Article

18.05.2018

Zullen privésteden de ontwikkeling van smart cities stimuleren?

Een aantal techreuzen is van plan eigen privésteden te bouwen. Omdat deze futuristische, digitaal uitgeruste steden tal van innovaties onder de aandacht zullen brengen, kunnen deze projecten wellicht helpen de ontplooiing van smart cities te versnellen.

De toplui van enkele internetgiganten lijken opeens in de ban te zijn geraakt van stadsplanning. Zo kondigde Microsoft-oprichter Bill Gates onlangs aan dat hij een digitale stad wil bouwen in Arizona met de naam Belmont, en onthulde Eric Schmidt, voorzitter van Google-moederbedrijf Alphabet, zijn Sidewalk Toronto-project.

De projecten staan dan nog wel in de kinderschoenen, maar er staat veel op het spel. Smart cities vormen een gigantische toekomstige markt die overal ter wereld snel aan belang zal winnen. Door eigen steden te bouwen en aanzienlijke investeringen te doen, kunnen grote internetspelers volop experimenteren in levensechte omstandigheden. Ze kunnen er innovatieve technologieën ontwerpen, testen en aan de hele wereld tonen die in de nabije toekomst kunnen bijdragen aan het beheer van megasteden. We moeten er wel bij vertellen dat ze eerder volgers dan pioniers zijn, aangezien er al enkele hoogtechnologische modelsteden met privémiddelen zijn gebouwd in Azië en op het Amerikaanse continent. Zullen al die projecten echt de snelle opkomst van smart cities bevorderen? Louter technologisch gezien kunnen we daar wel van uitgaan.

De ultieme smart city?

In Zuid-Korea, vlakbij Seoel, werd de futuristische stad Songdo gebouwd. Prijskaartje: 35 miljard dollar, volledig betaald met privégeld. De stad is 610 hectare groot en staat vol nieuwe, volledig gedigitaliseerde flatgebouwen. Songdo gaat prat op zijn geavanceerde digitale technologie en indrukwekkende milieuvriendelijke systemen. Deze volledig operationele slimme stad met 120.000 inwoners is haar rivalen meerdere stappen voor. De lokale overheid heeft initiatieven op basis van digitale technologie ontplooid om de werking van de stad te optimaliseren en het dagelijks leven van de inwoners te stroomlijnen. Zo wordt bijvoorbeeld het autoverkeer geregeld met een state-of-the-art-systeem. Zodra een auto zijn parkeerplek verlaat, wordt de nummerplaat gescand. De gegevens worden vervolgens naar een beheerplatform gestuurd dat berekent hoeveel auto's er rijden of de weg opkomen om het verkeer realtime in goede banen te leiden. Daarnaast hangen er zowat 500 camera's en zijn er een heleboel sensoren geïnstalleerd in het straatmeubilair, die gegevens over het aantal rijdende bussen en hun precieze locatie naar het centrale beheersysteem sturen.

De resultaten staan in verhouding tot de gebruikte middelen: er zijn geen files meer. Het openbaar vervoer is nooit te laat en altijd veilig. De politie heeft toegang tot de gegevens van de sensoren en camera's, en is daardoor snel ter plaatse bij incidenten. Songdo heeft ook op het vlak van duurzaamheid een straatlengte voorsprong op haar rivalen: 99% van de stadsparkings bevindt zich ondergronds en het huishoudelijk afval wordt via leidingen rechtstreeks naar de recyclagefabriek vervoerd. De regenwatertanks en het filtersysteem liggen onder de golfbaan en alle gebouwen hebben zonnepanelen. Het stadsbestuur houdt ook het energieverbruik van elk gebouw nauwlettend in het oog om de kosten en vervuiling in te perken, en eventuele overschotten te verdelen.

Songdo prijkt met recht bovenaan op de lijst van slimme steden. Alleen doet de werking nog enkele vragen rijzen. Aangezien de privéstad in handen is van een consortium van beleggers, worden democratische principes zoals gegevenstransparantie en maatschappelijke dialoog niet in de praktijk gebracht. Hoewel sommigen zich zorgen maken over het centrale toezicht door de stadseigenaren, is Songdo technologisch gezien een schoolvoorbeeld en zal haar model weldra in heel Azië weerklank vinden. Het concept brengt wel een onrustwekkend aspect aan het licht: het lijkt eenvoudiger om een slimme stad van nul te bouwen dan een bestaande stad te transformeren.

Van nul beginnen

In Zuid-Florida werkt voormalig footballspeler en selfmade miljonair Syd Kitson aan zijn Babcock Ranch, een futuristische, volledig verbonden en 'groene' stad. Alle elektriciteit wordt opgewekt met zonne-energie in een zonnepark aan de rand van de stad. Langs de straten staan ook zonnepanelen die de afzonderlijke huizen van stroom voorzien. Als eigenaar van deze kleine slimme stad van 370 km² besloot Syd Kitson een aantal maatregelen te nemen om de hele onderneming nog veel milieuvriendelijker te maken. Benzinewagens zijn niet welkom in Babcock Ranch. Elektrische voertuigen zijn toegestaan, maar er gelden quota.

Kitson wil niet alleen de CO2-uitstoot beperken, maar ook het aantal voertuigen stabiel houden. De circulaire economie krijgt voorrang: fruit en groenten worden verbouwd in de nabijgelegen velden en boomgaarden, en worden verkocht aan lokale winkels en de restaurants van de stad. Omdat Kitson de enige eigenaar is van de stad, voelt de hele benadering wel ietwat autoritair aan. De resultaten zijn echter onbetwistbaar: er is geen vervuiling. Door Babcock Ranch van a tot z te ontwerpen en op te bouwen, en strikte werkingsregels te hanteren, behaalt Kitson resultaten ver boven het gemiddelde en bewijst hij dat zijn methode werkt.

In dezelfde stijl, maar op een veel grotere schaal, bereidt de vastgoedbeleggingsgroep van Bill Gates, Belmont Partners, de bouw van Belmont voor, een stad met technologie ingebed in zijn DNA. Belmont Partners heeft een groot stuk land gekocht in Arizona, op ongeveer honderd kilometer van Phoenix. Belmont moet zo groot worden als Parijs en een heus laboratorium worden voor experimenten rond het concept van smart cities. Zo worden de nieuwste technologieën voor zelfrijdende auto's er getest en innovaties ontplooid op het vlak van groenbeheer in het standslandschap, het gebruik van duurzame energiebronnen en het opzetten van lokale voedselvoorzieningsketens.

Ook Bill Gates wil een rol spelen bij het uittekenen van de slimme steden van de toekomst. Volgens hem is het eenvoudiger om de technologieën voor smart cities te testen en te integreren in een nieuwe stad dan om een bestaande stad om te bouwen. Bestaande steden hebben doorgaans te maken met een lange bouwkundige geschiedenis. In theorie is het veel gemakkelijker om te werken op een braakliggend terrein.

Google deelt dezelfde visie. Sidewalk Labs, het smart city-bedrijf van Alphabet, is een baanbrekend partnerschap aangegaan met de stad Toronto om een kleine slimme stad te bouwen die volledig focust op digitale technologieën. Met dit waagstuk laat Google duidelijk zien wat het binnen het smart city-gebeuren wil bereiken. De internetreus is van plan zijn eigen testcentrum op te zetten om de technologieën te verfijnen die het goed doen in de praktijk en in de markt gebracht kunnen worden.

Publiek-private samenwerking

Een slimme stad is duidelijk niet het exclusieve terrein van de overheid. Ze kan alleen vorm krijgen als de privésector mee in het avontuur stapt en de nodige technologieën levert. Een publiek-private samenwerking is dus cruciaal, en de internetreuzen hebben dat goed begrepen. Het wordt een enorme uitdaging om slimme steden tot de norm te maken voor stadsontwikkeling in de 21e eeuw.

Laten we hopen dat dergelijke privésteden, van nul gebouwd en gebaseerd op digitale innovatie, de opkomst van echte maatschappelijk verantwoorde slimme steden zullen bevorderen. Slimme technologie mag per slot van rekening niet het enige criterium zijn om een stad toekomstbestendig te maken.

(Bron: BNP Paribas – L'Atelier)

Kan een modebedrijf ook succesvol zijn zonder de excessen van fast fashion? Zeker, zo bewijst Jean Chabert met Stanley/Stella, dat op maat gemaakte kleding van biologisch katoen produceert.

“We willen een gamechanger zijn”, vertelt Jean Chabert, CEO van Stanley/Stella. “Toen ik geboren werd, 62 jaar geleden, leefden er 2 miljard mensen op onze planeet. Vandaag zijn we met 8 miljard. Dat is de realiteit, en dus moeten we ophouden met de uitputting van hulpbronnen. Menselijke activiteiten hebben altijd gevolgen, maar we moeten er wel voortdurend naar streven om onze parameters te verbeteren. Daar ligt ons engagement en dat hebben we in 2022 vastgelegd in een charter. We controleren ons hele ecosysteem en leggen de nadruk op mensen en op vertrouwen.”

Kleding als communicatiemiddel

Het B2B-bedrijf uit Brussel verkoopt kleding die dient als communicatiemiddel. Klanten van Stanley/Stella laten T-shirts, sweatshirts en hoody’s bedrukken, printen of borduren en bieden die gepersonaliseerde items aan hun eigen klanten aan. “We zitten in een ‘giveaway’-industrie en onze prijzen zijn minstens 50 procent hoger dan het gemiddelde. Maar wij bieden wel superieure kwaliteit én respect voor mensen”, aldus Chabert.

Biokatoen: de helft minder water

Vijftien van de 220 Stanley/Stella-werknemers zijn direct of indirect bezig met ESG (Environmental, Social, Governance). Ze controleren bijvoorbeeld of de afspraken over arbeidsomstandigheden en veiligheid op de productielocaties worden nageleefd. Het bedrijf koopt zijn biologisch katoen - geproduceerd zonder GGO (Genetisch Gemodificeerde Organismen), zonder pesticiden en met 70 procent minder waterverbruik dan conventioneel katoen - in India, Tanzania en Turkije. Vervolgens gaat Stanley/Stella in de hele productieketen langdurige verbintenissen aan met als streefdoel: minimale negatieve gevolgen voor mens en milieu. Een voorbeeld? 90 procent van de containers arriveert in de opslagloods in Duitsland per binnenvaartschip, de minst vervuilende vorm van transport.

Nadenken over alle effecten

“We moeten natuurlijk realistisch blijven”, nuanceert Chabert. “Bedrijven die levensvatbaar willen zijn, moeten ook winstgevend blijven. Om textiel te maken verbruiken we per definitie hulpbronnen. Dus denken we na over alle effecten. Onze activiteiten rond textieldecoratie houden we bijvoorbeeld in Europa, ook al is dat duurder. Het afvalwater met inkten en kleurstoffen wordt behandeld en hergebruikt. Voorlopig kunnen we niet vermijden dat elektriciteit in Bangladesh wordt opgewekt door gas. We checken hoe bereid een land is om daarin vooruitgang te boeken. En ondertussen compenseren we wat we niet kunnen vermijden.”

Vertrouwen en menselijkheid

“Vertrouwen is de kern van een goede relatie”, zegt Chabert. “Vroeger liep ik al eens tegen een cashflowprobleem aan. Ik zat aan mijn eigen vermogen en had jarenlang geen leningen. Lange tijd was ik 100 procent aandeelhouder. Uiteindelijk heb ik mijn kapitaal voor 40 procent geopend en kredieten aangevraagd bij BNP Paribas Fortis. We kennen elkaar ondertussen goed en ik hoef hen de beperkingen van mijn bedrijf niet uit te leggen, ze kennen de sector. Ze cofinancieren de voorraad, bieden een factureringsoplossing, ondersteunen onze ontwikkeling in de Verenigde Staten dankzij hun internationale netwerk, enzovoort.”

Vandaag gaat het Stanley/Stella voor de wind. In 2023 werd de omzet meer dan verdubbeld, tot 170 miljoen euro. Binnenkort hoopt het bedrijf ook zijn eerste passen te zetten in Japan en Zuid-Korea. Maar voor Chabert is het duidelijk: “Onze belangrijkste rijkdom staat niet op de balans. Dat zijn onze mensen.”

Stanley/Stella is klaar om de wereld te veranderen. Ontdek nog meer straffe verhalen van ondernemers.

 

We controleren ons hele ecosysteem en leggen daarin de nadruk op mensen en op vertrouwen.

Onze prijzen zijn minstens 50 procent hoger dan gemiddeld. Maar wij bieden wel superieure kwaliteit én respect voor mensen.

Het jonge Belgische Cohabs renoveert herenhuizen en maakt er goed uitgeruste, comfortabele en stijlvolle cohousingprojecten van. Ook het sociale en het milieuaspect is belangrijk in hun verhaal.

“De vastgoedmarkt is al een paar jaar erg krap. Een huis of een appartement vinden in de stad is niet eenvoudig. De economische situatie is niet ideaal voor nieuwe woonprojecten, maar de vraag naar woningen blijft wel hoog”, legt Youri Dauber uit, CEO van Cohabs. “De uitdaging? Verkaveling en betonnering tegengaan door de steden te verdichten. Daarnaast moeten we gebouwen energiezuiniger maken en, last but not least, oplossingen vinden voor eenzaamheid waaraan heel wat mensen over de generaties heen lijden.”

Cohabs heeft 2.500 kamers, verspreid over 150 gebouwen in Brussel, Parijs, New York, Madrid en Luxemburg. In de huur zitten alle kosten begrepen, zoals internet en een Netflix-abonnement, maar ook een schoonmaakdienst en het gebruik van de sportzaal, een cinemaruimte, de tuin en een coworkingspace. Om het samenleven te vergemakkelijken en eventuele frustraties uit te sluiten, voorziet Cohabs in alle huizen een aantal basisproducten, zoals toiletpapier, afwasmiddel, olijfolie en peper en zout. Via een app houden de Cohabs-bewoners van een stad contact en elke maand kunnen ze elkaar ontmoeten op een feest.

Niet alleen jonge professionals

“Toen we in 2016 startten, hadden we de doelgroep 25-35-jarigen voor ogen. Maar we kregen meteen heel veel aanvragen binnen van vijftigplussers”, vertelt Youri Dauber. “Mijn eigen ouders, die 75 zijn, pushten me om het concept ook open te stellen voor hun generatie. We beseften dat cohousing niet alleen voor jonge professionals is. Er zijn ook mensen in heel andere levensfases die door een soort overgangsperiode gaan. Vaak gaat dat gepaard met eenzaamheid, zoals bij een scheiding of iemand die zijn partner verloren heeft. We denken ook na over wat we gezinnen kunnen bieden. Die hebben grotere gemeenschappelijke ruimtes nodig en goed gedefinieerde voorwaarden. Zoals elk jong en innovatief bedrijf evolueren we gaandeweg. We leren met vallen en opstaan.”

Solidair en sociaal samenleven

De jonge bedrijfsleider staat geregeld versteld van het sociale avontuur dat samenleven kan zijn. “We hadden een 45-jarige Syrische vluchteling die wel wat zag in cohousing. Wij dachten dat samenleven met een groep twintigers nooit zou lukken. Maar we hadden het fout. De relaties die daar zijn opgebouwd waren zo rijk dat we nu samenwerken met de Franse ngo Singa. Ondertussen bieden we in een veertigtal van onze huizen solidaire kamers aan.”

Design, upcycling en een app

Het jonge bedrijf zet sterk in op design. Daarvoor werkt het samen met Lionel Jadot, de Belgische pionier in upcycling. Zijn aanpak past perfect in de milieufilosofie van Cohabs, dat zelf ook gerecycleerde materialen gebruikt voor renovaties. Ook zonnepanelen en het recupereren van regenwater horen bij dat verhaal. “EPC-score B of C halen, dat is ons doel. Voor oude gebouwen is dat uitzonderlijk goed”, gaat Youri Dauber voort. “We zijn CO2-neutraal en lid van 1% for the Planet.”

Klaar om samen grenzen te verleggen

Voor investeringen en de aankoop van nieuwe gebouwen kon Cohabs rekenen op de steun van BNP Paribas Fortis. “Zij lopen al mee in ons verhaal sinds ons derde pand. Toen waren we nog maar een klein bedrijfje, maar we vroegen wel aanzienlijke bedragen van een paar tientallen miljoenen euro’s. Maar ze hebben ons ondersteund en kredieten toegekend waardoor we ook konden groeien in het buitenland. Het is echt een samenwerking. Ze schenken ons hun vertrouwen en geloven in het potentieel van ons concept.”

Cohabs is klaar om de wereld te veranderen. Ontdek nog meer straffe verhalen van ondernemers.

Quotes

“In veertig van onze cohousinghuizen bieden we solidaire kamers aan voor mensen die willen herintegreren in de samenleving.”

“Mijn ouders van 75 pushten me om het concept ook open te stellen voor hun generatie.”

De Brusselse scale-up Optimy brengt vrijwilligerswerk, donaties, mecenaats- en sponsoractiviteiten van bedrijven samen op één platform. Daar zijn hun maatschappelijke gevolgen concreet meetbaar.

“Oorspronkelijk beschouwde ik mezelf niet als een sociaal ondernemer, al was ik wel bezig met sponsoring. Op vraag van onze klanten hebben mijn partners en ik een hele dienstverlening ontwikkeld die is uitgegroeid tot het meest uitgebreide platform op de markt”, zegt de CEO van Optimy, Kenneth Bérard.

Een van die klanten was de BNP Paribas Fortis Foundation, die maatschappelijk een groter verschil wou maken en die acties ook meer zichtbaarheid wou geven. “Het is voor bedrijven een must om een bijdrage te leveren aan de maatschappij. Dat genereert meerwaarde voor het bedrijf en voedt een positieve spiraal. Maar die maatschappelijke gevolgen moeten meetbaar zijn. Hoeveel kinderen worden er geholpen? Hoeveel bomen zijn er geplant? Welk effect heeft dat op de tevredenheid van de werknemers, op het imago, op de omzet? Ons model biedt dat allemaal aan. Bedrijven moeten dus niet telkens nieuwe modules aanschaffen als ze extra activiteiten willen toevoegen. Dat is volgens mij onze grote succesfactor. We zijn marktleider in Europa in onze sector en het enige bedrijf dat actief is in zowel Europa als Noord-Amerika.”

Persoonlijke begeleiding

“Veel bedrijven zitten vol goede bedoelingen. Ze willen een positief effect hebben op de samenleving, maar vaak ontbreekt het hen aan een goede methode om dat efficiënt te doen”, merkt de ondernemer op. “Ze hebben de neiging om al hun inspanningen los van elkaar te zien. Het Optimy-platform biedt daar een oplossing voor. Het is makkelijk samen te stellen en is servicegericht. We passen ons aan aan de processen van elke businessunit en elk bedrijf. Omgekeerd werkt het niet”, verzekert Kenneth Bérard. “Onze klanten zoeken geen technologie, maar wel begeleiding. We investeren in personalisering en dat loont, toont ook een tevredenheidsonderzoek bij onze klanten.”

Acties structureren

Het eerste advies dat Optimy altijd geeft aan bedrijven: versnipper je inspanningen niet, ze moeten één geheel vormen. “We raden bedrijven aan hun acties met behulp van ons instrument te structureren. Het beleid in maatschappelijk verantwoord ondernemen moet in lijn zijn met de waarden, het DNA en de bredere strategie van het bedrijf. En de acties moeten natuurlijk transparant en goed worden uitgevoerd.”

De juiste partner

De band die Optimy vanaf het begin had met BNP Paribas Fortis was doorslaggevend voor de groei van het bedrijf. “Het feit dat de bank ons volgt, heeft onze geloofwaardigheid vergroot bij onze partners, investeerders, klanten en ook intern. Nu zet ze voor ons een factoringservice op om onze groei verder te ondersteunen.”

De groei van Optimy werd eerst ondersteund door cashflow, wat ongebruikelijk is voor een technologiebedrijf. Vanaf 2019 kwam er financiering in het spel. Toen trad een Canadees fonds dat gespecialiseerd is in SaaS-bedrijven (Software as a Service) en verbonden is aan het prestigieuze Massachusetts Institute of Technology (MIT) tot het kapitaal.

Multiculturele verrijking

Zoals voor meer bedrijven is een van de grootste uitdagingen van Optimy de werving van nieuw talent. “Wij hebben die uitdaging kunnen omzetten in een troef”, besluit Kenneth Bérard. “We trekken talent aan uit het buitenland. In ons kantoor in Brussel werken zestig mensen van twintig nationaliteiten. Die multiculturaliteit is een enorme verrijking en heeft ons geholpen om internationaal door te breken.”

“Het beleid om maatschappelijk verantwoord te ondernemen moet in lijn zijn met de waarden, het DNA en de bredere strategie van je bedrijf”.

Article

06.09.2023

Nieuwe mobiliteit: de troef van technologie

Is technologie een troef voor de overstap naar nieuwe mobiliteit voor bedrijven? Dit vindt Philippe Kahn, Mobility Solutions Expert.

Onze samenleving ondergaat een duurzame transitie. Om daaraan bij te dragen moeten bedrijven hun mobiliteit heroverwegen. Sinds 1 juli 2023 voelen we de eerste gevolgen van het uitdoven van de fiscale aftrekbaarheid van bedrijfsvoertuigen met een verbrandingsmotor tegen 2026. Tegelijk maakt het federale mobiliteitsbudget deze (r)evolutie een pak concreter en werkbaarder. Eén ding is zeker: technologische tools, vooral applicaties, spelen een sleutelrol. Philippe Kahn, Mobility Solutions Expert bij Arval BNP Paribas Group, legt uit waarom.

1 juli 2023: een sleutelmoment

"In de weken na het scharniermoment van 1 juli 2023 zagen we de behoeften van onze professionele klanten al veranderen", legt Philippe Kahn uit. "Sommige bedrijven hadden al concrete stappen gezet naar een duurzame transitie. Maar in heel wat bedrijven rijzen nu pas veel concrete vragen en bezorgdheden van medewerkers die beantwoord moeten worden. Hoe kan ik een elektrische auto gebruiken als ik in de stad woon en er geen oplaadpunten beschikbaar zijn? Heb ik zin om elke twee dagen op zoek te gaan naar een betrouwbare plek om op te laden? En ben ik bereid om mijn mobiliteit fundamenteel te herzien? Voor werkgevers is het een prioriteit om op al die vragen een bevredigend antwoord te geven.”

Naast het beheer van een elektrische bedrijfswagen van a tot z, inclusief opladen, beginnen almaar meer ondernemingen hun globale mobiliteitsbeleid te herzien. Ze analyseren alle bestaande alternatieven, met name de multimodale. “En dat is uitstekend nieuws”, gaat Philippe Kahn verder. “Want het is een verplichte passage voor hun toekomst. Ik denk dat de vraag naar zo’n oplossingen steeds groter zal worden. Om daar vlot op in te spelen, zijn technologie en vooral apps een belangrijke troef."

Anticiperen om beter te dienen

Ondernemingen beginnen er meer en meer over na te denken, maar voor Arval BNP Paribas Fortis en Philippe Kahn is het al jaren een prioriteit. "We anticiperen al meer dan vijf jaar op de veranderingen die aan de gang zijn, met als doel een veel bredere mobiliteitsvisie en expertise te hebben dan alleen leasing. Vandaag hebben we trouwens een volledige afdeling die zich daar uitsluitend mee bezighoudt. Dankzij die expertise kunnen we tegemoetkomen aan en zelfs vooruitlopen op de behoeften van bedrijven. Die zitten vaak met vragen en voelen zich soms wat verloren in deze mobiliteitsrevolutie."

Een vereenvoudigde en vlottere ervaring dankzij technologie

Maar waarom en hoe speelt technologie een belangrijke rol in deze transitie naar een duurzamere mobiliteit van bedrijven? "Het maakt de ervaring van deze nieuwe mobiliteit eenvoudiger en gebruiksvriendelijker. De laatste marktontwikkelingen liggen in die lijn", antwoordt Philippe Kahn. "Dat geldt ook voor de nieuwe mobiliteitsapps die we onze zakelijke klanten voortaan aanbieden. Voor werkgevers vergemakkelijken ze het beheer van het mobiliteitsbudget dat de federale overheid invoerde. Dit budget met zijn drie pijlers is cruciaal om de mobiliteit te herdenken. Maar tegelijk hoort daar een zekere reglementaire complexiteit bij. Net om daarop in te spelen zijn we vijf jaar geleden al begonnen met de ontwikkeling van een hele reeks technologische tools die het beheer van het mobiliteitsbudget vergemakkelijken. Bijvoorbeeld om onze klanten in staat te stellen heel eenvoudig de gecombineerde keuze voor een elektrische wagen en een fiets te beheren binnen dat budget. Vanuit die innovatielogica, die gericht is op een aangename gebruikerservaring, integreren onze apps heel concreet alle facetten van de nieuwe professionele mobiliteit, toegankelijk via een smartphone. Gebruik van openbaar vervoer, deelmobiliteit, taxi's en zelfs parking, ook al behoort dat niet tot het mobiliteitsbudget: alles is op één plaats terug te vinden.”

Dit vergemakkelijkt ook het beheer van transacties. “Mobiliteitsaankopen voor een klein bedrag, zoals een busticket, worden onmiddellijk verrekend en gevalideerd. Er is geen manuele controle meer nodig. Volgens die logica moet er niets voorgeschoten of terugbetaald worden ... en hoeven dus ook geen tickets en andere aankoopbewijzen bewaard of beheerd te worden. Kortom: onze apps vereenvoudigen het mobiliteitsbudget door alle componenten op een gebruiksvriendelijke manier aan te reiken: auto, fiets, scooter, multimodaliteit, openbaar vervoer, gedeelde mobiliteit ..."

Technologie als strategische accelerator

Het innovatietraject dat Arval België uitstippelt, illustreert perfect waarom technologie een belangrijke accelerator is om nieuwe mobiliteitsstrategieën te implementeren. En uiteraard zal wat vandaag bestaat snel evolueren naar een steeds rijkere gebruikerservaring. Philippe Kahn: "Er bestaan al heel wat innoverende tools. Maar we moeten rekening houden met de Belgische complexiteit. Een van de uitdagingen is om alle betrokken actoren onder dezelfde koepel samen te brengen en het resultaat van die samenwerking in eenzelfde 'magische' app te gieten. Wat vandaag in België bestaat, heeft nog vaak een lokale draagwijdte. Zo’n beperking bestaat bijvoorbeeld niet in Nederland dankzij de OV-kaart. Ook de stedenbouwkundige realiteit van ons land is een uitdaging. Want de invoering van mobiliteitshubs buiten de grote stedelijke centra waar alle verplaatsingsmiddelen toegankelijk zijn, is niet zo gemakkelijk."

Eén ding staat vast: de transitie naar een nieuwe bedrijfsmobiliteit staat op de rails. En de nieuwe Arval Mobility App is een waardevolle tool voor onze bedrijven. "Technologische innovatie maakt het mogelijk om de reglementaire complexiteit voor werkgevers te verminderen en multimodaliteit concreet en gebruiksvriendelijk te maken voor hun werknemers", besluit Philippe Kahn.

Arval Belgium nv, Ikaroslaan 99, 1930 Zaventem – RPR Brussel – BTW BE 0436.781.102, nevenverzekeringstussenpersoon geregistreerd bij de FSMA onder het nummer 047238 A. Onder voorbehoud van aanvaarding van uw aanvraag.

Arval Belgium N.V. is een dochtermaatschappij van BNP Paribas Fortis N.V.

Discover More

Contact
Close

Contact

Zou u onderstaande vragen kunnen beantwoorden? Zo kunnen wij uw aanvraag sneller en op een meer geschikte manier behandelen. Alvast bedankt.

U bent zelfstandige, oefent een vrij beroep uit, start of leidt een kleinere, lokale onderneming? Ga dan naar onze website voor professionelen.

U bent particulier? Ga dan naar onze website voor particulieren.

Is uw onderneming/organisatie klant bij BNP Paribas Fortis?

Mijn organisatie wordt bediend door een Relationship Manager:

Uw boodschap

Typ de code die in de afbeelding wordt getoond:

captcha
Check
De Bank verwerkt uw persoonsgegevens overeenkomstig de Privacyverklaring van BNP Paribas Fortis NV.

Bedankt

Uw bericht is verzonden.

We antwoorden u zo snel mogelijk.

Terug naar de huidige pagina›
Top