Article

27.08.2018

Wat is JEFTA nu precies?

Japan en de EU hebben een historisch akkoord gesloten dat de grootste vrijhandelszone ter wereld oplevert. Een sterk gebaar gezien het protectionistische spel dat de VS spelen …

Een jaar na Canada (CETA) tekende de Europese Unie onlangs een zeer omvangrijk economisch en commercieel verdrag met Japan: JEFTA (Japan-EU Free Trade Agreement). Na vijf jaar onderhandelen raakten de twee partners het eens over een tekst die in 2019 in werking zal treden. Anders dan CETA — dat de Italiaanse regering nog altijd weigert te ratificeren — hoeft dit nieuwe verdrag niet apart door elk nationaal parlement te worden bekrachtigd. Het verdrag omvat namelijk geen bepalingen over de bescherming van investeringen en de oplossing van conflicten (arbitragesystemen). Door de verschillende lidstaten werd hieromtrent niet gedebatteerd, hetgeen nadien toch wel wat kritiek opleverde…

Een belangrijk economisch verdrag

De omvang van het verdrag is groot: het gaat om bijna één derde van het wereldwijde bbp, 40% van de wereldwijde handel en een groep van ruim 600 potentiële consumenten! Dit maakt JEFTA het grootste verdrag dat ooit door de EU is afgesloten. Op de VS en China na is Japan de grootste economische partner van Europa. Met dit verdrag versterkt het land zijn banden met de EU. De commerciële betrekkingen met Berlijn zijn overigens nu al uitstekend: Duitsland is de grootste Europese exporteur naar Japan. Ook vanuit België zit de export naar de Japanse archipel de laatste jaren in de lift: wij staan op de 5de plaats in het Europees klassement. Andersom is België de Europese nummer 4 wat de import vanuit Japan betreft. In totaal kunnen 74.000 Europese bedrijven (waarvan 78% kmo's) naar Japan exporteren. Deze uitwisselingen zijn goed voor 600.000 rechtstreekse jobs binnen de EU. Volgens de experts zal de verkoop aan Japan met 16 tot 24% toenemen.

Op het programma: intensievere uitwisseling!

Dit verdrag is goed nieuws voor de Europese economie! Dankzij de verlaging van de Japanse douanetarieven, wordt de lokale markt — bijna 127 miljoen consumenten — opengezet voor de voornaamste landbouwproducten (85%) van de Europese Unie, zoals chocolade, wijn en pasta. Vandaag moet een Europees bedrijf dat in Tokio chocolade wil verkopen, 30% invoerrechten betalen. Voor melk en kaas waren de besprekingen niet eenvoudig; ze resulteerden in een afschaffing van de (zeer hoge) taksen, maar met een overgangsperiode die wel 15 jaar kan duren. Ook voor runds- en varkensvlees worden de taksen geleidelijk afgebouwd. Bepaalde niet-voedselproducten, zoals schoenen, profiteren ook van de versoepeling. Volgens experts zullen de Europese ondernemingen samen tot wel een miljard euro aan douanekosten kunnen besparen …

De Japanse autosector schakelt naar een hogere versnelling!

Tokio heeft beloofd om ruim 200 ‘Europese producten’, waaronder de Jambon d’Ardenne, hetzelfde beschermingsniveau te bieden als in Europa. Suiker en rijst – symbolische producten die lokaal sterk worden gesubsidieerd – vallen buiten het verdrag. Maar wie een verdrag afsluit, levert ook iets in. De Europese invoerrechten op Japanse auto's – op dit moment bedragen die 10% - zullen verdwijnen. Ook dit wordt geleidelijk aan toegepast (over een periode van 7 jaar). Auto-onderdelen (waarop op dit moment 3% taks wordt geheven) worden ook vrijgesteld van invoerrechten en dat vanaf het moment dat het verdrag in werking treedt.

Niet iedereen is blij…

Net als CETA (en TAFTA) heeft het verdrag met Japan niet enkel voorstanders. Het ‘geheime’ karakter van de besprekingen roept vragen op. Vooral de ‘samenwerking op regelgevingsgebied’ die JEFTA voorziet, maakt volgens sommigen ‘een einde aan de laatst overgebleven niet-tarifaire handelsbarrières’ (dat zijn de verschillen in normen en regels). Een ander pijnpunt is dat het onderdeel over duurzame ontwikkeling niet bindend is… Volgens bepaalde milieu-ngo's is het verdrag zelfs tegenstrijdig: de verbintenissen inzake de strijd tegen klimaatverandering en de verwachte intensievere handel zijn onverenigbaar met elkaar, zo luidt het …

Article

01.07.2016

Belgische kmo’s in het buitenland: voor Sofico was internationaal gaan geen keuze

Sofico uit Gent verkoopt wereldwijd softwareoplossingen voor autofinanciering, leasing en fleet- en mobiliteitsmanagement. Hun doelgroep is niche: grote spelers in rijpe markten.

Offerte, contract, verzekering, tankkaart, onderhoud, winterbanden, herstellingen, boetes... er komt veel kijken bij een leasecontract. Zeker omdat er een grote verscheidenheid aan lokale wetgevingen en commerciële gebruiken bestaat. Wim Bauwens (marketing en communicatie Sofico):

“Ons softwarepakket Miles bestrijkt de hele levenscyclus van dergelijke contracten. Het is een mondiale oplossing, maar met een lokale implementatie, aangepast aan de markt en het bedrijf.”

Sofico werd opgericht in 1988. Het bedrijf telt 190 medewerkers, waarvan 45 in Australië, 25 in Japan en 20 in Frankrijk. De doelgroep zijn grote leasebedrijven, pakweg vanaf 5.000 wagens. Voor kleinere aantallen is het sop de kool niet waard, want de investering is zwaar. Internationaal gaan was dan ook geen keuze, maar een must.

Wim Bauwens:

“In België waren er een tiental potentiële klanten. Nederland was een logische eerste internationale stap. Kort daarna, midden jaren 90, vroeg een Australische leasemaatschappij of we voor hen wilden werken. Eerst stuurden we mensen voor telkens een paar maanden naar ginder, maar na enkele jaren hebben we er een kantoor opgezet.”

De volgende internationale stap kwam er op eigen initiatief: Sofico zette voet aan wal in Japan. Die markt vanuit Australië bespelen, dat gaat niet. Het bedrijf begon in 2012 met een prospectiekantoor en een drietal Japanse medewerkers om de markt te verkennen. Daar ging zo’n twee jaar over. Het kernsoftwarepakket veranderen is voor de klant een dure en ingrijpende beslissing met een lang beslissingstraject. Pas toen er klanten waren, werden de andere functies ingevuld. Sofico werkt daarvoor steeds samen met plaatselijke rekruteringsfirma’s. Wim Bauwens:

“Net als West-Europa is Japan een mature markt. Het land telt grote leasebedrijven, tot 100.000 wagens. Bovendien zijn er veel diensten aan het leasingcontract verbonden, wat het productmanagement ingewikkeld maakt. En het land heeft ook nog eens een complexe, gefragmenteerde markt op het vlak van wetgeving, want elke provincie heeft zijn eigen fiscale regels. Dat is de ideale omgeving voor een flexibel softwarepakket als het onze.”

Twee jaar prospecteren zonder klanten, dat kost geld. De aandeelhouders, die zelf in het bedrijf zitten, hadden het er graag voor over. Wim Bauwens:

“Sofico heeft een gezonde cashreserve op de balans. Het kan bovendien beslissingen nemen zonder dat externe aandeelhouders in zijn nek hijgen. Dat heeft geloond: we haalden snel een klant uit de Japanse top vijf binnen. Dat het management zelfstandig kan beslissen over investeringen, wierp in 2014 opnieuw vruchten af. Toen hebben we onze eerste overname gedaan: Car Systems, een Frans bedrijf dat truck leasing en kortetermijnverhuur doet. Een toevallige opportuniteit, die wel in onze strategie past: we willen niet alleen nieuwe landen bespelen, maar ook onze scope verbreden. Volgende prioriteit is de Amerikaanse markt. Er is interesse, maar de potentiële klanten herkennen hun product nog niet goed in onze Europese set-up. Die moeten we nog wat ‘veramerikaniseren’.”

Zich aanpassen aan lokale wetten en gewoontes zit in het DNA van Sofico. De IT-consultants werken in 19 verschillende landen. Ze hebben genoeg culturele gevoeligheid en flexibiliteit om te begrijpen dat elke cultuur zijn eigen kijk op de dingen heeft.

Wim Bauwens:

“Japanners zijn trots op hun cultuur en in de Japanse bedrijfscultuur hebben Japanse bedrijven duidelijk de voorkeur boven buitenlandse firma’s. Voor onze Japanse klanten zijn we een Japans bedrijf, ook al is de origine Belgisch. Als de Japanse collega’s onze Belgen over de vloer hebben, maken ze die graag cultureel wegwijs. Dat gaat goed. IT'ers zijn over de hele wereld een beetje hetzelfde slag mensen, hé.”

Article

28.03.2016

Wie schrijft overheidsopdrachten uit?

Van openbare zenders over postsorteercentra tot vormingsorganisaties – de aanbestedende overheden in ons land zijn even talrijk als divers.

De entiteiten die onder de Belgische regelgeving over de overheidsopdrachten vallen – samen de ‘aanbestedende overheden’ genoemd – zijn bijzonder verscheiden. Daar is onze complexe staatsstructuur met meerdere bestuursniveaus zeker niet vreemd aan.

Bovendien blijft hun aantal nog toenemen. Zo moeten sinds de wetswijziging van 1 juli 2013 ook onderwijsinstellingen, ziekenhuizen en organisaties uit de sociale sector de procedures voor overheidsopdrachten toepassen. Voor uw onderneming meteen een bijkomende potentiële afzetmarkt!

Wie zijn de aanbestedende overheden?

  • De Belgische federale structuur
    • De federale overheid: de verschillende federale overheidsdiensten, defensie, de instellingen voor openbaar nut en sociale zekerheid en overheidsbedrijven zoals Bpost of Belgacom
    • De drie gewesten: de eigen beleidsorganen van het Vlaams, Waals en Brussels Hoofdstedelijk Gewest, maar onder meer ook huisvestings- en vervoersmaatschappijen
    • De drie gemeenschappen: de bestuursinstanties van de Vlaamse, Franse en Duitstalige gemeenschap, media, culturele instellingen, regionale luchthavens, …
  • De lokale overheden
    • De 10 provincies: naast bestuursorganen en beleidsinitiatieven op provinciaal niveau ook o.a. provinciale ontwikkelingsmaatschappijen en scholen.
    • De 589 gemeenten: gemeentebesturen, intercommunales, hulpverleningszones, politiezones, …
  • De social-profitinstellingen
    Dit zijn rechtspersonen van niet-commerciële of -industriële aard die zijn opgericht om tegemoet te komen aan behoeften van algemeen belang. Om onder het toepassingsgebied van de wet te vallen, moeten ze minstens voor de helft op overheidsmiddelen draaien of onder controle of toezicht van de overheid staan. In de praktijk gaat het voornamelijk om:
    • scholen, hogescholen en universiteiten uit alle onderwijsnetten (officieel, gesubsidieerd officieel en vrij)
    • ziekenhuizen en andere organisaties binnen de sociale sector, zoals zorgvoorzieningen of vzw’s die vorming aanbieden.
Article

28.03.2016

Hoe verloopt een overheidsopdracht?

Overheidsopdrachten worden betaald met belastinggeld. Ze vallen dan ook onder een bijzonder rigoureus reglementair kader.

Een overheidsopdracht is een overeenkomst die een overheidsdienst of een organisatie uit de social-profitsector afsluit met één of meer marktpartijen om tegen vergoeding in haar behoeften te voorzien. Dat gebeurt volgens nauw omschreven regels en principes, onder meer voor de omschrijving, publicatie en toekenning van de opdracht.

Als uw onderneming zich op deze aantrekkelijke markt wil begeven, is het dan ook essentieel dat u de – vaak complexe – spelregels kent. Daarom zetten we de belangrijkste punten voor u op een rijtje:

Welke types overheidsopdrachten bestaan er?

Overheidsopdrachten zijn grofweg in te delen in drie categorieën, die de aanbestedende overheid onder bepaalde voorwaarden ook kan combineren:

Levering van goederen

Tot deze categorie behoren alle roerende goederen die een aanbestedende overheid nodig heeft om haar werking te verzekeren, van post-its tot gevechtshelikopters. Ze kan die zowel via aankoop, huur, huurkoop als leasing verwerven. Ook de plaatsing of installatie van de geleverde goederen vallen onder de opdracht.

Diensten

Dit opdrachttype betreft zowel materiële (zoals onderhoud, schoonmaak, catering of transport) als immateriële dienstverlening (zoals financiële diensten, consultancy, juridisch advies, technische ondersteuning of opleiding).

Dit gebeurt vaak in combinatie met een levering van goederen, zeker als de kostprijs van de diensten hoger ligt dan die van de goederen. Denk maar aan een ICT-bedrijf dat een softwarepakket aanlevert en tegelijk opleiding en ondersteuning moet voorzien voor honderden gebruikers.

Werken

Hieronder vallen het ontwerpen en/of uitvoeren van o.m. bouwkundige en civieltechnische werken voor een openbare opdrachtgever. Dit kan variëren van het bouwrijp maken van terreinen tot  grootschalige infrastructuurwerken, zoals autosnelwegen, bruggen of sluizencomplexen.

Goed om te weten: alleen erkende aannemers komen in aanmerking voor dergelijke opdrachten.

Welke regels en basisprincipes moeten overheden respecteren?

Aanbestedende overheden werken met belastinggeld, dat ze zo efficiënt mogelijk moeten beheren en besteden. Daarom zijn overheidsopdrachten aan strikte regels gebonden, opgenomen in een aantal Wetten en Koninklijke Besluiten.

Level playing field

Kort samengevat legt deze regelgeving de aanbestedende overheden op om zo economisch mogelijk in hun behoeften te voorzien. Ze hebben daarvoor een hele batterij aan mogelijke procedures ter beschikking, die erop gericht zijn de prijs te drukken door de vrije markt optimaal te laten spelen.

Echte mededinging is natuurlijk pas mogelijk als alle kandidaten met gelijke wapens mogen strijden. Daarom is elke aanbestedende overheid bij het uitschrijven van een opdracht verplicht om drie basisprincipes te volgen:

  • de opdracht moet voor iedereen toegankelijk zijn (bepaalde procedures kunnen weliswaar van dit principe afwijken)
  • alle kandidaten moeten dezelfde informatie krijgen en op dezelfde manier behandeld worden
  • de procedures, gehanteerde selectiecriteria en termijnen moeten volledig transparant zijn

Om dezelfde reden moet de overheid elke offerte in aanmerking nemen die voldoet aan de financiële, economische en technische criteria die zijn opgenomen in het lastenboek en de vormvereisten respecteert.

Wat betekent dit in de praktijk?

Om deze basisprincipes na te leven, moet de aanbestedende overheid:

haar behoeften duidelijk omschrijven

In deze voorbereidende fase zet de aanbestedende overheid nauwgezet uiteen voor welke behoefte ze een opdracht wenst uit te schrijven. Zo kan ze de totale waarde van de opdracht correct inschatten en de best aangepaste procedure kiezen.

Concreet stelt ze een tot in de puntjes uitgewerkt lastenboek op dat de verwachte prestaties beschrijft. Ze beslist in dit stadium ook of:

  • ze de opdracht alleen of samen met andere overheden uitschrijft
  • ze varianten of opties toestaat, waarbij kandidaten binnen bepaalde grenzen kunnen afwijken van het lastenboek 
  • ze de opdracht al dan niet opsplitst in ‘percelen’. Deze praktijk komt vaak voor bij omvangrijke of complexe dossiers en laat kandidaten toe een offerte in te dienen voor een gedeelte van de opdracht

de bekendmakingsregels naleven

Eenmaal het lastenboek is opgesteld, moet de aanbestedende overheid de opdracht aankondigen via de daartoe voorziene kanalen:

  • als het totale bedrag van de opdracht meer dan 85.000 euro (excl. btw) bedraagt, moet ze verschijnen in het Belgisch Bulletin der Aanbestedingen
  • als de totale waarde van de opdracht (excl. btw) volgende drempelbedragen overschrijdt, moet ze ook in het Publicatieblad van de Europese Unie worden gepubliceerd:
    • 5.186.000 euro voor werken
    • 207.000 euro voor leveringen en diensten. Voor nutssectoren en defensie ligt de drempel hier op 414.000 euro, voor centrale federale overheden op 134.000 euro.
  • voor kleinere bedragen is er geen bekendmakingsplicht. De aanbestedende overheid zal dergelijke opdrachten doorgaans wel op haar website of in de vakpers publiceren of ze zelf aan een selectie van potentiële leveranciers voorleggen.

Naast een gedetailleerde beschrijving van de opdracht moet deze publicatie ook de indieningstermijn voor de offertes en de selectie- en toekenningscriteria vermelden

de beste offerte kiezen

Na ontvangst van de offertes zal de aanbestedende overheid ze grondig analyseren en vergelijken, waarna de wet haar oplegt de ‘economisch voordeligste offerte’ te kiezen. Bij deze keuze staat de beste prijs of prijs-kwaliteitverhouding centraal, maar ook andere factoren spelen mee.

Zo moet uit uw offerte duidelijk blijken dat uw onderneming financieel, organisatorisch en logistiek voldoende sterk staat om de opdracht tot een goed einde te brengen. En uiteraard zal de aanbestedende overheid de offerte ook aftoetsen aan de gunningscriteria die ze voor de opdracht heeft vastgelegd (bv. beperkte CO2-uitstoot, snelste uitvoering, laagste gebruikskosten, enz.).

Deze weging gebeurt op basis van een puntenscore of een waardeschaal, die de overheid toelaat om op objectieve wijze de beste kandidaat te selecteren.

belangenconflicten vermijden

Het toekennen van een overheidsopdracht moet volledig onpartijdig gebeuren. Bij het minste vermoeden van mogelijke belangenvermenging – zoals familieleden die voor één van de kandidaten werken of (financiële) banden met een potentiële leverancier – moet de persoon die bevoegd is voor de opdracht zichzelf wraken.

Article

28.03.2016

Hoe kent de overheid een opdracht toe?

De procedures voor overheidsopdrachten zijn opgedeeld in twee grote categorieën:

  • een open procedure start met de bekendmaking van de opdracht via de geëigende kanalen, waarna elke geïnteresseerde onderneming een offerte mag indienen. Daarna volgt er één enkele beoordelingsronde met analyse van de offertes en toewijzing van de opdracht.

  • een beperkte procedure verloopt in twee fases: eerst publiceert de aanbestedende overheid een algemene oproep aan ondernemingen om zich kandidaat te stellen. Uit deze geïnteresseerden selecteert ze er dan een aantal – doorgaans minstens vijf – die volgens haar analyse over de beste troeven beschikken om de opdracht uit te voeren. In de tweede fase verzoekt ze deze kandidaten een offerte in te dienen, gevolgd door de gebruikelijke beoordelings- en toewijzingsronde.  

Welke offertes worden geselecteerd?

In principe moet de aanbestedende overheid elke ingediende offerte in aanmerking nemen, op voorwaarde dat ze afkomstig is van een onderneming die:

  • voldoet aan alle financiële, economische en technische minimumeisen vermeld in de aankondiging;
  • zich niet in een toestand van uitsluiting bevindt (bv. faling, fiscale of RSZ-schulden, …); en
  • een ‘regelmatige’ offerte indient: ze respecteert alle vormvereisten, speelt in op de behoefte die in de opdracht staat beschreven en bevat geen voorbehoud.

Welke kandidaat uiteindelijk de opdracht mag uitvoeren, hangt af van de gehanteerde selectiemethode, ook ‘gunningswijze’ genoemd:

  • Bij een aanbesteding gebeurt de toekenning puur op basis van de prijs: de kandidaat die de laagste offerte indient, haalt de opdracht binnen.
     
  • Bij een offerteaanvraag spelen meerdere selectiecriteria mee, elk met hun eigen gewicht, die in het lastenboek van de opdracht staan beschreven (naast prijs bv. ook milieu-impact, snelheid van uitvoering, materiaalkeuze, enz.). De opdracht gaat naarde offerte die na weging van deze criteria de hoogste score behaalt.
     
  • De onderhandelingsprocedure wordt vooral gebruikt voor moeilijk te begroten of dringende opdrachten. Ze is uitsluitend toegankelijk in de gevallen vastgelegd in de wet op de overheidsopdrachten.

    De procedure verloopt zoals een aanbesteding, zij het met één groot verschil: na ontvangst van de offertes nodigt de overheid een aantal kandidaten uit (minstens drie) om over hun voorstel te onderhandelen. Pas nadat ze hun offerte verder hebben kunnen verfijnen en aanpassen, vindt de definitieve toewijzing plaats.

    Een variant is de ‘onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking’. In dit geval beginnen de onderhandelingen meteen te lopen, zonder voorafgaande selectie.
     
  • Bij heel omvangrijke of complexe opdrachten – in de praktijk vaak publiek-private samenwerkingen –  is een concurrentiedialoog aangewezen. In dit geval overlegt de overheid al met de mogelijke kandidaten terwijl ze het lastenboek nog aan het opstellen is.

    In een eerste fase selecteert ze een aantal potentiële leveranciers, die ze uitnodigt om deel te nemen aan de dialoog. Daarin wordt gezamenlijk bepaald welke oplossing nodig is om optimaal in de behoefte van de overheid te voorzien.

    Eenmaal overeenstemming is bereikt, krijgen de kandidaten de mogelijkheid om een offerte in te dienen. De uiteindelijke toewijzing gebeurt op basis van de gunningscriteria die in overleg zijn vastgelegd.

Speciale procedures

  • Via een concessie voor openbare werken kan een aanbestedende overheid een partij de opdracht geven om werken op eigen kosten uit te voeren, in ruil voor de exploitatierechten van het uitgevoerde werk, eventueel aangevuld met een vergoeding (bv. bouw en uitbating van een ondergrondse parking of toltunnel).
  • Sinds 1 juli 2013 kan een aanbestedende overheid die een opdracht uitschrijft voor goederen of diensten voor dagelijks gebruik ook een elektronische veiling (E-auction) organiseren. Dit is een extra stap in het gunningsproces, nadat de offertes zijn binnengelopen.

    Eigenlijk gaat het om een ‘omgekeerde veiling’, bedoeld om de prijs zo veel mogelijk te drukken. Tijdens één of meerdere rondes kunnen de kandidaten telkens een lager bod uitbrengen voor (een deel van) hun offerte, waarna de partij met de laagste prijs de opdracht krijgt toegekend.

 

Goed om te weten

Een aanbestedende overheid die een procedure heeft gelanceerd, is niet verplicht de opdracht ook daadwerkelijk te gunnen. Blijkt bijvoorbeeld dat geen enkele kandidaat aan de vereisten voldoet of dat alle offertes het beschikbare budget overschrijden, kan ze beslissen om de opdracht niet toe te kennen of een nieuwe – eventueel verschillende – procedure op te starten. Ze moet deze beslissing weliswaar grondig motiveren.

Indien de opdracht in percelen is opgedeeld, kan de overheid – opnieuw mits motivatie – beslissen om maar een deel ervan te gunnen. De overige percelen kunnen vervallen of het voorwerp uitmaken van een nieuwe procedure.

Als het lastenboek dit uitdrukkelijk vermeldt, kan de opdracht één of meerdere keren worden verlengd – dezelfde leverancier blijft met andere woorden dezelfde diensten aanbieden. Normaal gezien mag de volledige termijn van de opdracht niet meer dan vier jaar bedragen.

Discover More

Contact
Close

Contact

Klachten

Zou u onderstaande vragen kunnen beantwoorden? Zo kunnen wij uw aanvraag sneller en op een meer geschikte manier behandelen. Alvast bedankt.

Is uw onderneming/organisatie klant bij BNP Paribas Fortis?

Mijn organisatie wordt bediend door een Relationship Manager:

Uw boodschap

Bedankt

Uw bericht is verzonden.

We antwoorden u zo snel mogelijk.

Terug naar de huidige pagina›
Top