de praktijk is de loonbonus gekoppeld aan collectieve doelstellingen en volledig aanpasbaar, maar moet hij evenwel worden vastgelegd voor een minimale referteperiode van drie maanden.

Wat kiezen?

Hoewel de loonbonus interessanter is voor de werknemer omdat enkel de RSZ-solidariteitsbijdrage van 13,07% verschuldigd is, is hij iets minder voordelig voor de werkgever. Dit systeem is immers aftrekbaar van de vennootschapsbelasting, maar onderhevig aan een werkgeversbijdrage van 33%. In elk geval bieden zowel de winstpremie als de loonbonus onmiskenbare voordelen, zeker ten opzichte van de individuele loonbonus. Bij zo’n individuele loonbonus wordt het nettobedrag van de werknemer immers voor 35% belast.

Optimaliseer uw variabele verloning

Iedereen is het erover eens dat er bij beide instrumenten nog heel wat ruimte voor verbetering is, zeker bij de winstpremie, de jongste van de twee. Ze vormen weliswaar een grote troef voor werkgevers. Hier en daar kan zeker nog wat worden bijgeschaafd, zodat alle voordelen gekoppeld aan doelstellingen (collectieve loonbonus cao 90, winstpremie, warrants enz.) zo goed mogelijk kunnen worden gecombineerd met de klassiekere premies en bonussen.

Article

06.11.2019

Welke medewerker wordt als eerste beloond in uw bedrijf? U?

Het is en blijft een feit: de loonkost is een zware last voor de bedrijven in ons land. Het goede nieuws is wel dat er andere manieren zijn om uw personeel te belonen.

Een individuele premie in cash is zeer duur... zeker voor wat er voor de werknemer uiteindelijk van overblijft. Gelukkig bestaan er ook heel wat interessantere oplossingen. Dacht u bijvoorbeeld al aan een bonus, een winstpremie of warrants? Of aan individuele of collectieve extra's, al dan niet gebonden aan de prestaties? U hoeft maar te kiezen! Bedrijven beschikken inderdaad over een breed scala aan oplossingen om hun medewerkers te belonen. Een uitstekende manier om hun teams te blijven motiveren of om nieuw talent aan te trekken (en ook te houden). Bovendien heeft elk systeem ook een reeks troeven voor uw bedrijf, met name op fiscaal vlak. Uitkiezen is dus de boodschap!

1. Warrants: uw keuze voor optimalisatie

Via deze eerste mogelijkheid kunt u een medewerker individueel een financiële zekerheid toekennen. Op die manier kan hij aandelen kopen of verkopen tegen een vooraf bepaalde prijs (volgens een reeks modaliteiten). De werknemer is vrij om zijn warrants de volgende dag al tegen hun beurswaarde van de dag door te verkopen of om even af te wachten en ze later te verkopen met een eventuele meerwaarde. Hij kan ook beslissen om ze om te zetten in aandelen van de onderliggende bevek. Een flexibel en eenvoudig instrument dus om het loon van uw personeel te optimaliseren. Hebben warrants nog andere voordelen?

  • Uw medewerker ontvangt netto een stuk meer dan met een premie in cash, omdat hij enkel een (bevrijdende) bedrijfsvoorheffing moet betalen.
  • En voor de werkgever? Als werkgever hoeft u geen sociale bijdrage te betalen. Beter nog, de warrants zijn fiscaal aftrekbaar.

2. De winstpremie: een deel van het bedrijfsresultaat

De winstpremie is nog nieuw in de Belgische bedrijfswereld en is een collectief voordeel: alle werknemers van het bedrijf moeten dit voordeel dus krijgen. De winstpremie is niet gekoppeld aan individuele resultaten, maar kan discretionair zijn (op basis van de functie of de anciënniteit). In dat geval is een ondernemingsovereenkomst nodig. De winstpremie is wel gekoppeld aan één essentiële voorwaarde: het bedrijf moet uiteraard winst maken. Is dat bij u het geval? Dan kunt u het toegekende bedrag vrij vastleggen. De bedragen mogen echter niet hoger zijn dan 30% van de loonmassa. U hoeft geen RSZ-bijdrage te betalen, maar deze vorm van beloning is wel onderworpen aan de vennootschapsbelasting.

3. Het bonusplan cao 90: collectieve doelstellingen bereikt

Achter de naam 'niet-recurrent resultaatsgebonden voordeel' schuilt een extraatje voor uw medewerkers dat gebaseerd is op de verwezenlijking van collectieve (en dus onzekere) doelstellingen die gekoppeld zijn aan duidelijke criteria. Deze bonus moet bovendien het voorwerp zijn van een ondernemingsovereenkomst of een toetredingsakte. Concreet mag deze bonus niet hoger zijn dan 3.383 euro bruto per werknemer (voor 2019). Netto zal hij hier zo'n 2.940 euro van overhouden. Het bonusplan is volledig fiscaal aftrekbaar voor de werkgever. Hij moet hier echter wel een speciale bijdrage van 33% op betalen.

Keuze te over dus. Kies evenwel vooral voor een bonusstrategie die zowel voor uw bedrijf als voor uw personeel optimaal is.

Article

24.10.2016

Kilometervergoeding voor elektrische fiets niet altijd fiscaal vrijgesteld

Werknemers die met de fiets naar het werk rijden, kunnen een fietsvergoeding krijgen tot 22 eurocent per kilometer. De regeling geldt in principe ook voor elektrische fietsen. Sommige modellen zoals de speed pedelec, vallen echter uit de boot.

De elektrische fiets wint terrein: ruim één op vier verkochte tweewielers is een elektrisch exemplaar.  Steeds meer mensen gebruiken hun fiets ook om te pendelen. Werkgevers kunnen hun fietsende medewerkers een fietsvergoeding uitbetalen. Tot 0,22 EUR per kilometer is die vergoeding fiscaal onbelast. Het moet dan wel gaan om een “klassieke” elektrische fiets:

  • met een maximumsnelheid van 25 km/u;
  • met een motor van maximum 250 watt;
  • met trapondersteuning, wat betekent dat de fietser ook moet trappen, er mag dus geen sprake zijn van een autonome motor.

Niet voor speed-pedelecs

Die voordelige regeling geldt dus niet voor speed pedelecs, zeg maar de Formule 1-versie van de elektrische fiets. Speed pedelecs kunnen snelheden tot 45 km/u halen. Sinds 1 oktober moeten bestuurders daarom een helm, rijbewijs en verzekering hebben.

Voor alle duidelijkheid: pendelaars die gebruik maken van een speed pedelec kunnen wel degelijk een kilometervergoeding krijgen van hun baas. Maar die uitkering wordt dan wel  beschouwd als een belastbaar inkomen. De werknemer zal dus zowel RSZ als bedrijfsvoorheffing moeten betalen. Op die regel bestaat één uitzondering: medewerkers die kiezen voor een forfaitaire aftrek van hun beroepskosten. Zij hebben recht op een fiscale vrijstelling van maximum 380 EUR.

Wat met bedrijfsfietsen?

Werkgevers kunnen hun medewerkers een fiets ook ter beschikking stellen. Alle kosten die daaruit voortvloeien, onder andere het onderhoud, zijn vrijgesteld van belastingen. Voorwaarde is dat de medewerker de fiets daadwerkelijk gebruikt voor zijn woon-werkverkeer, al zijn zuivere privé-verplaatsingen ook toegestaan. Deze regeling geldt alleen voor de klassieke elektrische fietsen. Speed pedelecs vallen (opnieuw) niet onder deze fiscale vrijstelling.

(Bron: Partena)
Article

11.12.2016

Waarom het Europees Hof van Justitie het einde van de fairness tax aankondigt

Volgens de advocaat-generaal van het Hof van Justitie is de fairness tax in strijd met de Europese fiscale regelgeving. Maar wat zijn de gevolgen voor de Belgische bedrijven en de begroting van de Belgische staat?

Sinds aanslagjaar 2014 zijn binnenlandse vennootschappen en Belgische inrichtingen van buitenlandse vennootschappen onderworpen aan de fairness tax. Deze belasting werd in het leven geroepen door de regering Di Rupo. Het gaat om een afzonderlijke aanslag van 5,15% bij de uitkering van dividenden die niet effectief belast worden in de vennootschapsbelasting omwille van de toepassing van de aftrek van overgedragen fiscale verliezen of van risicokapitaal.

Waar draait het precies om?

Bij de invoering van de fairness tax wilde de regering een minimumbelasting opleggen aan bedrijven die geen (of weinig) belastingen betalen via het mechanisme van de fiscale aftrek. Probleem: bij de invoering van deze taks rezen meteen vragen over de verenigbaarheid van deze wetgeving met het fiscaal recht in de Europese Unie.

Fortum Project Finance, een Belgisch filiaal van een Fins bedrijf, diende in februari 2014 een verzoek om nietigverklaring van deze taks in bij het Grondwettelijk Hof. Naar aanleiding van dit verzoek stelde het Grondwettelijk Hof drie vragen aan het Europees Hof van Justitie:

  • Is de fairness tax een bronbelasting die verboden is volgens de Europese Moeder-dochterrichtlijn?
  • Zijn de dividenden die Belgische vennootschappen ontvangen, die niet zijn vrijgesteld in België, in strijd met de richtlijn?
  • Gaat het verschil in behandeling tussen Belgische vennootschappen en Belgische inrichtingen van buitenlandse vennootschappen in tegen de vrijheid van vestiging in de Europese Unie?

Verenigbare taks maar toch onder vuur

Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft uiteindelijk haar oordeel geveld, maar dat advies blijft in zeker opzicht toch genuanceerd. De advocaat-generaal van het Hof van Justitie oordeelt immers dat de fairness tax &ldquo strijdig is met de Europese regelgeving ”, maar vindt wel dat de maatregel verenigbaar is met de vrijheid van vestiging die wordt bekrachtigd in de teksten en verdragen. Het probleem ligt meer bepaald bij de richtlijn voor moeder- en dochtervennootschappen in België. Volgens die richtlijn moeten dividenden die door een dochtervennootschap worden uitgekeerd aan haar moedervennootschap worden vrijgesteld van bronbelasting (onder voorwaarden). En dat is precies wat de fairness tax ter discussie stelt.

Ook een politieke inzet

“Er valt een lijk uit de kast”, zei minister van Financiën Van Overtveldt naar aanleiding van het advies van de advocaat-generaal. Zonder nu al een schatting te geven, kunnen de gevolgen voornamelijk vanuit budgettair standpunt immens zijn volgens de minister. De minister geeft bovendien aan “altijd grote twijfels te hebben gehad” bij deze taks. “En die twijfels worden nu bevestigd door het Hof.” De regering verduidelijkt dat ze momenteel werkt aan een hervorming van de vennootschapsbelasting om “deze belasting rechtvaardiger te maken voor kmo's”. Die werkzaamheden verlopen echter in een gespannen sfeer.

De Parti Socialiste blijft de minimale belasting inmiddels te vuur en te zwaard verdedigen. In de Waalse krant l'Avenir vermoedt Laurette Onkelinx, fractieleider in de Kamer, dat de minister profiteert van een “technische opmerking van de advocaat-generaal om multinationals een fiscaal cadeau te doen”. Ze pleit ervoor om “deze minimumbelasting te behouden, (...) een kwestie van fiscale rechtvaardigheid en tegemoetkoming voor de inspanningen die van de bevolking worden gevraagd.”

Discover More

Contact
Close

Contact

Klachten

Zou u onderstaande vragen kunnen beantwoorden? Zo kunnen wij uw aanvraag sneller en op een meer geschikte manier behandelen. Alvast bedankt.

Is uw onderneming/organisatie klant bij BNP Paribas Fortis?

Mijn organisatie wordt bediend door een Relationship Manager:

Uw boodschap

Typ de code die in de afbeelding wordt getoond:

captcha
De Bank verwerkt uw persoonsgegevens overeenkomstig de Privacyverklaring van BNP Paribas Fortis NV.

Bedankt

Uw bericht is verzonden.

We antwoorden u zo snel mogelijk.

Terug naar de huidige pagina›
Top